Hervormingen bepleit in Saoedi-Arabië

DUBAI, 10 SEPT. Een prominente Saoedische zakenman, zoon van de vroegere minister van oliezaken Ahmed Zaki Yamani, heeft in een volgende maand in Engeland verschijnend boek een in zijn kringen zeldzame oproep gelanceerd voor hervormingen in zijn land.

In het boek, 'Een Saoediër te zijn', vraagt Hani Yamani onder andere om verkiezingen voor de nu benoemde koninklijke adviesraad, grotere vrijheid voor vrouwen en ook het vertrek van de Westerse troepen uit het land, wier aanwezigheid hij kostbaar en controversieel noemt.

Tegenover het persbureau AP ontkende Yamani de aanzet te willen geven tot de vorming van een nieuwe, liberale oppositie tegen het conservatieve regimne van koning Fahd. “Ik roep op tot evolutie, niet revolutie”, zei hij vanuit Parijs, waar hij een vakantie doorbrengt. Yamani (36), die is opgeleid in Engeland en de Verenigde Staten, woont in Jeddah.

Volgens Yamani moet zijn boek worden gezien als oproep tot een zeer noodzakelijk debat in het koninkrijk, en niet als kritiek op het bewind. Uit een recensie-exemplaar blijkt inderdaad dat hij de koninklijke familie prijst omdat zij het land heeft verenigd en in minder dan een eeuw in een moderne staat heeft veranderd. Tegelijkertijd roept hij onder andere op de Majlis al-Shura, een 90 leden tellend adviesorgaan, in een gekozen raad te transformeren. Dat zou de leden in staat stellen “de gevoelens van de meerderheid waarachtig te vertegenwoordigen (..) en op een onafhankelijke, niet-partijdige manier”.

Ter vervanging van de Westerse, met name Amerikaanse troepen in Saoedi-Arabië zou volgens Yamani de dienstplicht voor Saoediërs kunnen worden ingesteld. Een ander idee dat hij oppert is dat de regering een volledig uitgerust en bemand vliegdekschip huurt en dat in de Golf legt om eventuele agressoren af te schrikken.

Yamani vindt voorts dat zijn land miljoenen verspilt aan het salaris van chauffeurs voor vrouwen, die in Saoedi-Arabië niet mogen autorijden. “Hoe lang dulden wij dergelijke verspilling”, vraagt hij zich in zijn boek af. “Wanneer beginnen we het vertrouwen te tonen dat onze moeders, vrouwen, zusters en dochters terecht verdienen?” (AP)