Herstelbeleid voortzetten; SER: kabinet moet 1,5 mln banen maken

DEN HAAG, 10 SEPT. Het nieuwe kabinet moet 1,5 miljoen banen creëren zodat mensen die willen werken aan de slag kunnen. De uitkering van mensen die niet kunnen werken, moet worden verhoogd. Dat stelt de Sociaal-Economische Raad (SER) in het rapport 'Economische dynamiek en sociale uitsluiting'.

De opstellers van het rapport, een SER-commissie bestaande uit deskundigen, vindt dat er sinds 1982, het eerste kabinet-Lubbers (CDA en VVD), een succesvol herstelbeleid in Nederland is gevoerd. In het rapport worden tal van aanbevelingen gedaan die werkgelegenheid en het aanbod van arbeidskrachten moeten verhogen.

In de komende jaren moet er voor 1,5 miljoen mensen een baan worden gecreëerd; daaronder bevinden zich 500.000 werklozen, 200.000 arbeidsongeschikten, 230.000 55-plussers en 800.000 huisvrouwen en huismannen.

De SER onderschrijft de opvatting van het kabinet-Kok dat er naast een persoonlijk belang ook een groot maatschappelijk belang mee is gediend wanneer deze mensen aan een baan worden geholpen. “Een voortgezette inspanning om de participatie te verhogen, is noodzakelijk omdat de dreigende tekorten op de arbeidsmarkten via loonopdrijving de economische groei en de werkgelegenheidsgroei kunnen schaden. Ontgroening en vergrijzing dreigden daarnaast het draagvlak onder voorzieningen uit te hollen”, aldus de commissie.

De aanbevelingen van de SER zijn niet nieuw maar een verfijning van bestaand beleid en verhoging van de doelmatigheid. Werkgevers en werknemers moeten in de af te sluiten CAO's bijvoorbeeld meer en concretere afspraken maken over scholing. PvdA-minister Melkert (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) wil met de sociale partners daar in het najaar afspraken over maken. De scholing moet zich meer richten op de 'kwetsbare groepen' als allochtone werknemers, laag opgeleiden en ouderen.

De SER pleit ervoor om deeltijdwerk en een deeltijduitkering te combineren. Het grote aantal mensen met een deeltijdbaan is nadelig voor mensen met een uitkering. Zij kunnen moeilijk een deeltijdbaan aannemen, gezien de korting op hun uitkering. Daarnaast zouden werkgevers meer aandacht moeten geven aan de scholing van hun deeltijdwerkers.

De commissie is tegen een verlaging van het wettelijk minimumloon om zo de vraag naar arbeid te stimuleren.

De stap van sociale uitkering naar betaald werk moet aantrekkelijker worden gemaakt door de kosten voor de werkgever te verlagen. Daarnaast moet er meer energie worden gestoken in opleiding en scholing.