Detaillist weegt oud en nieuw

In de detailhandel bestaat verschil van opvatting over het succes van de verruiming van de winkeltijden. Consument en winkelbedrijf worden heen en weer geslingerd tussen traditie en vernieuwing.

DEN HAAG, 10 SEPT. De 24-uurs-economie duurt tussen de schappen en kassa's in Nederland slechts een uur of negen per dag. De Nederlander haalt graag nog even een boodschap na zessen, maar staat op de koopzondag niet in de rij voor het meubelpaleis. De verruiming van de winkeltijden, een symbool van de economische liberalisering die D66-minister Wijers (Economische Zaken) voorstaat, is na een jaar nog niet de voorbode van een nieuwe economische orde in Nederland.

De Nederlandse detailhandel, waarin 660.000 mensen werkzaam zijn, gaf gisteren twee verschillende lezingen over het succes van de openstelling in de avonduren en op de zondag. Bestuursvoorzitter J. Hessels van het warenhuis- en supermarktconcern Vendex (Vroom & Dreesmann, Dagmarkt...) maakte bij de presentatie van de halfjaarcijfers gewag van een 'absoluut' succes van de openstelling op de extra koopavonden en koopzondagen. De Nationale Winkelraad van MKB Nederland, waarbij 40.000 winkels zijn aangesloten, concludeerde uit een enquête dat het succes van de verruimde winkelopenstelling “niet overweldigend is”.

De verschillende belevingen maken duidelijk hoe zeer de Nederlandse consument en het winkelbedrijf heen en weer worden geslingerd tussen traditie en vernieuwing. De nieuwe winkeltijdenwet die vorig jaar werd aangenomen was in feite een compromis tussen deze twee met een lichte triomf voor de liberalisering: wel verruiming van de tijden in de avond, maar een beperkt aantal koopzondagen. “Wat heb ik nou, behalve de winkeltijdenwet, bijgedragen aan de 24-uurseconomie?”, vroeg Wijers zich vorige week af in HP/De Tijd. De minister gaf daarmee aan dat de winkelwet zo'n beetje het pièce de résistance van de economische vernieuwing in Nederland is.

Tegenstanders van de verruiming zijn van oudsher de kleine winkeliers (Nederland telt ongeveer 120.000 'mama-en-papa-winkels') onder aanvoering van de Nationale Winkelraad, die vreesden voor avondwerk in stille winkels. Met de aanhangers van de zondagsrust vormen zij de traditionele achterban van het CDA, dat tegenwoordig in de oppositie zit. Voorstanders zijn de grote winkelketens in Nederland, die meer omzet denken te kunnen halen op tijden dat hun klanten niet hoeven te werken.

De uitkomsten van de gisteren gepresenteerde enquête van de Winkelraad onder 3.000 kleine winkeliers, franchise-nemers en filiaalleiders van grootwinkelbedrijven suggereren dat de klant vooral behoefte heeft aan een snelle boodschap na zessen. Slechts 18 procent van de ondervraagden houdt de winkel inderdaad langer open en doet dat voornamelijk uit defensieve overwegingen, namelijk omdat anderen het ook doen.

De omzet van de detailhandel is onmiskenbaar gestegen in 1996, met een toename in de food-sector van 2,7 procent en van 4,8 procent in de non-food-sector, blijkt uit gisteren vrijgegeven cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In het eerste half jaar van 1997 is de totale omzet met 3,8 procent gestegen. Bijna de helft van de ondervraagden kan niet zien waar de omzet is toegenomen en slechts een op de twintig ziet wèl een toename in de avonduren.

De openstelling in supermarkten is verruimd van 55 naar 70 uur, terwijl de omzet in de food-sector slechts 2,3 procent is toegenomen. Dat is een daling van de produktiviteit, die Vendex bijvoorbeeld tracht op te vangen door te schuiven met werknemers door de dag heen. Het komt de werkgevers goed uit dat de 175.000 werknemers bij supermarkten op 1 oktober de toeslag van 33 procent verliezen voor het werken tussen zes en zeven uur 's avonds. De supermarkten willen die regeling graag oprekken tot 21.00 uur.

Hoewel Vendex zich zeer tevreden toont over de koopzondag, zijn er ook signalen van dat de klant op zondag niet echt behoefte heeft aan funshoppen. Dat suggereert tenminste een vorige week gedeeltelijk uitgelekt onderzoek van het ministerie van Economische Zaken naar de koopzondag. “Gek hè? Het hoeft kennelijk niet zo, terwijl ik dacht dat een vrij grote groep het hartstikke leuk zou vinden”, zei Wijers in HP/De Tijd.

De Winkelraad zet voorlopig dan ook gretig in op versterking van de bestaande zaterdag en vrijdag en een kleine verruiming van 18.00 tot 19.00 uur. “Winkelen moet zaterdag nog meer een feest worden met het winkelcentrum als een soort theater”, zei voorzitter A. van Arenthals gisteren. De Winkelraad verwacht ook dat winkels, met name in de kleding, er meer voor zullen kiezen wat later open te gaan en later te sluiten.

Het adviesbureau McKinsey presenteerde vorige week een onderzoek, waaruit bleek dat de detailhandelsprijzen in Nederland zo'n 20 procent hoger ligen dan in de Verenigde Staten. Behalve door Europese verbod op parrallelimport zou dit vooral komen door het gebrek aan concurrentie in de sector. Ook op het departement van Wijers staat de detailhandel niet bekend als de meest liberale sector in Nederland.

Volgens secretaris W. van Teeseling van de Winkelraad vergelijkt McKinsey appels met peren. Hij ergert zich mateloos aan de suggesties: “De concurrentie in Nederland is moordend, Nederland is in Europa een goedkoopteparadijs. De transportkosten zijn in de VS mede door de goedkope brandstof 40 procent lager dan hier, terwijl de distributie minder verfijnd is.” Het voorstel om het minimumloon te verlagen en zo de werkgelegenheid te scheppen die de winkeltijdenwet niet bracht (zo'n 400 banen erbij) valt evenmin in goede aarde: “In de VS hebben mensen soms vier banen om in leven te blijven. Zo'n soort samenleving willen wij niet.” Zo blijven de scheidslijnen tussen traditie en vernieuwing in de Nederlandse winkel nog wel even bestaan.