Bosniërs gebaat bij hulp, niet bij leugens

De gang naar de stembus, volgende week in Bosnië-Herzegovina, is bezaaid met leugens terwijl er ook niets te kiezen valt. En een stem tegen de zin van de machthebbers in de moslim-Kroatische federatie kan je ook nog je baan kosten, stelt Vinko PrizmiEÉc.

Over enkele dagen - 13 en 14 september - worden in Bosnië-Herzegovina verkiezingen voor de gemeenteraden gehouden. Deze verkiezingen - een onderdeel van de Dayton-akkoorden - dienen uitsluitend om het geweten van de westerse wereld te sussen.

De drie etnische gemeenschappen hebben geen behoefte aan de verkiezingen, omdat er niets te kiezen valt. De verkiezingen kunnen in deze situatie alleen iets bevestigen wat we al lang weten: dat Bosniërs, van welke signatuur ook - als ze al niet de twee andere etnische groepen kunnen domineren - een etnisch 'schone' eigen staat willen.

De moslims zullen hun vertrouwen in overgrote meerderheid schenken aan de SDA van president IzetbegoviEÉc en de Kroaten aan de vanuit Zagreb geleide HDZ. De oppositie van links en rechts is te zwak en te versnipperd om een rol van betekenis te kunnen spelen. Het kan ook niet anders: de oorlogswonden zijn nog te vers en de 'vijand' bevindt zich op een steenworp afstand. De huidige machthebbers verrijken zich door verkoop van hulpgoederen en goedkope belastingvrije import, voornamelijk uit het naburige Kroatië, maar zorgen wel dat het verpauperde volk meeprofiteert. Ter illustratie: 1 kilo rundvlees kost in Kroatië gemiddeld 18 gulden - in het Bosnische Neum circa 8 gulden; een pakje Pall Mall 3 gulden respectievelijk 1 gulden 50.

Bosniërs, door de eeuwen heen levend aan de grens tussen Europa en de Oriënt, hebben de smokkel tot kunst verheven en ze hebben geen enkele behoefte aan een sterke overheid die hen hierin hindert. De organisatiekosten van de verkiezingen, betaald door Europese veiligheidsorganisatie OVSE (dus door ons allemaal) hadden beter gebruikt kunnen worden om de armsten onder de Bosniërs te helpen, respectievelijk om de etnische vluchtelingen zonder dak boven het hoofd een warme plek voor de winter te geven.

De situatie in de Servische Republiek in Bosnië is nog veel erger. Bosnische Serviërs kunnen kiezen tussen de twee oorlogsmisdadigers. De pseudostaat is inmiddels duidelijk verdeeld in het oostelijke deel, gedomineerd door Radovan KaradEÉc, en het westelijke deel, gedomineerd door de 'koningin van de etnische zuivering', Biljana PlavEÉc.

KaradEÉc en zijn handlangers hebben zich al duidelijk tegen de verkiezingen uitgesproken en dat is een stommiteit. KaradEÉc' SDS is immers de enige goed georganiseerde partij in de Servische Republiek. De SDS is verzekerd van een absolute overwinning in het oosten van het land en wat minder in het westen (Banja Luka en omgeving). De enige angst die KaradEÉc en de zijnen hebben is de overstap van een aantal lokale partijkopstukken in het westen naar het kamp van PlavEÉc.

PlavEÉc - de presidente bij gratie van de wapens van de SFOR - heeft meer redenen om bang te zijn voor de verkiezingen, maar dat zal zij nooit toegeven. Zij heeft kortgeleden een nieuwe partij opgericht. Haar partij heeft nog geen kans gezien om zich te organiseren en kan alleen op steun van een aantal overgelopen afdelingen van de SDS in Banja Luka en omgeving rekenen.

De enige Servische ondertekenaar van 'Dayton' - president MiloviEÉc van Joegoslavië - bewijst dat hij nog steeds het spel beheerst als geen ander. Eerst liet hij, bij monde van zijn handlanger LiliEÉc, PlavEÉc verguizen en daarna riep hij de Bosnische Serviërs op om naar de stembus te gaan. De 'oude meester' heeft vertrouwen in de uitslag. Voor mij blijft het een raadsel waarom de internationale gemeenschap dit spelletje niet wil doorzien.

De Amerikaanse Bosnië-gezant Gelbard verklaarde onlangs dat hij “met mevrouw PlavEÉc over haar denkbeelden uit het verleden gesproken heeft” en dat hij “goede hoop heeft dat zij die denkbeelden heeft gewijzigd”. Dit is een leuk staaltje van cynisme. Waarom vraagt de heer Gelbard KaradEÉc ook niet om zijn denkbeelden te herzien? Zegt KaradEÉc 'ja', dan zijn alle problemen opgelost. Hoe PlavEÉc nu verder denkt, is moeilijk te zeggen, maar één ding is zeker: zij zal beslist niet meewerken aan uitlevering van KaradEÉc. Hij weet veel te veel over haar rol tijdens de oorlog.

De internationale gemeenschap, voornamelijk het Westen, dient een keer te begrijpen dat voor een volk dat in eigen traditie uitsluitend mondelinge overleveringen van voornamelijk de eigen heldendaden kent, schriftelijke of mondelinge afspraken geen betekenis hebben.

De enige conclusie die we kunnen trekken is dat de verkiezingen in Bosnië in het algemeen en in de Servische Republiek in het bijzonder geen enkele zin hebben en uitsluitend contraproductief kunnen zijn. De van alle enigszins objectieve informatie verstoken Bosniërs kunnen niet anders stemmen dan zoals de huidige machthebbers en beheersers van de media roepen: “Ik ben je enige hoop om te overleven.”

Het stemmen tegen de zin van de machthebbers heeft in de moslim-Kroatische federatie het gevolg dat men zijn baan kwijt raakt of iets dergelijks. In de Servische Republiek kan het zelfs levensgevaarlijk zijn. En niet alleen voor de Bosniërs. Men moet de onlangs op de televisie getoonde beelden van woedende Serviërs die een SFOR-kamp met stenen bekogelen, niet lichtzinnig opvatten. Ze waren uiteraard gemanipuleerd, maar hun woede tegen de 'bezetter' en alle vreemdelingen was oprecht. De haat tegen buitenlanders die via de Servische media in Bosnië verspreid wordt, stemt niet vrolijk.

Indien de internationale gemeenschap daadwerkelijk iets voor de ontwikkeling van de democratie in Bosnië wil doen - en dat is mijns inziens de enige vruchtbare weg - dan is het noodzakelijk om Bosnië van een 'neutrale' televisie- en radiozenders te voorzien, zodat Bosniërs een kans krijgen om te begrijpen dat de ware vijand zich niet in het buitenland of in een van de twee andere etnische groepen bevindt, maar in het eigen volk gezocht moet worden.