EU ziet geen betere relaties met Iran

BRUSSEL, 9 SEPT. Europese diplomaten zien “geen enkele vooruitgang” in de discussie over terugkeer van ambassadeurs van de vijftien lidstaten van de Europese Unie naar Iran. De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken, Kamal Kharrazi, zei afgelopen weekeinde dat de ambassadeurs die in april Teheran verlieten, elk moment dat zij willen kunnen terugkeren.

Volgens de Luxemburgse minister van Buitenlandse Zaken, Jacques Poos, momenteel voorzitter van de Europese Unie, blijft Iran bij de voor Europa niet te accepteren eis dat de Duitse ambassadeur als laatste terugkeert. Op de vraag of minister Kharrazi afgelopen weekeinde niet “het hele verhaal” vertelde, antwoordde Poos bevestigend, gisteren tijdens een persconferentie.

Kharrazi reageerde op het bezoek dat een speciale afgezant van de EU het afgelopen weekeinde aan Teheran heeft gebracht om over de onderlinge problemen te praten. Diplomaten noemden het bezoek zelf een “goede stap” en signaleren een verbetering in de sfeer tijdens besprekingen.

De ambassadeurs van de Europese Unie werden in april uit Iran teruggeroepen nadat een Duitse rechtbank tot de slotsom was gekomen dat het Iraanse leiderschap achter de moordaanslag op vier Iraanse Koerden in Berlijn in 1992 zat. Toen de EU de ambassadeurs wilde terugsturen, liet Iran weten de Duitse gezant voorlopig niet te accepteren. Daarop bleven alle ambassadeurs thuis. De betrekkingen met Iran staan op de agenda van de ministers van Buitenlandse Zaken die over een week in Brussel bijeenkomen. Tot zover onze correspondent Volgens het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken moet Europa profiteren van de nieuwe politieke atmosfeer na de komst van president Khatami voor normalisering van de betrekkingen, zo melden Iraanse kranten vandaag. “De nieuwe atmosfeer in Iran is zo overweldigend dat deze niet kan worden genegeerd”, aldus een woordvoerder van het ministerie tegenover de Tehran Times. De krant schreef voorts in een commentaar dat Iran en Duitsland bilaterale besprekingen moeten beginnen om de onderlinge problemen op te lossen. (Reuter)