Onderhandelen over iedere seconde; Johan Grimonprez maakte meeslepende film over vliegtuigkapingen

Dramatische en humoristische beelden komen samen in 'Dail H-I-S-T-O-R-Y', een film over vliegtuigkapingen van Johan Grimonprez. Op de Documenta staan de toeschouwers ervoor in de rij. Een gesprek met de maker, die over elke opname lang moest onderhandelen.

Dial H-I-S-T-O-R-Y is t/m 28 september dagelijks te zien in het Fredericianum van de Documenta in Kassel, dagelijks continu van 10 tot 20 uur. In het 'Kulturbahnhof' van de Documenta is een door Grimonprez en de filmcriticus Herman Asselberghs samengestelde videotheek te raadplegen. De 'Benelux-première' van Dial H-I-S-T-O-R-Y vindt plaats op 17 oktober in Leuven, in het kader van de kunstmanifestatie Klapstuk 97.

GENT, 8 SEPT. Volgens menigeen heeft hij dit jaar de Documenta in het Duitse Kassel gered. De Gentse filmmaker Johan Grimonprez heeft zelf de kritieken ook gelezen: “De Times kraakte de hele Documenta af, maar mijn film werd hoog geprezen”. En inderdaad staan de toeschouwers in de rij voor het opmerkelijk bedompte zaaltje waar in Kassel de video Dail H-I-S-T-O-R-Y vertoond wordt.

Op een kunstmanifestatie die gekenmerkt wordt door veelal hermetische, van lange schriftelijke toelichtingen voorziene kunstwerken en installaties die als een kritiek op de 'spektakelmaatschappij' moeten gelden, oefent Grimonprez' 68 minuten durende, meeslepende film over vliegtuigkapingen een grote aantrekkingskracht uit. Aan spanning geen gebrek: veel schokkende en spectaculaire archiefbeelden. En humor: de manier waarop televisiestations in de jaren zestig en zeventig over de kapingen berichtten, is in onze ogen nu soms meer dan vreemd.

Over de kritiek op de rest van de Documenta laat hij zich niet uit, maar dat zijn film meeslepend gevonden wordt, mishaagt Grimonprez (geb. 1962) allerminst. “Hij was eerst negentig minuten, maar tenslotte vond ik dat hij veel sneller moest”, vertelt hij in zijn woning in Gent. “De bekorting spaarde ook geld uit omdat er veel journaal- en televisiearchiefbeelden in zitten. En over elke seconde moet je met de bezitters ervan onderhandelen en ervoor betalen”.

Dial H-I-S-T-O-R-Y maakt een uitstekend gedocumenteerde indruk, en kan zich in rijkdom aan archiefbeelden met menige, minder-artistieke documentaire meten. Voor het archiefonderzoek wendde Grimonprez zich met name tot de archieven van ABC News in New York het het INA (Institut national de l'audiovisuel) in Parijs.

Dail H-I-S-T-O-R-Y heeft een heldere structuur, die je in de videokunst eigenlijk niet vaak tegenkomt. Op het eerste gezicht gaat het om een chronologisch opgezette iconografie van vliegtuigkapingen, van 1931 tot heden. Je ziet de manier waarop televisie verslag doet van kapingen en hun veelal tragische ontknoping mettertijd veranderen: van min of meer geamuseerde aandacht voor de veelal utopistische beweegredenen van de kapers, tot de galerij van schokkende horrorbeelden die vandaag de dag de norm is.

Een reflectieve subtekst bij deze beelden wordt gevormd door fragmenten uit twee romans van Don DeLillo, waarin de maatschappelijke status van een schrijver en een terrorist onder de loep wordt genomen. De boodschap is dat nu beeld in de cultuur zo belangrijk is geworden, de dood zaaiende terrorist als producent van reële horror, de functie van de literatuur eigenlijk heeft overgenomen.

Er is nog een tweede subtekst in de twintig minuten videobeeld en eigen tekst die Grimonprez eigenhandig voor de video heeft opgenomen, en die lijkt te getuigen van zijn afkeer van reizen, van anonieme hotelkamers (“die je je later niet meer herinnert ook al houdt iemand je er een foto van voor”) en steriele gangen op vliegvelden. De eerste aanzet tot deze film, vertelt hij, was de spleen die hem steeds bevangt als hij op reis moet en in Gent afscheid moet nemen van zijn dochtertje Geraldine.

Grimonprez' film waaiert in hoog tempo vele kanten op, maar blijft desondanks een consistent en toegankelijk geheel. De filmmaker denkt dat dit te danken is aan zijn empirische werkwijze: “Ik schrik ervoor terug om iets in een eendimensionaal pakket te wringen. Het is vaak zo in de visuele kunst dat men probeert een theorie op te zetten en dan de beelden wil inpassen. Ik begin empirisch, vanuit de realiteit, met wat er aan beelden voorhanden is. Ik heb voor deze film heel veel gelezen over terrorisme maar dat hoef je in de film niet terug te zien: de kijker mag zelf uitmaken hoe hij naar de film kijkt”.

Johan Grimonprez is geen onbekende in Nederland. In 1994 vertoonde het IDFA, het festival voor documentaire film in Amsterdam, zijn Kobarweng or where is your helicopter?, een eveneens zeer onderhoudende film over het wereldbeeld van een geïsoleerd levende groep papoea's in Nieuw-Guinea, wier voorstelling van de buitenwereld vooral zijn gebaseerd op hun herinnering aan een antropologische expeditie die hen in 1959 had bezocht.

Van oorsprong is Grimonprez een aan de Kunstacademie van Gent opgeleide beeldhouwer, die zich op performance en film ging richten. Begin jaren negentig studeerde hij drie jaar aan de Newyorkse School of Visual Arts. Sedertdien heeft hij veel gewerkt voor het Centre Beaubourg in Parijs, waarvan conservator Catherine David dit jaar de Documenta te Kassel samenstelde, en dat ook Dial H-I-S-T-O-R-Y heeft gecoproduceerd.

De film heet een video-installatie, maar dat heeft te maken met het potje waaruit het Centre Beaubourg de film financierde, vertelt Grimonprez. Het is eigenlijk gewoon een documentaire, zij het in een genre dat vaak moeite heeft om als film erkend te worden - vertoning in musea is vaak Grimonprez' lot. Zelf zag hij graag zijn video tot een 35-millimeterkopie voor filmvertoning opgeblazen. In tegenstelling tot veel andere video-kunstenaars is hij niet gecharmeerd van het werken op cd-rom, de nieuwe mode op video-gebied. “Volgens mij heeft elke bankautomaat veel meer te bieden op het gebied van de interactiviteit dan welke cd-rom dan ook”.

Zijn afkeer van reizen zal Grimonprez voorlopig niet verlaten. Binnenkort vertrekt hij voor een jaar naar Berlijn, waar hij in het genot is gesteld van een DAAD-beurs. Hij hoopt daar te schrijven aan zijn nieuwe project, dat over het instituut van de happy ending in de Hollywood-film zou kunnen gaan. Maar dat zegt weinig over het uiteindelijke werk, waarschuwt hij. Dial H-I-S-T-O-R-Y was in eerste opzet teslotte ook iets geheel anders: een acht uur durende videoinstallatie op verschillende schermen.