'Milieubeleid deels geslaagd'

DEN HAAG, 8 SEPT.De milieuvervuiling door de industrie en de landbouw is vorig jaar in absolute zin afgenomen. De winst die daarmee is geboekt wordt echter grotendeels tenietgedaan doordat de consument meer vervuilt.

Dit staat in de Milieubalans 1997 van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). De Milieubalans is een jaarlijkse rapportage waarin het RIVM in opdracht van de overheid het milieubeleid onder de loep neemt.

In de Milieubalans staat dat de stijging in het elektriciteits- en aardgasgebruik doorzet, evenals de productie van afval. Ook is de mobiliteit de laatste jaren toegenomen, vooral het vliegverkeer. De geluidshinder en de veiligheidsrisico's rond Schiphol nemen hierdoor toe. Daar staat tegenover dat industriële emissies zoals die van zwaveldioxide (SO) en stikstofoxide (NOx) vorig jaar verder zijn afgenomen. Ook de emissie van ammoniak door de landbouw is licht gedaald.

Eerder dit jaar liet het RIVM al weten dat de snelle groei van de energie-intensieve economie in Nederland, de verkeersdrukte en de intensieve veehouderij de successen van het milieubeleid van de afgelopen jaren doen verschrompelen.

Zo wil het kabinet de uitstoot van CO2 in het jaar 2000 met 3 procent verminderen, vergeleken met 1990. Maar uit de RIVM-cijfers blijkt dat er nu al sprake is van een toename van die uitstoot met bijna 8 procent. Als de economische groei verder toeneemt, kan dit in 2020 zijn oplopen tot 30 procent.

Het kabinet meent dat economische groei gecombineerd kan worden met een daling van de milieuvervuiling, de zogenoemde ontkoppeling. Maar de instrumenten die de overheid daarbij vooral heeft ingezet zijn in toenemende mate ontoereikend, aldus het RIVM. Technische maatregelen hebben hun maximale effect bereikt. Alleen door de consumptie te beperken (minder autorijden, energieverbruik in huishoudens, industrie en landbouw) kan de 'ontkoppeling' van milieu en economie worden bereikt.

Pagina 3: Consument verbruikt meer energie

De sterke toename van de consumptieve bestedingen uitte zich onder meer in een toename van het energieverbruik.

Het elektriciteitsverbruik is vorig jaar met 4 procent gestegen. Dit komt vooral doordat mensen meer elektrische apparatuur gebruikten, zoals wasdrogers en vaatwasmachines. De grotere consumptie leidde ook tot meer afval (plus 18 procent). Die stijging wordt niet meer geheel gecompenseerd door toegenomen hergebruik.

Het gebruik van personenauto's nam in 1996 met 11 procent toe. Zonder de hogere benzine-accijnzen zou de groei van het autogebruik drie procent hoger en de CO2-emissies zeven procent hoger zijn uitgevallen, aldus het RIVM. Nederlanders gaan ook steeds vaker met het vliegtuig naar hun vakantiebestemming.

Tussen 1988 en 1996 steeg het aandeel van buitenlandse vliegvakanties van 17 naar 25 procent ten koste van het aandeel vakanties met de auto.

Aan de positieve kant van de balans staat dat de uitstoot van ammoniak in de landbouw tussen 1990 en 1996 met 37 procent is afgenomen. Dit komt vooral doordat de mest in de bodem werd geïnjecteerd.

Het voornemen van het kabinet om de varkensstapel met 25 procent te verminderen, kan er volgens het RIVM toe leiden dat 'mest-gerelateerde emissies' (ammoniak, fosfor, stikstof) met 5 tot 10 procent kunnen dalen.