Postpest (slot)

SPAM, HET ONGEWENSTE reclamedrukwerk van het Internet, heeft vanaf het eerste begin felle reacties van gebruikers opgeroepen. Groot was de verontwaardiging toen, een jaar of twee geleden, een New-Yorks advocatenkantoor het spits afbeet met de eerste elektronische massamailing in de geschiedenis.

Wekenlang verstopten boze internetters de postbus van het bedrijf met mailbommen, het equivalent van de zwarte fax. Massa's zinloze tekst, zoals hele bijbels, telefoonboeken, en complete coredumps van computersystemen kregen de cyberschenners over zich heen. Het hielp niet. Het middel was zelfs erger dan de kwaal. Immers, naarmate er meer spammers op de kust kwamen, veroorzaakten al die verontwaardigde mailbommen langzaamaan meer overlast en filevorming dan het spammen zelf. Bovendien vonden de spammers al snel een eenvoudige verdediging: de valse afzender. De meesten versturen hun bagger met niet bestaande, telkens verschillende afzend- en antwoordadressen erboven. Contact is doorgaans alleen mogelijk via een netsite of een of ander 06-nummer, dus buiten het net om.

Desalniettemin drong het tot de spammers door dat ze als een lagere diersoort bekeken werden. Daar kan zelfs de brutaalste oplichter slecht tegen. Ook begrepen de intelligentere exemplaren van de soort dat de adrenalinepieken die ze veroorzaakten, zich gemakkelijk tegen hen konden keren. Zo ontstond de 'respectabele' spammer. Dat is iemand die je ongewenst benadert, maar erbij zegt dat hij het nooit meer zal doen als je je met een mailtje naar een bepaald adres afmeldt. Op zo'n adres huist dan een robot, een programma dat een lijst van niet-geïnteresseerden aanlegt. Toch is ook dat geen oplossing.

Ten eerste heeft zo'n beetje iedere spammer zijn eigen afzegadres gehuurd, zodat je je rot zit te mailen zonder dat het merkbaar helpt. Ten tweede is het een rare omkering van zaken: laat ze zelf maar uitzoeken wie wél in hun troep geïnteresseerd is, in plaats van de gebruiker het werk te laten doen. In deze tijd van doelgroeponderzoek en data-mining moet dat kunnen, tenzij al die fameuze marketingtechnieken toch maar humbug zijn. Ten derde is zo'n afmeldrobot dé manier om een bestand van kloppende e-mail-adressen aan te leggen, de slachtoffers melden zich gewillig aan. Een bestand dat je vervolgens aan nietsvermoedende spammers-in-spe verkoopt. Bingo, nog meer post!

Ook de andere verdedigingsmiddelen helpen gebruikers vooral van de regen in de drup. Filters die post van bepaalde adressen negeren, of post met bepaalde woorden in de onderwerpsregel, werken nauwelijks, omdat spammers telkens andere fantasie-adressen en onderwerpsregels gebruiken. Erger nog, er kan per ongeluk serieuze post verdwijnen, omdat iemand in alle onschuld een van uw filterwoorden in zijn onderwerpsregel gebruikt. Een andere veelgebruikte methode is je eigen adres verminken als je iets in een usenet-nieuwsgroep zet.

Zo kunnen adresverzamelaars je adres minder gemakkelijk achterhalen. Maar zo zadel je ook mensen die te goeder trouw antwoord willen sturen met een probleem op.

Inmiddels heeft ook de Amerikaanse overheid het probleem ontdekt. Er liggen minstens drie wetsontwerpen tegen spam. Maar ook die bieden meer nadelen dan voordelen. Eén voorstel wil het gebruik van valse afzendadressen verbieden, een tweede wil een verplichting invoeren om de onderwerpsregel van alle spam met het woord 'advertentie' te laten beginnen. Dat lijkt mooi, maar het roept allebei gigantische handhavingsproblemen op. En wat als iemand gaat spammen van buiten de VS? Moet de jurisdictie van de Amerikaanse staat dan nog verder worden opgerekt? Dat zou een ontoelaatbaar en levensgevaarlijk precedent zijn waar de vermaledijde wet Helms-Burton bleekjes bij afsteekt.

Een derde wil een totaal verbod op spam, net zoals in Amerika het ongevraagd mailen per fax verboden is. Maar ja, waar komt dan de grens te liggen: tien geadresseerden? Honderd? Duizend? En wat is spam precies? Vallen alleen commerciële aanbiedingen eronder, of ook ideële toestanden? En wie is ideëel? Greenpeace? De kerk van Rome? Scientology? Jomanda? De man met de gratis kettingbrief?

Meer valt te verwachten van de Internet-providers en netwerkbeheerders zelf, want die hebben de meeste last, het beste overzicht, de motivatie en de middelen. Kortom, in dit geval kan het heil echt komen van marktwerking.

Anders dan veel mensen denken, is het Internet niet gratis. Elke byte die vervoerd wordt, wordt betaald. Als er een beter onderling afrekensysteem ontwikkeld wordt, dat meer rekening houdt met de oorsprong van vervoerde bytes,kunnen providers die veel spammers als klant hebben dienovereenkomstig worden aangeslagen. Die kosten zullen ze doorberekenen aan hun klanten. Wie ongewoon veel 'traffic' veroorzaakt, krijgt de rekening gepresenteerd. De spammer betaalt. Providers kunnen reclame-accounts gaan aanbieden, speciaal voor spammers, waarin de kosten van excessief gemail verdisconteerd zijn. Lage stunttarieven zijn maar beperkt mogelijk, omdat de kosten afhangen van de concurrentie die de bytes verder moet vervoeren. Klanten die een keer flink over hun taks gaan, kun je een waarschuwing geven, en recidiverende misbruikers afsluiten. Dat moet voldoende zijn om op zijn minst het gros van die gekken en avonturiers buiten de deur te houden, die nu vrijwel gratis vanaf hun keukentafel het net bevuilen. Tegelijkertijd maakt het commerciële werving niet helemaal onmogelijk en komt de fanclubvoorzitter die eens een mailing aan alle tienduizend leden de deur uitdoet niet meteen in de problemen.Een groot voordeel is ook dat er geen categorische wettelijke verboden aan te pas komen, die altijd vervelende bijverschijnselen hebben en misbruikt kunnen worden.

De eerste tekenen van zo'n ontwikkeling zijn er, al gaat het er nog wat wildwest-achtig aan toe: begin augustus sprak een coalitie van wanhopige netwerkbeheerders de 'usenet-doodstraf' uit over provider UUNET, die ondanks eindeloze verzoeken bleef weigeren de vloedgolven van spam die zijn klanten veroorzaakten, in te dammen.