Winstexplosie Ahold door uitbreiding in VS

ROTTERDAM, 5 SEPT. Supermarktconcern Ahold heeft in het eerste halfjaar een nettowinst behaald van 442 miljoen gulden, 70 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar.

De omzet steeg met 48 procent naar 25,7 miljard gulden. Voor geheel 1997 verwacht Ahold een winststijging van 30 tot 45 procent. Daarbij is geen rekening gehouden met de stijging van de koers van de dollar in de afgelopen weken.

Het grootste deel van de groei vloeit voort uit de overname, in juli 1996, van de Amerikaanse supermarktketen Stop & Shop. Daarnaast profiteerde Ahold al van een hogere dollar in de eerste helft van het jaar. Het concern, in Nederland bekend van onder meer Albert Heijn, Etos en Gall & Gall, behaalt meer dan de helft van de omzet in de Verenigde Staten.

Gecorrigeerd voor de waardestijging van de dollar bedroeg de winstgroei 58 procent. De winst per aandeel steeg 25 procent. Zonder dollareffect was dat 16 procent. Het bedrijfsresultaat nam in het eerste halfjaar, afgesloten op 13 juli, met 73 procent toe tot 894 miljoen gulden.

In Nederland steeg de omzet met 5 procent tot 8,4 miljard gulden. Het marktaandeel van marktleider Albert Heijn (vorig jaar 27,7 procent) bleef ongeveer gelijk, zei Ahold-voorzitter C.H. van der Hoeven gisteren. “Dat is geen teleurstelling. Albert Heijn jaagt niet op het laatste 0,1 procent marktaandeel, maar biedt kwaliteit voor de lange termijn. De winstgroei van Albert Heijn is buitengewoon goed. Ook het marktaandeel gaat weer groeien, zoals het altijd heeft gedaan.”

Bestaande vestigingen worden verbouwd en uitgebreid en daarnaast zal Albert Heijn (665 winkels) dit jaar ten minste tien nieuwe filialen openen. Ook het nieuwe type winkel waarmee AH experimenteert in Haarlem en Purmerend - extra luxe èn een voordeelstraat met goedkope aanbiedingen - krijgt navolging: dit jaar nog vier, in de toekomst enkele tientallen vestigingen.

In Nederland deden de speciaalzaken het relatief minder goed. Drogist Etos en slijterij Gall & Gall wonnen marktaandeel, maar de resultaten voldeden niet aan de verwachting. “We hebben de invloed van de nieuwe openingstijden op de speciaalzaken onderschat”, zei Van der Hoeven. Snoepketen Jamin deed het slecht. Daar zit volgens Van der Hoeven een belegen laagje overheen. “Dat zijn we aan het oppoetsen.”

Van der Hoeven begon zijn toelichting op de halfjaarcijfers met de prestaties in de Verenigde Staten, waar Ahold vier regionale ketens aan de oostkust heeft met een gezamenlijke omzet van 7,6 miljard dollar. Stop & Shop (New England) deed het beter dan verwacht. De fusie van Tops en Finast (Buffalo en Cleveland) kost meer tijd dan verwacht. Het jaarresultaat van de keten zal lager zijn dan in 1996.

In Europa draaiden de supermarkten en hypermarkten van Ahold uitstekend. In Spanje en Polen zijn er nog aanloopverliezen. In Tsjechië leidden de overstromingen tot een directe schadepost van 2 miljoen gulden. Onduidelijk is het effect van de wateroverlast op de omzet op langere termijn.

In Azië, waar Ahold in vijf landen actief is, ondervindt het concern de gevolgen van de economische crisis in Thailand. De omzet in dat land daalde met 15 tot 20 procent. Van der Hoeven verwacht dat het bedrijfsresultaat in het jaar 2000 positief zal zijn.

In het tweede kwartaal van 1997 noteerde Ahold iets meer winst- en omzetgroei dan in de eerste drie maanden. Het bedrijfsresultaat daalde licht.