Eerst 'n gift, dan pas lenen

UTRECHT, 5 SEPT. Universiteiten en hogescholen hebben samen een alternatief voor het huidige stelsel van studiefinanciering voorgesteld. Het plan is bedoeld als een voorzet aan de commissie-Hermans die minister Ritzen (Onderwijs) in november zal adviseren over de toekomst van het stelsel.

Een overzicht van het voorstel in negen punten.

Het stelsel is gebaseerd op een combinatie van giften, aanvullende beurzen voor kinderen met weinig draagkrachtige ouders en leningen. Het giftgedeelte wordt in de eerste helft van de studie verstrekt. Het betreft een uniforme regeling die voor alle studenten in het hele land dezelfde is. Vanaf het derde cursusjaar vervallen gift en aanvullende beurs en kunnen studenten lenen om de laatste fase van hun studie te bekostigen. Ze tekenen daarvoor een contract met hogeschool of universiteit. Daarin worden afspraken gemaakt over studietempo en studiebegeleiding. De regelingen zijn individueel en kunnen per instelling, per studierichting, per student verschillen.

Voor een studie met een vierjarige cursusduur krijgen studenten maximaal ƒ 20.000 gulden als gift en maximaal ƒ 55.000 gulden als lening.

Een student moet vóór zijn vijfentwintigste jaar aan een studie beginnen. In het huidige systeem stopt de studiefinanciering, hoe dan ook, op het 27ste jaar.

Anders dan nu krijgen uitwonende studenten en thuiswonende studenten dezelfde studiefinanciering. Onder meer hierdoor vergt het plan op termijn jaarlijks 160 miljoen gulden meer dan het huidige systeem, dat de schatkist 1,4 miljard gulden kost. Bovendien kost het plan nog 2,8 miljard aan overgangskosten.

De OV-studentenkaart komt te vervallen. Een andere reiskostenvergoeding is vooralsnog niet in het plan voorzien.

Het eerste studiejaar wordt studenten een bedrag van ƒ 10.000 gulden geschonken. Voor deze gift hoeven geen studiepunten te worden behaald.

Voor het tweede studiejaar moeten studenten het giftgedeelte met studiepunten uit het eerste jaar verdienen. Als ze de helft (21) van hun studiepunten halen, hebben ze recht op ƒ 5.000 gulden. Ieder punt dat meer is gescoord levert ƒ 238 gulden op. Een student die alle punten heeft behaald krijgt zo de nog resterende ƒ 10.000 gulden.

Als studenten voor het tweede jaar niet de volledige ƒ 10.000 gulden hebben verdiend, kunnen ze het restant doorschuiven naar het derde jaar. Wel moeten ze dan aan het begin van het derde jaar 56 punten voor de studie hebben behaald.

Een studiejaar kost een student aan levensonderhoud en studiekosten ƒ 15.000 gulden, berekenen de universiteiten en hogescholen. Zodoende kunnen studenten van weinig draagkrachtige ouders de eerste twee jaar aanspraak maken op maximaal ƒ 10.000 gulden aan aanvullende beurs. De anderen moeten dat bedrag vergaren met een bijbaantje, een bijdrage van de ouders of een lening.

Transfervrij: Dat is Smits na dit seizoen.