Oefenen op Paganini's 'Kanon'

Zaterdag vindt in Maastricht een opzienbarend concert plaats. Violist Shlomo Mintz bespeelt historische instrumenten uit het bezit van Paganini: een viool en een altviool, samen verzekerd voor zestien miljoen gulden.

Concert: 6/9 Theater aan het Vrijthof Maastricht. Tros-documentaire en concert: 8/12 TV 2.

MAASTRICHT, 4 SEPT. Paganini fara sentire il suo violino: Paganini zal zijn viool laten horen. Als Niccolò Paganini ergens zijn violistische duivelskunsten kwam vertonen, werd er volop geafficheerd met deze even doeltreffende als dwingende slagzin. Paganini leefde in het pre-grammofonische tijdperk, van 1782 tot 1840. Hoe formidabel zijn spel, dat in de overlevering tot mythische proporties is opgeblazen, wérkelijk heeft geklonken zal daarom voor het nageslacht altijd een vraag blijven. Maar wie de klank van zijn viool wil horen, kan zaterdag terecht in het Theater aan het Vrijthof in Maastricht. Begeleid door het Limburgs Symphonie Orkest onder leiding van Yoel Levi, speelt Shlomo Mintz het Eerste vioolconcert van Paganini op Paganini's eigen, meest favoriete viool: Il Cannone.

'Het Kanon' - de bijnaam voor dit kleine, sober vormgegeven instrument, gebouwd door Giuseppe Guarneri 'del Gesù' in 1742, doet wat oversized aan. Zoals ook de bewaking en alle poespas er omheen. Begeleid door een ambtelijke delegatie uit Genua, werd Il Cannone maandagmiddag onder politie-escorte in een geldtransportwagen van Schiphol naar Maastricht vervoerd. Sindsdien wordt de viool bewaakt door twee agenten, die als cerberussen geen moment van haar zijde wijken.

De in Genua geboren Paganini liet in zijn wilsbeschikking opnemen dat Il Cannone voor eeuwig in die stad bewaard moest blijven. Bijna een eeuw lang kwam het instrument het stadhuis van Genua niet uit. Totdat bleek dat er weinig meer over was van de eens zo legendarische klank. Een acute restauratie was nodig. Violen moeten worden bespeeld, willen ze niet tot jammerhoutjes degraderen. Er werd een stadsviolist benoemd die maandelijks een paar streken doet en de verzoeken het instrument ter plaatse te mogen bespelen, werden vaker gehonoreerd. Isaac Stern, David Oistrach, Salvatore Accardo, Zino Francescatti en Gidon Kremer hebben Il Cannone al eens bespeeld.

Dat nu Shlomo Mintz het instrument hier mag bespelen, is een initiatief van Bob Bremer, die voor de Tros een documentaire maakt over Il Cannone. Om het concert, dat voor cd wordt opgenomen, te completeren wordt ook Harold en Italie van Berlioz gespeeld, ooit op verzoek van Paganini gecomponeerd toen hij zijn nieuwe altviool van Stradivari had gekocht. Deze historische viola (door de Nippon Music Foundation in bruikleen gegeven aan de altist van het Tokyo String Quartet) zal Mintz eveneens bespelen tijdens het concert. De verzekeringswaarde van beide instrumenten samen is zestien miljoen gulden.

De klank van het Kanon is ontwapenend, vérdragend en zeer boventoonrijk, zo blijkt tijdens de repetities. Mintz pareert de vraag wat het bespelen van zo'n uniek instrument voor hem betekent met de anekdote van de man die eens zijn Guarneri aan violist Heifetz toonde, hoog opgevend over de voortreffelijke klank. “Goede klank?”, vroeg Heifetz, en hield het instrument bij zijn oor. “Ik hoor helemaal niets.” Het is in laatste instantie de violist, die de klank van een instrument bepaalt.

Op verzoek van Mintz maakte Cannone-conservator Renato Scrollavezza enkele minieme aanpassingen. De violist is nog druk doende vertrouwd te raken met het instrument. “Ik heb moeite met de diminuendi, met het terugnemen van de sterkte van de toon”, grapt Mintz. “Maar dat is omdat ik me als een hongerige baby voel die maar niet genoeg kan krijgen van dit overheerlijke dessert.”