Franse rechter bepaalt hoe hard hij het wil spelen

De zaak tegen de paparazzi die de verongelukte auto van prinses Diana achtervolgden is niet los te zien van verontwaardiging over de roddelpers. De Franse justitie heeft nog wel wat uit te zoeken.

ROTTERDAM, 4 SEPT. De chauffeur van prinses Diana bleek beschonken achter het stuur te hebben gezeten. Toch is de Franse justitie een gerechtelijk vooronderzoek begonnen tegen de paparazzi die de rampauto achtervolgden. Het een sluit het ander niet uit. Ook als het dodelijke ongeval ten slotte valt toe te schrijven aan rijden onder invloed, is het heel goed mogelijk dat de achtervolgende fotografen een afzonderlijk verwijt valt te maken voor hun gedrag. Er valt echter moeilijk te ontkomen aan de indruk dat de Franse justitie de schandaalfotografen vooral eens een koekje van eigen deeg wil laten proeven. “Theater-justitie”, aldus een van hun advocaten.

Beslissingen als het doorzetten van het justitiële onderzoek tegen de paparazzi worden altijd mede bepaald door beleidsmatige overwegingen, de eigen accenten die onvermijdelijk worden gelegd in de strafrechtshandhaving. Franse onderzoeksrechters beschikken over een marge hoe hard zij het willen spelen. Jaren geleden baarde een jonge magistraat opzien door de directeur van een fabriek die werd verdacht van ernstige milieudelicten, vast te zetten wegens de bedreiging van leven en gezondheid van anderen. Hij wilde eens goed doen uitkomen dat dit soort 'witte boorden'-vergrijp net zo ernstig dient te worden opgenomen als gewone geweldpleging waar “garde à vue” routine is.

Zo is de zaak tegen de paparazzi niet los te zien van de algehele verontwaardiging over de roddelpers. Strafrechtelijk gezien zijn er twee aanknopingspunten: dood door schuld en het niet verlenen van hulp na het ongeval. Beide delicten staan ook in de Nederlandse strafwetgeving. Wel is er nogal wat verschil in de strafmaat. Dood door schuld in het gemotoriseerd verkeer heeft in Nederland een maximumstraf van een jaar (de algemene strafbepaling over dood door schuld valt zelfs drie maanden lager uit); in Frankrijk spreekt men van drie tot vijf jaar gevangenisstraf voor 'onvrijwillige doodslag'. Het niet verlenen van hulp is in Nederland slechts als overtreding strafbaar gesteld en niet als misdrijf (maximum: drie maanden hechtenis) terwijl de Franse tegenhanger voorziet in maximaal vijf jaar gevangenisstraf.

Vanuit de Nederlandse theorie bezien is de strafvervolging in beide gevallen geen bekeken zaak. Het verwijt van dood door schuld komt er op neer dat de paparazzi zich gevaarlijk hebben gedragen en dat zij met iets meer oplettendheid de dodelijke afloop hadden kunnen voorkomen. Dat laatste is gezien de toestand van de chauffeur echter nu net de vraag. Los daarvan is het vereiste verband tussen oorzaak en gevolg in dit soort strafzaken een bekend knelpunt. Iemand geeft geen voorrang waardoor een ander moet uitwijken en op zijn beurt een derde auto tot uitwijken dwingt. Deze slaat over de kop en verongelukt. Is dit nog de schuld van de eerste auto? Ja, zei de Hoge Raad, die ook sommige indirecte gevolgen laat meetellen.

Het wordt echter moeilijk een dergelijk verwijt staande te houden wanneer het waar is dat de auto van Diana de achtervolgers al had afgeschud toen het ongeval plaatshad. Het achtervolgingsgedrag van de paparazzi zou op zichzelf natuurlijk wel aanleiding kunnen geven tot een strafvervolging wegens het in gevaar brengen van de verkeersveiligheid. Dat is een algemene bepaling waarop de justitie graag terugvalt, maar dat staat dan los van de tragische afloop.

Het tweede delict waarvan sprake is, het nalaten hulp te verlenen aan iemand in onmiddellijk levensgevaar, is internationaal gezien een buitenbeentje. Portugal was in 1867 het eerste land dat het opnam in de strafwet. Inmiddels is dit voorbeeld in Europa gevolgd door ruim een dozijn andere landen, waaronder dus Nederland (1881) en Frankrijk (1941, herzien in 1993). Maar het - invloedrijke - Engelse recht wijst zo'n algemene strafrechtelijke plicht tot hulpverlening af. In ons land heeft deze bepaling vooral bekendheid gekregen door voorvallen waarbij iemand te water raakte en verdronk terwijl omstanders werkeloos toezagen. Het juridische knelpunt is dan dat een omstander niet verplicht is zichzelf in gevaar te brengen bij een reddingspoging. Dat zou ook in het geval van prinses Diana een punt kunnen zijn voorzover er sprake was van ontploffingsgevaar na de botsing.

Ook anderszins is het de vraag of een strafrechtelijk verwijt aan de paparazzi op zijn plaats is. Konden zij wel iets uitrichten? Hulpverlening aan mensen die bekneld zijn in een autowrak is niet ieders taak. In Nederland en in Frankrijk neemt de onmogelijkheid daadwerkelijke hulp te verlenen niet automatisch de strafbaarheid weg. Er blijft dan een plicht om hulp te gaan halen. Pas als dat niet meer aan de orde is, vervalt de strafbaarheid. Deze plicht verdraagt zich moeilijk met de voorrang die fotografen na het ongeluk zouden hebben gegeven aan het maken van opnamen en helemaal niet met het hinderen van de hulpverleners, waarvan in dit geval ook sprake is en wat in Frankrijk expliciet strafbaar is gesteld.

De toevallig passerende arts die prinses Diana direct eerste hulp probeerde te geven nadat hij de ambulances had gewaarschuwd, zegt overigens dat hij niet werd gehinderd door paparazzi. Dat illustreert dat de Franse justitie nog wel wat uit te zoeken heeft.