Doorbraakjes

Wat kunnen (toekomstige) patiënten verwachten van het kankeronderzoek in de komende tien à vijftien jaar? De verwachting van een epidemioloog.

J.W.W. COEBERGH, arts-epidemioloog, verbonden aan het Instituut Epidemiologie en Biostatistiek van de Erasmus Universiteit in Rotterdam: “Ik vergelijk het ontstaan van kanker wel eens met de situatie op de Nederlandse wegen. Onder normale omstandigheden is er sprake van veel near accidents en relatief weinig echte ongevallen, laat staan dodelijke. Een ongeval is veelal het resultaat van een samenloop van omstandigheden en gezien de toegenomen verkeersdrukte is het eigenlijk een wonder dat de verkeersveiligheid toeneemt. Dat komt waarschijnlijk doordat er op vele fronten tegelijk verbeteringen optreden.

“Ik denk dat het met de preventie van kanker ook zo werkt: er wordt op vele fronten vooruitgang geboekt met veiligheidsmaatregelen, zij het in een traag tempo. Een allesomvattende doorbraak in de behandeling, de magic bullet, zal waarschijnlijk nooit gevonden worden. Wel zijn er doorbraakjes, zoals de recente afname van maagkanker, de progressie in de behandeling van de ziekte van Hodgkin, leukemie en zaadbalkanker. Het zou mij verbazen als er de komende tien, vijftien jaar dramatische verbeteringen optreden, zoals de uitvinding van de penicilline, eind jaren twintig bij de bestrijding van bacteriën.

“Het probleem met nieuwe inzichten omtrent preventie is dat ze vaak pas na jaren op waarde worden geschat. Laatst kreeg ik het verslag van de 'Eerste Wereldconferentie over cancer control' uit 1926 onder ogen. Een Nederlandse patholoog bracht daar verslag uit van zijn lijkschouwingen tussen 1901 en 1926 in Amsterdam. Het gestegen percentage longkanker dat hij aantrof, werd volgens hem veroorzaakt door het uitdijende wegennet in Nederland. Meer asfalt, meer teer: de kankerverwekkende invloed van teer op muizen was toen al bewezen.

“Toch heeft het in Nederland nog tot 1948 geduurd voordat de relatie tussen roken en longkanker serieus werd genomen. Pas eind jaren zeventig zijn er concrete maatregelen genomen om het tabaksgebruik terug te dringen. Voordat je het weet, ben je een halve eeuw verder. Kennis alleen blijkt niet voldoende om tot maatregelen te komen. De laatste jaren wordt er steeds vaker een verband gelegd tussen overmatig alcoholgebruik en borstkanker. Maar tot enige actie heeft dat nog niet geleid. Men wil of kan het zich kennelijk niet voorstellen.

“Kennis leidt niet automatisch tot gedragsverandering. We weten dat roken de kans op kanker aanzienlijk vergroot, maar hoeveel beginnende rokers hebben daar nu werkelijk een boodschap aan? We weten ook dat mensen met een sterk overgewicht bijna tweemaal zoveel kans hebben op diverse vormen van kanker dan mensen met een normaal gewicht. En toch wordt het vetzuchtprobleem in de geïndustrialiseerde wereld steeds groter. Ik geloof dan ook niet in een war against tobacco of een war against fat. Mensen kiezen er zelf voor om verantwoordelijkheid te nemen in hun leven. Dat kan geen overheid ze opleggen, ze kan hooguit het vrije gebruik beperken.

“De komende tien, vijftien jaar verwacht ik het meest van de verbetering in de palliatieve, verzachtende zorg, waaronder de pijnbestrijding. Helaas overlijden uiteindelijk toch nog twee van de drie kankerpatiënten aan kanker, ondanks de vele behandelingsmethoden. Met name voor deze terminale patiënten is palliatieve zorg enorm belangrijk. Bovendien kan het ook de beeldvorming over de ziekte in positieve zin veranderen.

“De toegankelijkheid en organisatie van de Nederlandse specialistische zorg staan in Europa niet voor niets hoog aangeschreven. Toch zal het door de huidige verkrapping in de zorgsector en de toename van het aantal ouderen nog moeilijk worden het huidige niveau te handhaven.”