Bonnefanten brengt bier en pop in museum

MAASTRICHT, 4 SEPT. Een aangepast expositiebeleid, meer Limburgs accent, meer spektakel en zelfs een biertapkraan moeten de drempel van het Bonnefantenmuseum in Maastricht verlagen voor het publiek uit de eigen provincie.

Op deze manier wil de leiding van het museum tegemoet komen aan de bezorgdheid van het provinciebestuur over de geringe belangstelling van Limburgers voor het nieuwe museum, dat 40 miljoen gulden heeft gekost en waar de provincie jaarlijks een kleine 7 miljoen aan bijdraagt.

Tijdens besprekingen met het museum over de stand van zaken twee jaar na de opening beklaagde het provinciebestuur zich over de dalende bezoekersaantallen en over het geringe aandeel hierin van bewoners uit de eigen omgeving. Volgens het bedrijfsplan, dat voor de nieuwbouw is opgesteld, zou tien procent van de bezoekers uit Limburg moeten komen. Vorig jaar kwam nog geen zeven procent van de 130.000 bezoekers uit Limburg.

De directeur van het Bonnefanten, Alexander van Grevenstein, ontkende gisteren bij de presentatie van de plannen voor het nieuwe seizoen dat het museum minder bezoekers trekt dan mocht worden verwacht: “In de opzet is uitgegaan van 100.000 bezoekers. Met de huidige middelen halen we die dit jaar ook, maar als de provincie er meer wil, zullen er meer middelen moeten komen. We werken nu nog met hetzelfde exploitatiebudget als toen we in onze oude behuizing zaten, waar 50.000 bezoekers per jaar kwamen.” Dat het nieuwe museum in Groningen bijna vier keer zoveel bezoekers trekt als het Bonnefanten schrijft Van Grevenstein toe aan het grotere budget van de Groningers en aan principiële verschillen in het beleid: “Wij hoeven geen plasseks of Dick Bruna. Wij werken liever voor de eeuwigheid.”

Van Grevenstein erkent dat er te weinig bezoekers uit de eigen omgeving komen: “We zullen onze herkenbaarheid moeten vergroten. Van de 29 kunstenaars die tot nu toe hier hebben geëxposeerd, kwamen er 16 uit Limburg, maar die zijn niet als zodanig herkend. Maar ik wil wel graag meer helderheid hebben over wat wij onder onze regionale functie moeten verstaan.”

In afwachting van die discussie moet het museum vanaf september het middelpunt worden van een bruisend Bonnefantenfestival. “We gaan op een zondag bijvoorbeeld de harmonie van Thorn met bussen ophalen om hier een concert te geven, terwijl in een andere zaal een rockband een concert geeft.”

Ook op expositiegebied zal het museum zijn beleid aanpassen. In plaats van vele kleine exposities naast elkaar zal er meer nadruk komen op één centrale figuur, die als trekker fungeert voor de anderen.