Arjen Ederveen vraagt zich af wat kunst is

Voorstelling: Fly Away, een echte kunstrevue van Arjen Ederveen door De Toko. Regie: Matthijs Rümke. Decor: Rieks Swarte. Spelers: Arjen Ederveen, Ans Markus, Cecile Heuer, Mike Meijer, Aat Nederlof e.v.a. Gezien: 3/9, Nieuwe de la Mar. Nog te zien: aldaar t/m 6/12. Res. (020) 530 53 02

Alice heet een van de personages in Fly Away, een “echte kunstrevue” van theater- en televisieprogrammamaker Arjen Ederveen. De enige eigenschap van Alice waarop we enigszins zicht krijgen is haar dromerigheid, maar ze moet goed begrijpen, bijt Ederveen alias De Muze haar op een gegeven moment toe, dat ze “hier niet in Wonderland” is. Het is maar hoe je het bekijkt.

De twee uur durende voorstelling, naar een scenario van Ederveen zelf, laat een ratjetoe aan stijlen zien, een onsamenhangende hoeveelheid locaties en, hoewel de personages min of meer constant zijn, ongerijmde situaties. Het uitganspunt van de wel degelijk vrij wondere wereld die Ederveen ons binnenvoert is de vraag wat nu precies kunst is en wat echt en het antwoord daarop luidt, dat het leven zelf tussen beide noties geen onderscheid maakt. Als ik het goed begrepen heb althans, maakt de reeks sketches waaruit de revue bestaat, ons opzettelijk geen steek wijzer. Fly Away is theatraal sofisme, bedacht en opgevoerd voor de pret van zowel de makers als het publiek en opgesmukt met nadrukkelijke nep-pretenties.

De moeite die de makers genomen hebben om het publiek direct bij binnenkomst in de stemming te brengen is daar een voorbeeld van. We gaan op reis, ontvangen bij de ingang een “boardingpass”, moeten onder een metaaldetecterend poortje door en, eenmaal gezeten, onze stoelen in “upright position” brengen voor de “take-off”. Die metafoor wordt precies een scène lang volgehouden - lang genoeg overigens voor Ederveen om verder te kunnen doen en laten wat hij wil. Bestemming en reisschema zijn immers onbekend, vanaf het vertrek is alles gepermitteerd.

Dat wil zeggen dat we met z'n allen bij voorbeeld zowel in de hemel als de hel belanden, waar God in de gedaante van de mongoloïde acteur Aat Nederlof en de Duivel in die van de schilderes Ans Markus figureren. “Muze” Ederveen, in de aardse verschijning van “hoofd kunstzaken” van een DDR-achtige instelling, neemt met hen uiteraard de kernvraag wat kunst is door - even vanzelfsprekend op onnavolgbare wijze, waarbij tableaux vivants even ernstig als spotlustig naar het werk van Markus verwijzen. Even gemakkelijk wordt er een meezing-scène, geheel in de lijn van opperste lulligheid die het werk van het komische duo Ederveen en Tosca Nitterink van oudsher kenmerkt, ingelast of een aan John Lantings Theater van de Lach ontleend toneelstukje, waarvan spraakverwarring, kantoor- en kastdeuren en damesborsten verhullende damesbloesjes de dramatische handeling bepalen.

Fly Away is slechts bij vlagen leuk tot erg leuk en daarom zijn de twee uur dat de voorstelling duurt ook wel wat lang. De droogkomische Cecile Heuer toont juweeltjes van timing in haar spel als Roos, “hoofd relaties”, Mike Meijer is als De Dood een te sullige goedzak maar wel een goede aangever en Ederveen zelf is een onbeschaamde gangmaker. Zijn optreden als leernicht op de “surprise-party” van God is uitzinnig, evenals zijn imitatie van het kunstboegbeeld for the millions, Mathilde Willink. Conform het slotlied C'est la vie naar het leven gemodelleerd, maar het is natuurlijk kunst.