Verborgen drankhol

Niets oogt troostelozer dan de gesaneerde woonwijk van Ziguinchor. De wijk is zichtbaar op de tekentafel ontworpen. De lemen hutten zijn er vervangen door op zichzelf staande betonnen huizen zonder ramen. Ze herinneren aan bergruimten in moderne flatgebouwen. De lage, kale woondozen die aparte blokken vormen, zijn voorzien van elektriciteit.

Langs de kaarsrechte wegen zijn pompen aangebracht waar water kan worden getapt. De straten zijn brede, ongeplaveide vlakten. Op sommige plaatsen zijn de kuilen in het wegdek zo diep dat het is alof er een bominslag heeft plaatsgevonden. Het stuift er nog erger dan elders in Ziguinchor. Je ziet er bomen noch struiken.

Civilisatie is in het weelderige tropische zuiden van Senegal een onverbiddelijk proces waarvoor de natuur moet wijken. Esthetische ontroeringen bij de aanblik van de ongerepte natuur zijn de Diola's vreemd. De natuur draagt rijst, palmwijn, vruchten, vissen, brandhout, malariamuggen, giftige slangen en termieten aan. Als het meezit kan je er van plukken, maar je loopt meer kans om er aan ten onder te gaan.

Met de elektriciteitsvoorzieningen hebben de moderne apparaten hun intrede gedaan in de wijk. We stoppen voor een huis waar volgens een op een stukje karton geschreven mededeling gekoelde frisdranken te koop zijn. De deur van het huis staat open. In de schemerige ruimte zie ik een ijskast, een televisietoestel en één keukenstoel. Het televisiescherm werpt een blauwachtig licht op een onderuitgezakt meisje van een jaar of twaalf dat een slapende kleuter op schoot heeft. Het meisje zit naar de bewegende beelden van een nachtclubdanseres te staren die de Senegalese televisie deze middag in de aanbieding heeft. Afgezien van haar voet waarmee ze, als was het een automatisme, tegen een aan het plafond opgehangen rieten mand duwt ten einde een zich daarin bevindende, krijsende, pasgeboren baby te wiegen, verroert het meisje geen vin.

De ouders van het meisje die zich bij de buren blijken te bevinden, hebben inmiddels in de gaten gekregen dat er klanten zijn. Ze zien er welgedaan uit. De moeder is een nog jonge, buitengewoon mollige, met gouden sieraden behangen verschijning, die de krulletjes in haar kroeshaar heeft weten te temmen met een onwelriekende, olieachtige substantie. De vader is een magere man met Westerse kleren en een opvallend groot polshorloge. Maar in tegenstelling tot de gemiddelde vertegenwoordigers van de Westerse 'nouveau riche' treedt het echtpaar de vreemdelingen met een aangeboren gevoel voor hoffelijkheid en vriendelijkheid tegemoet. Tevens wordt ons subtiel te verstaan gegeven dat er desgewenst ook spiritualiën verkrijgbaar zijn.

In het dorp waar we ons onderkomen hebben, zijn het de palmwijntappers die voor sterke drank zorgen, voor zover ze die zelf niet soldaat maken althans. Soms klimmen ze dronken de boom in om nieuwe voorraden aan te boren, waarbij ze niet zelden omlaag vallen en of dood, of met een gebroken rug op aarde belanden.

Het wordt al snel duidelijk dat het echtpaar er heimelijk een café op nahoudt. Drank is in Senegal overigens gewoon in de supermarkt verkrijgbaar, maar het ontbreekt het tweetal aan een officiële tapvergunning. Het echtpaar leidt ons naar hun clandestiene drankhol, dat zich achter in de woning blijkt te bevinden. Als de deur opengaat, zie ik in het halfduister een kleine ruimte met een groot tweepersoonsledikant. Als zitplaats wordt ons de rand van de matras aangeboden. Bij het gaan zitten hoor ik ijzeren veren kraken. Een tijdlang zitten we in gezelschap van het beminnelijke echtpaar met een glas eau de vie in de hand zwijgend naast elkaar in hun slaapkamertje. De muur tegenover ons is zo nabij dat je hem moeiteloos kan aanraken. In de benauwde ruimte wordt het steeds warmer. Het voelt alsof je in een klamme, schapenwollen deken in de tropenzon bent achtergelaten. De eigenaar van het clandestiene drankhol zit intussen geanimeerd te vertellen. Zijn vrouw lacht veel en aanstekelijk. Dankzij het zonderlinge gebruik van de echtelijke slaapkamer lijkt het ze financieel voor de wind te gaan. En dat is zeldzaam in deze streken.