Gouden tijd voor headhunters door topvacatures

ROTTERDAM, 3 SEPT. EeEÉn vervuld, nog talloze te gaan. Headhunters beleven gouden tijden. Een opmerkelijk aantal vacatures in de top van het Nederlandse bedrijfsleven wacht op vervulling.

De gisteren aangekondigde overstap van topman F. Briët van Unilever Nederland (consumentenartikelen) naar staal- en aluminiumconcern Hoogovens is maar een van de vele transfers die de komende weken en maanden op handen zijn.

Grolsch, Delft Instruments, Holland Media Groep en Origin zoeken met spoed een eerste man (of vrouw). Transportbedrijf Frans Maas zoekt al maanden naar een opvolger voor bestuursvoorzitter ir. R. Oliemans, die begin dit jaar onverwacht vertrok. Detailhandelsbedrijf KBB (HEMA, Bijenkorf) meldde zich vorige week: interim topman ir. A. Maas zoekt op korte termijn een of twee opvolgers voor de twee bestuurders die hun functie ter beschikking hebben gesteld. Ook Nutricia heeft twee vacatures in de top te vervullen.

“De laatste paar jaar is er al veel vraag naar topmanagers”, zegt een consultant bij een vooraanstaand wervings- en selectiebureau, die niet met zijn naam in de krant wil. “Het valt nu misschien wat meer op omdat er meer aandacht is, bijvoorbeeld doordat de kranten met personalia rubrieken de wisselingen rapporteren.” Bij gebrek aan statistisch materiaal, moeten de wervers afgaan op hun eigen opdrachten.

De aanhoudende vraag van ondernemingen hangt nauw samen met de veranderde omgeving waarin managers werken en met een binnensluipende 'voetbaltrainers cultuur': als de club niet presteert vliegt de trainer eruit. “Het voorbeeld van de voetbaltrainers is wel extreem”, vindt de eerder aangehaalde consultant, maar dat deze tendens ingang heeft gevonden, kan hij bevestigen. Het tweehoofdige bestuur van KBB dat het veld heeft geruimd was naar zijn zeggen “nog maar amper” als koppel actief. “Je ziet ook mensen drie, vier maanden op een nieuwe post zitten en weer vertrekken als het niet botert. Ondernemingen nemen wat dat betreft ook sneller hun verlies en zeggen: laten wij de kosten voor een afvloeiïng maar gewoon nemen.”

Deze houding weerspiegelt de sterke concurrentie omgeving waarin de topmanagers werken. “Het is veel internationaler geworden. In alle importante bedrijfstakken zoeken ondernemingen naar overnames. Dat is een wereld van sterke mannen. Er wordt nogal wat gevergd van die mensen.”

De openstaande vacarures zijn nog maar een beperkte indicatie van de wisselingen bij bedrijven. Onverwachte opstappers als drs. P. Bouw (KLM) en financieel directeur J. Westerhoud bij Baan werden bijvoorbeeld razendsnel intern, respectievelijk extern opgevolgd. Net als verschillende andere (top)managers wilden zij wel eerder weg, of besloten zij tussentijds uit te stappen, om de prestatie- en tijdsdruk te keren.

“Vroeger gingen managers op hun 65-ste met pensioen, toen kregen wij de Vut en nu zijn er meer mensen die zeggen: ik wil doorgaan tot mijn 55-ste.” Voorbeelden zijn ex KLM-topman Bouw en bestuursvoorzitter ir. R. Kingma van Delft Instruments. Opvallend is dat ook deze tendens zijn keerzijde heeft. Vroeger was een manager die ouder was dan 45 jaar eigenlijk niet gevraagd, nu verandert een enkeling nog op zijn 55-ste om wat anders te gaan doen.”

“Ik had rustig tot mijn pensioen bij Shell kunnen blijven”, zegt de nieuwe 55-jarige topman van het vastgoedfonds Rodamco, drs. J. de Kreij, in het laatste nummer van Robeco's huisblad Safe. “Maar door mijn tropenjaren zou ik op mijn 57ste al hebben moeten opstappen. En daar ben ik nog te actief voor.”