Als een vogel in een kooitje

Engelchen. Regie: Helke Misselwitz. Met: Susanne Lothar, Cezary Pazura, Kathrin Angerer. In: Rialto, Amsterdam; Haags Filmhuis; 't Hoogt, Utrecht.

Wat is er toch geworden van de voormalige coryfeeën van de Oost-Duitse documentaire traditie? Van de meesten wordt weinig meer vernomen, maar Helke Misselwitz (Planitz, 1947) vormt een uitzondering op de regel. Na Herzsprung (1992) regisseerde ze vorig jaar haar tweede lange speelfilm. Bijna op elk festival waar Engelchen verscheen, werd de film door jury's, pers en publiek geknuffeld als realistisch, maar gelukkig niet te veel op de werkelijkheid lijkend portret van een vrouw aan de zelfkant van S-bahnstation Ostkreuz.

Tja. Kwaliteit en degelijkheid kun je Misselwitz noch haar hoofdrolspeelster, theateractrice Susanne Lothar (binnenkort te zien in Michael Haneke's Funny Games), ontzeggen. En toch had ik het moeilijk met dit quasi-realistische melodrama over een contactarme lopendebandwerkster, haar ongerijmde liefde voor een Poolse zwarthandelaar en de cumulatie van ellende op haar pad.

Ik denk dat de documentaire achtergrond van Misselwitz haar een beetje in de weg zit. Voortdurend tracht de regisseuse ons te bewijzen dat dit speelfilm, fictie, niet echt is en dat ze dat métier ook beheerst. De bestudeerde camerabewegingen van Thomas Plenert, het gestileerde, soms geëxalteerde acteren en de kunstmatigheid van het scenario leiden ertoe dat ik Engelchen helemaal niet meer geloof. Zelfs simpele feiten doen soms een dubbele bodem vrezen: is dat collegaatje wel echt een zus van de hoofdpersoon, of doen ze maar alsof? Zodra vogels in kooitjes, bij voorkeur in de eerste en de laatste scène, de onvrijheid van de hoofdpersoon moeten symboliseren, heb ik de neiging de hele film als een satire te beschouwen. Ik vrees dat het Misselwitz echter ernst is, dodelijke ernst.