Ali Ibrahim, de roeier 'die de krokodillen te snel af is'

De Egyptische roeiploeg bij de WK in Frankrijk telt slechts vijf leden. Blikvanger is skiffeur Ali Ibrahim, de beste roeier van Afrika, die dagelijks op de Nijl traint.

LAC d'AIGUEBELETTE, 3 SEPT. Als kind legde Ali Ibrahim op de Nijl de basis voor een glanzende roeicarrière. In een eenvoudige sloep was de boerenzoon altijd op het water te vinden. Terwijl zijn drie broers het Egyptische platteland bewerken, bevaart Ibrahim, die zich met een ferme handdruk en een brede glimlach voorstelt als Ibrahim Ali Ibrahim, de internationale wateren. De 25-jarige skiffeur heeft een plaats verworven in de wereldtop en geldt als de beste roeier die Egypte ooit heeft gehad.

Ibrahims eerste race van 2.000 meter op het Meer van Aiguebelette was ronduit slecht. In de series slaagde de roeier met de lichtbruine teint, bruine ogen en kort zwart haar er zondag niet in om zich via een overwinning rechtstreeks naar de halve finales van morgen te roeien. Net als de Nederlandse skiffeur Merlin Vervoorn lukte hem dat gisteren met een tweede plaats in de herkansing wel.

De bondscoach van Egypte, de Kroaat Milivoj BoraniAÀc, geeft aan dat de stroeve start een klimatologische oorzaak heeft. “We kwamen hier kort voor het toernooi aan. In Egypte was het veel warmer. Toen Ali hier zondag moest roeien, was hij nog niet gewend aan de lagere temperatuur. Nu gaat het een stuk beter”, zegt BoraniAÀc een uur na Ibrahims herkansing.

Dat roeien hongerig maakt, bewijst de Egyptische skiffeur bij de lunch. Ibrahim opent de aanval op een berg frites met ketchup, een broodje vlees, een verzameling groente en een tros druiven. Met een anderhalve-literfles bronwater aan zijn mond spoelt hij de royale middagmaaltijd weg. Nooit hoefde zijn moeder hem op de boerderij, op twee uur rijden van Kairo, tijdens het eten vermanend toe te spreken om zijn bord leeg te eten. Hij is een grote jongen geworden, 1 meter 95 lang en 85 kilo zwaar. “Roeien is mooi omdat je al je spieren kan laten werken.”

Sinds twee jaar roeit Ibrahim op internationaal niveau. Bij de WK van 1995 in het Finse Tampere gold hij met zijn zeventiende plaats nog gewoon als een van de vele deelnemers uit een exotisch land. Bij de Olympische Spelen van Atlanta trad Ibrahim uit de schaduw door als achtste te eindigen en dit jaar brak hij internationaal door in de reeks van drie wedstrijden om de wereldbeker. In München en Parijs werd hij tweede, in Luzern zesde. De prestaties van Ali Ibrahim zijn niet alleen voor Egyptische begrippen opmerkelijk, hij is ook de vaandeldrager van een continent. Afrika is deze week in Frankrijk slechts vertegenwoordigd door ploegen uit Egypte en Zuid-Afrika.

Hoewel Ibrahim als jongen talloze keren op de Nijl had gevaren, stapte hij pas in een echte roeiboot toen hij als 20-jarige een soort vervangende dienstplicht deed bij de politie van Kairo. “Politiewerk deed ik niet, ik was alleen maar bezig met roeien. In alle klassen heb ik gevaren, van de skiff tot en met de acht.” De komst van Ibrahim leverde het politie-roeiteam in het eerste jaar de nationale titel op. Het korps heeft hij verlaten, Ibrahim studeert voor officier.

Drie jaar geleden ontfermde de Kroatische roeicoach BoraniAÀc zich over het jonge talent. De nu 65-jarige man die voor de oorlog bondscoach was van Joegoslavië, was in Egypte al actief in de tijd van de Olympische Spelen van 1960 in Rome. Hij vertrok na negen jaar, maar keerde het land waar voetbal het populairst is en handbal de beste sport niet voorgoed de rug toe. “In Egypte zeggen ze dat je terugkomt als je eenmaal het water van de Nijl gedronken hebt.”

Met zijn vrouw woont hij nu in de Egyptische hoofdstad, net als Ibrahim. De skiffeur heeft twee voornemens: begin volgend jaar trouwen met zijn vriendin en een medaille winnen op de Olympische Spelen van 2000 in Sydney. Trainen doet Ibrahim vooral op de Nijl, vijf uur per dag, en soms in het Suezkanaal. “We geven de voorkeur aan de Nijl”, zegt BoraniAÀc, “omdat het daar rustiger is.”

De Franse sportkrant l'Équipe citeerde gisteren de manager van Ibrahim, Mahmoed Tarek Emera, die zei dat hij zo snel kan roeien omdat hij dat op de Nijl ook moet doen om de krokodillen voor te blijven. Maar BoraniAÀc degradeert het krokodillenverhaal tot een indianenverhaal. “Die krokodillen zitten wel in de Nijl, maar tweeduizend kilometer verder naar het zuiden, bij Soedan.” Ontkennen helpt echter niet. Sinds gisteren wordt de naam van Ibrahim in één adem genoemd met de krokodillen in de Nijl.

Als eerste en tot nu toe enige Nederlandse ploeg bereikte de vrouwen lichte dubbelvier vandaag een finaleplaats bij het WK roeien. De lichte skiffeuze Mirjam ter Beek en skiffeur Merlin Vervoorn (open klasse) haalden gisteren de halve finales. De lichte mannen-acht stelde teleur door zich niet te plaatsen voor de finale, waaraan zaterdag zes van de in totaal acht ingeschreven ploegen meedoen. De mannen twee zonder miste gisteren de halve finale. De vrouwen dubbelvier en de mannen- en de vrouwenacht werden vandaag uitgeschakeld.