Diplomatieke apartheid

The international status of Taiwan in the new world order; Legal and political considerations. Redactie Jean-Marie Henckaerts. Uitg. Kluwer Law International, ƒ 143,10.

China en Taiwan praten al twee jaar niet meer met elkaar. De toch al gespannen betrekkingen zijn verder afgekoeld, nadat het Chinese leger met grootscheepse oefeningen probeerde de Taiwanese bevolking te intimideren in de aanloop naar de presidentsverkiezingen op het eiland.

De economische betrekkingen floreren echter. Taiwan is na Hongkong de grootste buitenlandse investeerder in China. In de kustprovincie Fujian, waarvandaan Taiwanese eilanden met het blote oog zichtbaar zijn, is de Taiwanese aanwezigheid het duidelijkst. Hotels verwelkomen de 'landgenoten' met grote spandoeken.

Sinds enkele maanden is er zelfs een rechtstreekse scheepvaartverbinding geopend tussen Xiamen, de speciale economische zone in China, en de Taiwanese havenstad Kaohsiung. Chinese goederen mogen echter nog steeds niet rechtstreeks Taiwan in. De verbinding is slechts bedoeld voor de doorvoer van producten naar andere landen.

De Taiwanese relaties met China verlopen vooral via Hongkong. Nu Hongkong sinds 1 juli Chinees is, moeten er nieuwe afspraken worden gemaakt over de status van Hongkong als economisch scharnier tussen Taiwan en China. Peking heeft echter tot op het laatst zijn bedoelingen in het vage gelaten.

Waarschijnlijk als reactie daarop heeft de Taiwanese president Lee Teng-hui gezegd dat Taiwanese bedrijven minder mogen investeren in China en heeft hij straffen in het vooruitzicht gesteld voor de vele bedrijven die het niet zo nauw nemen met de verplichting een investeringsvergunning aan te vragen bij het ministerie van financiën. De Taiwanese regering vreest dat de verdeeldheid tussen bedrijfsleven en regering China zo goed uitkomt, dat Peking de kloof graag zal vergroten.

De economische betrekkingen blijven helaas onderbelicht in een enkele maanden geleden verschenen boek over de internationale status van Taiwan. Taiwanese, Amerikaanse en Europese wetenschappers, onder wie de Nederlander Hans Kuijper, leveren bijdragen die vooral gaan over vragen als het recht dat China op Taiwan kan doen gelden, het mogelijke lidmaatschap van de Verenigde Naties en het internationale isolement van Taiwan. Tussen de soms langdradige legalistische betogen door bevindt zich fascinerende informatie over een relatief onbekend onderwerp.

Peking probeert Taiwan in een internationaal isolement te dwingen teneinde Taipei te bewegen zich te verenigen met China. De Volksrepubliek dwingt de wereld te kiezen tussen Peking en Taipei. Taiwan is daardoor in een 'diplomatieke apartheid' beland, zo schrijft Vincent Wei-cheng Wang.

Peking houdt bijvoorbeeld het lidmaatschap van de Verenigde Naties tegen. Taiwan is het enige land ter wereld dat geen lid kan worden van de VN, hoe graag het ook wil. Mogelijkheden voor toetreding als lid of als waarnemer worden uitgebreid besproken in het boek. Het onderwerp roept in Taiwan zelf heftige emoties op. In 1991 gingen tienduizenden Taiwanezen de straat op om voor toetreding te pleiten. Wel mag Taiwan van Peking, meestal onder de naam 'Taipei, China', lid zijn van organisaties met een lager politiek profiel - zoals de Aziatische Ontwikkelingsbank, die bijna paradoxaal voor miljarden dollars projecten in China financiert.

Informele diplomatie helpt Taiwan volgens Linjun Wu om “de politieke status quo hoog te houden, de welvaart te bevorderen en er wordt een verdergaand politiek isolement mee vermeden”. Toen Taiwanese ministers in 1994 en 1995 een vrij groot aantal buitenlandse bezoeken brachten, altijd onder het mom van vakantie, werd het Peking echter te gortig. Na zware druk op Thailand en Japan werd de Taiwanese delegatie daar op veel lager niveau ontvangen dan oorspronkelijk was afgesproken.

China baseert zijn claim op Taiwan op een tijd dat het land één was. Taiwan heeft echter nooit behoord tot de staat China zoals die nu bestaat, zo betogen verscheidene juristen in het boek. “De Volksrepubliek China heeft Taiwan nooit geregeerd, nog geen dag”, zo schrijft Lung-chu Chen. “Taiwan is een soeverein, onafhankelijk land in elke zin van het woord.”

Taiwan lijkt voorlopig te streven naar bestendiging van de huidige situatie. De facto gedraagt Taiwan zich als een onafhankelijke staat, al wordt dat door haast geen enkel ander land erkend. Uit vrees de Volksrepubliek voor het hoofd te stoten zijn er nauwelijks landen die diplomatieke betrekkingen onderhouden met Taiwan. Op enkele dwergstaatjes na, die vallen voor de financiële avances van Taipei, hebben haast alle landen gekozen voor Peking.

In 1981 trotseerde de Nederlandse regering de Chinese intimidatie door twee onderzeeërs te verkopen aan Taiwan. De Chinese regering verbrak daarop de diplomatieke betrekkingen. In 1992 weigerde Den Haag een nieuwe exportvergunning en werd daarmee beloond met Chinese orders. Sindsdien volgt Nederland braaf de door Peking gewenste lijn. Premier Kok bevestigde bij zijn bezoek aan China in 1995, tot vreugde van zijn gastheren, het Nederlandse 'één-China-beleid' waarin de heerschappij van de Volksrepubliek over Taiwan wordt erkend. De KLM was bereid voor zijn vluchten op Taiwan het eigen logo te laten vervallen om daarmee het recht te verwerven een route op Peking te openen.

Net als andere landen onderhoudt Den Haag wel stille diplomatieke betrekkingen met Taiwan. Zo sprak vice-premier Hsu Li-teh in april met staatssecretaris Van Dok van Economische Zaken. Dat contact past in het concept van economische communicatie met Taipei, terwijl het ministerie van buitenlandse zaken officieel zijn één-China-beleid kan volhouden.

Geen van de auteurs vindt een vereniging met China op korte termijn mogelijk of wenselijk. De vereniging is zelfs pas mogelijk als China democratisch wordt, zo zei de Taiwanese vice-premier in juli bij CNN. Daar gaan waarschijnlijk nog wel enige decennia overheen.

De facto gedraagt Taiwan zich als een onafhankelijke staat, al wordt dat door haast geen enkel ander land erkend