Amsterdam legt fors toe op parkeergarages

AMSTERDAM, 2 SEPT. De gemeente Amsterdam lijdt miljoenenverliezen op parkeergarages en het transferium bij de Amsterdam Arena. Van de honderd miljoen gulden aan parkeerinkomsten blijft slechts zes miljoen gulden over om te investeren in verkeersplannen.

Dit blijkt uit de begroting van 1998 die is opgesteld door het college van B en W. Op het transferium bij de Amsterdam Arena lijdt de gemeente jaarlijks een verlies van acht miljoen gulden. Het transferium wordt weinig gebruikt door forenzen die daar kunnen overstappen op het openbaar vervoer. Ook is het aantal evenementen in de Arena lager uitgevallen dan geraamd. De directie van de Arena wil geen 'combikaarten' verkopen; bij het kaartje voor een evenement zou dan ook een toegangsbewijs voor het transferium zitten. Voor het verlies op parkeergarages is in de begroting een bedrag opgenomen van dertien miljoen gulden. In de begroting van 1997 was dit nog acht miljoen.

Van de honderd miljoen gulden aan parkeerinkomsten blijft na aftrek van de kosten voor onder meer wielklemmen en salarissen voor toezichthoudend personeel dertig miljoen gulden over. Een deel daarvan gaat naar de stadsdelen, die zelf mogen bepalen wat ze met dit geld doen. De rest komt in het zogenoemde mobiliteitsfonds voor de financiering van verkeersplannen. In de begroting van 1998 is voor dat fonds zes miljoen gulden opgenomen. “De kosten verdringen de investeringen”, aldus wethouder Peer (Financiën).

De wethouder noemt de gemeentebegroting van totaal zeven miljard gulden verder “behoudend”. In tegenstelling tot veel andere grote steden heeft Amsterdam volgens hem gekozen voor een “behoedzaam scenario”. “Naar alle waarschijnlijkheid zijn er in de loop van het jaar nog een aantal meevallers te verwachten”, aldus Peer. In het kader van het armoedebeleid krijgt de gemeente Amsterdam 24 miljoen gulden extra van het Rijk.

De reserve op de begroting voor 1998 bedraagt 71 miljoen gulden, in de begroting voor 1997 was dat 50 miljoen gulden. Volgens een rapport van Moret, Ernst & Young heeft de stad Amsterdam voor onvoorziene tegenvallers een reserve van 250 miljoen gulden nodig. Maar wethouder Peer vindt 70 miljoen gulden gezien het 'behoedzame scenario' ruim voldoende. Bovendien zijn volgens hem enkele belangrijke risicofactoren uitgeschakeld. Zo is de gemeentebijdrage voor het noodlijdende Gemeente Vervoer Bedrijf (GVB) inmiddels geregeld. Peer wil voor de nieuwe collegeperiode “een actualisering” van het rapport van Moret, Ernst & Young.

Uit de begroting van B en W blijkt verder dat de onroerendezaakbelasting (OZB) in Amsterdam met een procent zal dalen. De aanslag voor het rioolaansluitingsrecht zal met ongeveer drie gulden omlaag gaan.