Wallage bepleit steun bedrijf aan onderwijs

HILVERSUM, 1 SEPT. PvdA-fractieleider J. Wallage wil dat het Nederlandse bedrijfsleven bijdraagt aan het op peil houden van het beroepsonderwijs. Hij pleitte zaterdag in het Radio 1 Journaal voor duidelijke afspraken met bedrijven over “een stevige permanente bijdrage”. Mocht dat op niets uitlopen, dan wil hij in het komend regeerakkoord een financiering uit de winsten van bedrijven afdwingen, desnoods bij wet.

Het probleem met het beroepsonderwijs ligt, aldus Wallage, in de snel voortschrijdende technologie. Veel scholen voor beroepsonderwijs werken met verouderde apparatuur en hebben te weinig geld om die te vervangen.

Minister Ritzen (Onderwijs) steunt in grote lijnen het pleidooi van zijn partijgenoot Wallage, maar coalitiegenoten VVD en D66 en oppositiepartij CDA wijzen een wettelijke verplichting af. Fractievoorzitter Wolffensperger (D66) vindt dat in de eerste plaats de overheid voor voldoende geld moet zorgen. Hij noemde de oplossing van Wallage “te makkelijk: goed onderwijs is een verantwoordelijkheid van overheid”. Tweede-Kamerlid Cornielje (VVD) wil de sociale partners nadrukkelijker wijzen op hun medeverantwoordelijkheid voor opleiding en scholing van (toekomstige) werknemers.

Ook de Industriebond FNV en werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland zien niets in het plan van Wallage. Goed onderwijs is volgens VNO-NCW een algemeen maatschappelijk belang, dat door de overheid dient te worden bekostigd.

Volgens secretaris onderwijszaken Renique van VNO-NCW stopt het bedrijfsleven jaarlijks al drie miljard gulden in het beroepsonderwijs. “Dat is evenveel als de overheid.”

Zo heeft de metaalbranche de afdelingen metaal op tien scholen voor voorbereidend beroepsonderwijs geadopteerd: twee jaar lang stellen ze in totaal vier miljoen gulden beschikbaar om het metaalvak nieuw leven in te blazen.

In andere gevallen gaat het om lokale initiatieven, waarbij bedrijven bij voorbeeld machines leveren aan een opleiding, of gastdocenten.