The Paper

Enzovoorts. Het is All The Presidents Men on Speed, deze satire op het krantenleven. En het verveelt geen seconde. The Paper, SBS6, 20.30-22.30u.

Henry Hackett, chef van de stadsredactie van de New Yorkse sensatiekrant The Sun, heeft het niet gemakkelijk. Zijn vrouw is hoogzwanger. Zijn krant balanceert op de rand van het faillissement. Zijn collega's zijn incompetent, gestoord en onuitstaanbaar.

Dat hij net een aantrekkelijk aanbod heeft gekregen van de respectabele New York Sentinel maakt het er niet overzichtelijker op, want Hackett houdt van The Sun. “Ik geef je de kans om over de wereld te schrijven”, houdt de nuffige hoofdredacteur van de Sentinel hem voor. Maar Hackett (Michael Keaton, neurotischer dan ooit) twijfelt, want hij heeft helemaal niet het gevoel dat hij in de wereld woont. “Ik woon verdomme in New York”, schreeuwt hij halverwege de film in de telefoon.

Het zit hem niet lekker dat ze een nieuwtje over de de moord op twee zakenlieden in Manhattan gemist hebben, en hij voelt aan zijn water dat de twee zwarte jongens die de politie heeft ingerekend het niet gedaan hebben.

Jammer dat managing editor Alicia Clark (een der engste feeksen die Glenn Close ooit neerzette) die theorie niet gelooft, en voor de volgende dag een voorpagina in haar gedachten heeft met een foto van de twee verdachten met de reuzenkop Gotcha! (Hebbes). “God verhoede dat we ooit een kop zonder uitroepteken zouden hebben”, zegt de chef buitenland nog tijdens een luidruchtige redactievergadering, maar niemand die op haar let.

De strijd tussen Hackett en Clark bereikt tijdens de 24 uur die de film beslaat krankzinnige hoogten, maar daartussen door strooit regisseur Ron Howard nog allerlei nevenintriges, running gags en grove grappen die het toch al verbijsterende tempo van de film nog verder opvoeren. Een haperende air-conditioning waaraan de hele dag zonder resultaat wordt gewerkt, een redacteur met rugpijn die een speciale stoel wil, reporters die vanaf een barkruk in Manhattan over Brooklyn schrijven en een hoofdredacteur (Robert Duvall heeft nooit veel illusies gehad, maar in deze film heeft hij ze allemaal opgegeven) die een slechte dag heeft: “Ik heb politieke columnisten, gast-columnisten en beroemde columnisten. Maar geen dode columnisten! En die zou ik goed kunnen gebruiken! Weet je wat die columisten eens zouden moeten doen? Hun bek dichthouden!”