Kabila haalt scherp uit naar 'buitenlandse inmenging' in Congo

KINSHASA, 1 SEPT. President Laurent-Désiré Kabila van de Democratische Republiek Congo, het vroegere Zaïre, heeft dit weekeinde scherp uitgehaald naar wat hij “onaanvaardbare buitenlandse bemoeienis” noemde met Congolese aangelegenheden. Vorige week weigerde zijn regering toestemming voor een onderzoek door de Verenigde Naties naar moordpartijen onder vluchtelingen, die zich het afgelopen jaar hebben afgespeeld in het oosten van het land.

Kabila sprak zaterdagmiddag in de hoofdstad Kinshasa 5.00O aanhangers toe, die eerder door de stad waren getrokken om te protesteren tegen het voorgenomen VN-onderzoek. De president beloofde de menigte “een halt toe te roepen aan de onverdraaglijke inmenging in onze binnenlandse aangelegenheden”. Hij noemde de VN en de Westerse mogendheden niet met zoveel woorden, maar de betogers lieten er geen twijfel over bestaan wie het mikpunt was van hun woede. Ze voerden spandoeken mee waarop de VN werden aangevallen, marcheerden langs de ambassades van de Verenigde Staten en Frankrijk en hielden stil voor het kantoor van de VN in Kinshasa. Het voorgenomen VN-onderzoek is inmiddels voor de derde maal opgeschort wegens bezwaren van de Congolese regering, die ontkent dat Kabila's troepen sinds het begin van de opstand tegen ex-president Mobutu in het oosten van het land duizenden Rwandese Hutu-vluchtelingen hebben vermoord. Kinshasa beschuldigt de VN van partijdigheid. De leider van de VN-missie, de voormalige opperrechter Koffi Atsu Amega uit Togo, is voor de Congolese regering onaanvaardbaar omdat ze Togo beschouwt als een trouwe bondgenoot van de verdreven Mobutu.

De mars van zaterdag was georganiseerd door de vrouwenbeweging van de Alliantie van democratische krachten voor de bevrijding van Congo-Zaïre (ADFL), de voormalige rebellenbeweging van Kabila die sinds de val van Mobutu in mei de meeste regeringszetels bezet. De betogers boden de president een petitie aan, waarin de beschuldigingen van moorden op Hutu-vluchtelingen van de hand worden gewezen. (AFP, Reuter)