'De opera draait toch nog steeds om zangers'

De masterclass, die om het andere jaar wordt georganiseerd door het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch, wordt dit jaar gegeven door de Italiaanse sopraan Renata Scotto. “Het gaat om het personage, voor jonge zangfers is het erg moeilijk het zingen op de tweede plaats te laten komen.”

Masterclass Renata Scotto t/m 5/9 Theater aan de Parade, Den Bosch, publiek toegankelijk. Slotconcert: 7/9. Inf.: 073-6125125.

DEN BOSCH, 1 SEPT. 'Sangue, sàn-gue, SAN-gue!' Renata Scotto is Tosca. Ze staat op het podium van het Theater aan de Parade in 's-Hertogenbosch waar ze een masterclass geeft, maar ze bevindt zich eigenlijk in de kerk van Sant' Andrea della Valle in Rome. Naast haar kijkt de Russische sopraan Elena Pankratova met grote ogen toe. De jonge Russin heeft een stem met een majesteitelijk geluid dat als een vloedgolf over je heen slaat, maar ze staat op het podium als een zoutpilaar, een Siberische ijskoningin, geen warmbloedige operadiva. Geen Cavaradossi die daarvoor warm loopt, laat staan het publiek.

Scotto, klein, beweeglijk, ontzagwekkend energiek, gaat met haar aan het werk. Ze prikkelt, spoort aan en jut op. “Dìt is Tosca: een Romeinse diva die gekleed voor een optreden een kerk binnenkomt met bloemen voor de Madonna. Geen operazangeres die uit zo'n opkomst niet probeert uit te buiten. Schitterende jurk, juwelen, een mooi boeket; en daar staat Cavaradossi, haar minnaar. Tosca is even hartstochtelijk als ziekelijk jaloers. Vroom is ze ook, een tikkeltje bigot - en voor het portret van de Madonna weigert ze Cavaradossi te kussen. Maar ze belooft hem een warme nacht: in Tosca's bloed, sangue, brandt de waanzin van de liefde.”

Melodrama is het, maar voor Scotto betekent dat enkel echter dan echt. “Over de volle maan zingt Tosca, en over nachtelijke geur van de bloemen buiten Rome. Ruik die geur, laat Cavaradossi die geur ruiken, en hij bezwijkt.” De Russische sopraan luistert en smelt. Na een half uur met Scotto op het podium heeft ze zich ontpopt tot een diva, Puccini waardig, afwisselend hitsig en hautain.

Renata Scotto, in 1933 geboren in Savona, heeft een lang en succesrijk operaleven achter de rug. Maar wie haar met jonge zangers tijdens haar Masterclass van het Internationaal Vocalisten Concours bezig ziet, vermoedt meteen dat ze er nooit genoeg van zal krijgen. Scotto beaamt dat in een gesprek, tussen twee zware sessies. Hoewel ze zelf nog veel concerten geeft en ook regelmatig een opera regisseert, koestert ze een grote hartstocht voor lesgeven. Geen gerenommeerde academie of Scotto geeft er cursussen. Ze heeft haar eigen zomeracademie aan de Italiaanse Rivièra. “Wat ik jonge zangers wil leren is hoe ze zo direct mogelijk gevoelens kunnen overbrengen aan het publiek in de zaal, hoe ze zich kunnen bevrijden van maniertjes en technische hindernissen.

“Een zanger moet zich volkomen hebben ingeleefd in een rol voordat hij er muzikaal aan begint. Iedere noot moeten ze van binnen voelen, iedere dramatische nuance moet worden ervaren. Ik leg altijd het accent op het personage. Toen mijn carrière begon, in de jaren vijftig, bestond opera vooral uit grote zangers, die zich direct tot het publiek richtten en zo hoog mogelijke noten produceerden. De enscenering deed er nauwelijks toe, het acteren kwam op de laatste plaats.

“Het zijn de grote regisseurs die het drama geloofwaardig hebben gemaakt: Visconti, Peter Hall, Mauro Bolognini, Franco Zefirelli. Ze hebben ook een ontwikkeling op gang gebracht die te ver is doorgeschoten. Tegenwoordig is een operavoorstelling te vaak een symfonisch concert, waar het orkest de leiding heeft en de dirigent de ster is. Hoor eens, opera draait toch nog steeds om zangers.”

Het zijn niet alleen de regisseurs geweest, zeg ik. Al vroeg in haar carrière heeft Renata Scotto zelf het geloofwaardig acteren van melodrama tot haar grote specialiteit gemaakt. “Ik heb opera vanaf het begin gezien als muziektheater, dramma in musica. Acteren en zingen moeten samengaan, een geheel vormen. Wat ik goed kon, denk is, is mij een rol volledig eigen maken en tegelijkertijd de prima donna blijven die het publiek de kracht van je optreden laat ondergaan, die het publiek emotioneel aan zich bindt. Ik heb het mezelf altijd graag moeilijk gemaakt, de drie hoofdrollen in Puccini's Il trittico op één avond gezongen. Georgetta, Suor Angelica en Lauretta zijn totaal verschillende personages. Daarom houd ik ook van Manon Lescaut met alle emoties: onschuld, charme, verdorvenheid, pijn.”

Fijntjes heeft ze tegen de jonge Russische sopraan op het podium opgemerkt dat het verismo-repertoire, de opera's van Puccini en zijn tijdgenoten, het meest geschikt is voor zangers die al een ruime ervaring hebben. Bedoelde ze de levenservaring die nodig is om al die heftige emoties tot uitdrukking te brengen? “Ook, maar niet in de eerste plaats. Ik vind dat je de muzikale traditie, en in mijn geval is dat de Italiaanse operatraditie, van binnenuit moet kennen. Om verismo goed te kunnen zingen, moet je je eerst de belcantostijl eigen hebben gemaakt, zoals iemand eerst het alfabet en de grammatica van een taal leert, voor hij gedichten kan begrijpen. Als je vanuit die traditie werkt, hoed je je ook voor melodrama. Verismo ís al melodrama, daar hoeft niet nog eens een spontaan melodramatische acterende diva bij. Het staat allemaal keurig in de partituur.

“Elena heeft een grote stem, maar ze kent Tosca nog niet van binnenuit. Voor jonge zangers is het erg moeilijk om het zingen op de tweede plaats te laten komen. Pas als je heel zeker van je techniek bent, kun je je inleven.”

Toch zingt haar leerling binnenkort Tosca in het theater. “Ze laat zich niet opjagen, maar de druk is tegenwoordig zo groot, alles moet snel, snel. Ik adviseer jonge zangers altijd om niet meteen voor La Scala auditie te doen, want als je wordt aangenomen, brengt dat zoveel druk met zich mee, dat je wel moet bezwijken. De zangers van mijn generatie werd meer rust gegund. Voordat ik Norma zong, heb ik eerst alle andere opera's Bellini gezongen, één voor één. Ik heb er vijfendertig jaar overgedaan om van Gilda in Rigoletto naar Lady Macbeth te komen. Maar de verleiding is zo groot! Het beste kun je een agent nemen die je tegen jezelf beschermt.”