Ajax, FC Utrecht

Ajax won gisteren met 7-1 van FC Utrecht. De overwinning in Utrecht was zeer geflatteerd. De Amsterdamse ploeg speelde allerminst overtuigend en kon zelden zijn rol als favoriet voor de titel waarmaken. Het eerste Ajax-doelpunt, dat al na vijf minuten viel, was niettemin van grote schoonheid. Na een fraaie combinatie met de sterk beginnende Ronald de Boer schoot Babangida meedogenloos hard in toen hij alleen voor doelman Postma opdook. In de 24ste minuut kopte Tobiasen ongehinderd uit een hoekschop Ajax naar een 2-0 voorsprong. FC Utrecht gooide daarna eindelijk de schroom van zich af, kreeg kansen en verkleinde de marge door een fraaie vrije trap van Decheiver tot 2-1.

In het begin van de tweede helft stond Ajax onder zware druk. Utrecht viel aan, toonde zijn talent en lef en liet zien hoe kwetsbaar de verdediging van Ajax met de te trage Blind, de te speelse Oliseh en de opvallend onzekere Frank de Boer was, maar had geen geluk. Op het moment dat de Utrechtse uitblinker Mols in de kleedkamer vertoefde om een bloedende wond te laten hechten trof Blind met een afstandsschot zowaar doel: 3-1. Daarna nam het verzet van Utrecht steeds meer af. Tobiasen (sterk), Arveladze (onzichtbaar), Laudrup (lusteloos) en Litmanen (rustgevend) vergrootten de voorsprong. Opvallend aan Ajax-zijde was vooral het goede spel van Litmanen, die na rust Dani verving.