Waardige zwarte doos voor Bellevue

Het herbouwde Theater Bellevue gaat, na enkele maanden gesloten te zijn geweest, maandag opnieuw open. Hiermee is Amsterdam een volwaardige toneelzaal rijker met een capaciteit van ruim tweehonderd toeschouwers.

Amanda door Ingeborg Elzevier is te zien op 2 en 3/9 en 16 t/m 18/9 in Bellevue, Leidsekade 90, Amsterdam. Inl.: 020-5305300.

AMSTERDAM, 30 AUG. Meer dan anderhalve eeuw geleden eindigde Amsterdam aan de Leidsekade - die toen nog niet bestond. Daar, om de hoek van het huidige café-restaurant Americain, lag een stijlvol wit gebouw onmiddellijk aan het water, bomen eromheen. Dit gebouw uit 1820, opgetrokken in neo-klassieke stijl met weids uitgebouwde erker, huisvestte twee sociëteiten, Bellevue, alleen toegankelijk voor heren, en Concordia, waar ook dames en kinderen welkom waren. De eerste voorzitter van Sociëteit Bellevue was schrijver Jacob van Lennep.

Toneelbezoekers van nu kennen het gebouw als Theater Bellevue. Maar de, inmiddels afgebroken, villa van eertijds leek in niets op het huidige theater, gebouwd in 1938 in een ingetogen art-deco stijl. Aan de buitenzijde is het te herkennen aan de ronding die de bocht van de Leidsekade volgt. Achter deze gele, bakstenen voorgevel is de Paloni Zaal gevestigd, waar in de loop van de tijd tal van Nederlandse schrijvers als toneelschrijver debuteerden. In de jaren dertig was hier restaurant Paloni.

De toneelgeschiedenis van Theater Bellevue begon tussen 1899 en 1919 toen Willem van Rijn directeur was. Het moet toen een zoemende bijenkorf van drukte zijn geweest, want behalve theatervoorstellingen met bal na werden er schaakwedstrijden georganiseerd (schaakgrootmeester Max Euwe werd er wereldkampioen), schoolfeesten, danswedstrijden en bokskampioenschappen. Na de verbouwing van 1938 bood het gehele complex tussen Marnixstraat en Leidsekade één reusachtig onderdak voor amusement. 'Bellevue, alle zalen' was in Amsterdam een gevleugelde uitdrukking voor een grootscheeps, wervelend feest. Tussen wat nu het Nieuwe de la Mar Theater is en Bellevue bevonden zich spiegelwanden die weggenomen konden worden. Met als resultaat: een uitgestrekte feestvlakte voor duizenden mensen.

Sinds het seizoen 1975-'76 verhuurde de gemeente Amsterdam Bellevue aan Toneelgroep Centrum. In de regie van Peter Oosthoek vonden hier belangwekkende voorstellingen plaats. In de openingsvoorstelling De babyfoon van Herman Lutgerink trad Ingeborg Elzevier op; zij zal met haar solo Amanda van Walter van den Broeck het theater na deze tweede verbouwing opnieuw inwijden.

Vanaf 1987 vinden er uitvoeringen van moderne dans, toneel, muziektheater, lunchpauzevoorstellingen en cabaretuitvoeringen in Bellevue plaats; het aanpalende Nieuwe de la Mar is geprogrammeerd voor een breed publiek. De bioscopen Calypso en Cinerama aan de Marnixstraat kwamen daar in de jaren zestig. Tijdens het Eerste Kunstenplan tussen 1993-1996 had de gemeente Amsterdam het plan opgevat om de theaterzalen en bioscopen in dit blok tegen de vlakte te gooien en er een nieuw uitgaanscentrum in te vestigen. Dat is nooit gebeurd, de kosten waren te hoog. Dat is een geluk geweest, want de historische en architectonische waarde van Bellevue en ook De la Mar is groot.

De verbouwing van de afgelopen maanden werd geleid door architect Fridlof v/d Berg. Een draaideur ofwel tourniquet vervangt de gewone deuren van eertijds en stemt overeen met de befaamde draaideur van Americain. In de monumentale entree heeft hij de oorspronkelijke art-deco-atmosfeer teruggebracht. De architect heeft de kassa in het interieur opgenomen door hem onderdeel te laten zijn van een gebogen, golvende lijn. De trapleuning van de trappen naar de Grote Zaal siert eenzelfde golving. De entree naar de Kleine Zaal beneden is opener geworden, zodat niemand meer het idee heeft 'naar de kelder' te moeten. Er is een lift gekomen, waarvan de schacht de aloude, eerste muren als fundament heeft. Waar nu dus de Leidsekade loopt en de entree van het theater is, was toen het grasveld voor Bellevue. Het kinderliedje 'Varen, varen op de Overtoom/ Drinken we zoete melk met room' moet hier onstaan zijn, want vanuit Bellevue maakte de burgerij met de boot uitstapjes naar de schuin aan de overkant gelegen Overtoom.

De glorie van de verbouwing, door directeur Hanneke Rudelsheim als 'masterpiece' betiteld, is de Grote Zaal. Deze zaal was in het verleden veel te klein, zowel voor dansgezelschappen als voor theatergroepen. Nu is de vloeroppervlakte tien meter ruimer, doordat de licht- en geluidscabine naar achteren is verplaatst. Het podium heeft nu diepte; de spelers van Orkater of de leden van dansgroep Krisztina de Châtel hoeven niet langer bang te zijn over de benen van de toeschouwers te struikelen. De gemeente Amsterdam heeft 1,5 miljoen voor de verbouwing uitgetrokken; sponsors zorgden voor de nog noodzakelijke 500.000. Door de ingreep is de voorgevel ook voor instorting behoed. Doordat het ernaast gelegen café De Smoeshaan verzakte, trok deze Bellevue als het ware mee in haar langzame val.

Een langgekoesterde wens van Hanneke Rudelsheim om een waardige zwarte doos in de Amsterdamse binnenstad te bezitten, is nu gerealiseerd. Toneelgroep Amsterdam is echter niet meer de regelmatige bespeler van Bellevue; zij is naar het Transformatorhuis bij de Westergasfabriek vertrokken. Dat neemt niet weg dat gezelschappen als Het Vervolg, Caroussel, Gebroeders Flint, De Châtel, Orkater in het nieuwe Bellevue een volwassen speelplaats vinden. De Paloni Zaal zal als vanouds bestemd zijn voor de Nederlandse toneelschrijfkunst. En beneden in de Kleine Zaal zetten jonge cabaretiers hun eerste stappen naar de bekendheid.

    • Kester Freriks