Getuige van slachting: 'Ze namen alle tijd'

ALGIERS, 30 AUG. Volgens de Algerijnse regering zijn bij de massaslachting in de nacht van donderdag op vrijdag in Raïs, twintig kilometer ten zuiden van de hoofdstad Algiers, 98 mensen om met leven gebracht en 120 mensen gewond. Maar inwoners van het dorp en hulpverleners in ziekenhuizen stellen dat veel meer mensen om het leven zijn gekomen: zij schatten het aantal doden op ten minste 200 en mogelijk meer dan 300.

De Algerijnse regering, die over het algemeen geen commentaar geeft op concrete moordpartijen van moslim-extremisten, liet gistermiddag, na aanvankelijk te zwijgen, weten bijkomende veiligheidsmaatregelen te treffen. “Gezien de aanhoudende massale slachtpartijen zijn maatregelen getroffen om burgers in afgelegen gebieden te beschermen”, aldus een verklaring op de staatstelevisie. Maar welke stappen zijn genomen, werd niet aangeduid.

Als de schatting van meer dan 200 doden klopt, is de slachtpartij de bloedigste sinds het moslim-extremistische geweld in 1992 aanzwelde. Sinds juni zijn al 1.500 mensen gedood.

Getuigen en bezoekers hebben een gruwelijk beeld geschetst van de gebeurtenissen in Raïs. Een dorpeling vertelde dat de aanvallers, gewapend met messen en bijlen, op vrachtwagens en in personenauto's kwamen aangereden. “Op hun gemak begonnen ze met het doorsnijden van de kelen van mensen en vervolgens staken ze de lichamen in brand”. Een andere man vroeg zich vertwijfeld af: “Waar moeten we nu naar toe?”.

Journalisten die de plek des onheils bezochten, zeiden dat ze ten minste honderd lijken hadden zien liggen op straat, overdekt met bloed. Volgens getuigen duurde de slachtpartij vijf uur. De moordenaars drongen huizen binnen, haalden de bewoners uit hun slaap en brachten hen om. Sommige huizen werden opgeblazen. Ook zouden d aanvallers voedsel en geld hebben meegenomen en ze zouden een twintigtal meisjes hebben meegevoerd.(AP, Reuter, AFP)