Gedeeltelijke WAO'er komt bijna niet aan baan

DEN HAAG, 30 AUG. Gedeeltelijk arbeidsongeschikten komen nauwelijks aan een baan. Als het deze WAO'ers lukt aan het werk te komen, dan is dat in de meeste gevallen bij hun oude werkgever.

Dat concludeert het CTSV, de toezichthouder op de sociale zekerheid, na een onderzoek dat op verzoek van de Tweede Kamer is uitgevoerd voor staatssecretaris De Grave (Sociale Zaken).

Het CTSV heeft bekeken in hoeverre wettelijke maatregelen hebben geholpen die tussen 1993 en 1997 zijn ingevoerd om de reïntegratie van arbeidsongeschikten te verbeteren. Deze maatregelen waren nodig omdat het regeringsbeleid er steeds op is gericht het beroep op onder meer de Ziektewet en de WAO terug te brengen.

De reïntegratieregelingen hebben tot nu toe slechts een beperkt effect, meent het CTSV. Uit het onderzoek blijkt dat de bijdrage van de uitvoeringsorganen in de sociale zekerheid, zoals het GAK, bij het weer aan werk helpen van WAO'ers beperkt is.

Zo steeg bij het GAK in 1996 het aantal bemiddelde personen van 37.900 naar 48.100 personen, maar het aantal plaatsingen bij een nieuwe baas daalde vorig jaar met 2.400 tot 12.700. De ene helft daarvan had een intensieve bemiddeling achter de rug, de andere helft een zogenoemde basisbemiddeling. De door het CTSV onderzochte geplaatste gedeeltelijk arbeidsongeschikten gaven overigens aan dat ze weinig aan de bemiddeling hebben gehad.

Het CTSV heeft ook de effecten van de privatisering van de Ziektewet onderzocht. Sinds vorig jaar krijgen zieke werknemers geen uitkering meer, maar moet hun werkgever hen doorbetalen. De onderzoekers concluderen dat het ziekteverzuim sinds 1994 weliswaar aanzienlijk is gedaald, maar dat dit niets met de nieuwe Ziektewet te maken heeft. De vermindering van het ziekteverzuim is vooral te danken aan de verbetering van de arbeidsomstandigheden. Ook nemen werkgevers minder personeel aan met een zwakke gezondheid, de zogenoemde risicoselectie die de Tweede Kamer zo vreesde.