De goudvisjes van de beurs

De vraag naar financiële experts heeft, net als de graadmeter van de beurs, records bereikt. De markt voor financiële topscorers is oververhit en werkgevers vliegen elkaar bijna in de haren bij opmerkelijke transfers. Salaristip van de dag: twee ton met twee ton bonus.

Het is net een duiventil, zegt de een. “Je klapt in je handen en ze vliegen alle kanten op.”

“De Nederlandse markt is beperkt wat beleggingstalent betreft en wij zitten met zijn allen in die beperkte vijver te vissen”, zegt een andere professionele geldbeheerder.

De Amsterdamse effectenbeurs staat op recordhoogte, beleggers zijn hongerig naar meer rendement; en vermogensbeheerders, effectenhandelaren en financiële analisten hebben de tijd van hun leven. Het geld stroomt met bakken tegelijk binnen. De transfermarkt voor experts bij banken, pensioenfondsen, effectenhuizen en andere financiële instellingen verkeert in een toestand van oververhitting. Net als bij topsporters is tekengeld heel gewoon: golden hello's en golden handshakes.

Medewerkers die vertrekken nemen vaak klanten mee. Dat is de attractie voor hun nieuwe baas en overstappers profiteren mee. “De salarissen worden opgeschroefd tot hoogtes, dat ik denk: waar ben je mee bezig? Het zijn vooral de kleinere partijen die daaronder te lijden hebben”, zegt een headhunter.

Het eerste halfjaar alleen al telden professionele wervers een stuk of dertig advertenties voor zulke financiële deskundigen, een markt waarin in Nederland hooguit duizend mensen werken. En daar komt nog een onbekend aantal financiële vacatures bij waarvoor gericht door headhunters en executive search bureaus wordt gezocht. In naburige marktsegmenten, zoals financiële planning en vermogensbeheer voor rijkere particulieren, is de nood zo mogelijk nog hoger. De Rabobank heeft hier nog 400 vacatures, zo vertelde topman drs. H. Wijffels vorige week.

Wie de personaliarubrieken in de dag- en vakbladen volgt kan zelf zien waar de gaten vallen en waar opvolgers nodig zijn, zodat elders in de bedrijfstak weer nieuwe gaten vallen, als de vacatures niet intern in de organisatie (kunnen) worden opgevuld.

Een greep. Vier medewerkers van zakenbank MeesPierson vertrekken naar het financiële handelshuis AOT. Drie handelaren van zakenbank Kempen & Co stappen over naar Generale Bank. Topanalist J. van Beek (aandelen Philips en automatiseringsbedrijven) ging van effectenhuis Van Meer James Capel naar de zakenbank Kempen & Co. Vier bankiers van MeesPierson die voor vermogende particulieren werken vertrokken naar Merrill Lynch. Directeur vermogensbeheer Van Ballendux van zakenbank MeesPierson ging naar pensioenadviseur W. Mercer, terwijl adjunct-directeur beleggingen van Interpolis Munster eind dit jaar naar pensioenfonds PGGM overstapt. En dat is alleen nog maar nieuws uit de stille zomerperiode. Kampioen-werver is pensioengigant ABP in Heerlen die de afgelopen maanden al zeker vijf nieuwe medewerkers uit de Randstad voor zijn beleggingsafdeling en zijn interne bank aantrok.

De prijzen die worden betaald voor financiële topscorers lopen rap op. Twee-twee-twee is een gouden formule voor effectenhandelaren: twee ton salaris, twee ton gegarandeerde bonus en een contract voor twee jaar. Maar drie jaar tekenen met een (gegarandeerde) bonus van een half miljoen gulden is ook al gesignaleerd. Bij financiële analisten, die bedrijven analyseren en op basis daarvan (ver)koopaanbevelingen doen aan hun beleggende klanten, en bij vermogensbeheerders gaan de salarissen mee omhoog, al liggen de niveaus van oudsher wat onder die van de handelaren. “Negentig tot honderduizend gulden voor een vermogensbeheerder met twee jaar ervaring is al heel gewoon”, klaagt een fundmanager.

Een uurtje vliegen vanaf Schiphol openbaart zich de echte geldcultuur. In Groot-Brittannië was Paul Norris, de analist voor de telecomsector bij de zakenbank Barclays de Zoete Wedd (BZW), twee jaar geleden de eerste die, naar verluidt voor een salaris inclusief bonus van 1 miljoen pond (toen zo'n 2,5 miljoen gulden), overstapte naar concurrent Lehmann Brothers. Een top fundmanager verdiende vorig jaar, met bonus en aandelenopties, zo'n 15 miljoen gulden.

“De kosten gaan voor de baten uit”, argumenteerde ABN Amro bestuursvoorzitter mr. J. Kalff vorige week, toen bleek dat de kosten in de divisie investment banking twee keer zo hard (plus 50 procent) waren gestegen als de inkomsten. “Dat komt mede door bonussen die gegarandeerd moeten worden.”

De werkgevers in Nederland moeten wel mee omhoog met de financiële zuigkracht van de City, al was het maar om te voorkomen dat opnieuw een brain drain op gang komt naar Londen, zoals eerder begin jaren zeventig en daarna in de tweede helft van de jaren tachtig.

“Zoveel verdienen als in Londen is hier onmogelijk”, zegt een effectenhandelaar die al twee decennia meeloopt. “De klanten zijn er veel groter, de transacties zijn groter en de beloning is navenant hoger.”

Grote en kleine marktpartijen weten nauwelijks raad met de spectaculaire groei van de Nederlandse markt voor de verkoop van effecten en het beheer van vermogens. De bedrijfstak draagt de sporen van de pieken en dalen op de financiële markten. “In de jaren zeventig kwam er niemand in dit vak”, zegt een goeie veertiger, die nu een grote vermogensbeheerder leidt. “Een goeie student deed dat niet.” Pas medio jaren tachtig ontstond er grote animo, die vervolgens een koude douche kreeg van de beurskrach van 1987. De laatste jaren is de markt in een hogere versnelling gegaan.

Snel extra medewerkers kunnen inzetten is nu een belangrijke voorsprong in de concurrentieslag. De lage rentestand van hooguit vier procent drijft particulieren van hun vertrouwde spaarrekeningen naar beleggingsfondsen van banken, verzekeraars en vermogensbeheerders. En direct naar de Amsterdamse effectenbeurs. Een beursexpert rekent voor dat alle handelaren samen in 1982 per dag ongeveer een miljoen gulden provisies verdienden met de aan- en verkoop van effecten. Nu is dat ongeveer tien miljoen gulden. “Maar je kunt van mij aannemen dat het aantal mensen dat daarvan moet eten niet met de factor tien is toegenomen.”

Professionele beleggers, zoals pensioenfondsen, hebben de laatste vijf jaar hun hele beleggingsbeleid omgegooid en hun beleggingen in aandelen verdubbeld tot een waarde van 193 miljard gulden per eind maart. Tevens zijn zij als belegger een stuk actiever geworden met het kopen en verkopen van effecten. Zij laten niet langer de effecten in de kluis liggen totdat de obligaties worden afgelost. Actief handelen om net wat meer rendement bij een gelijkblijvend risico te behalen, is tegenwoordig het devies. Gevolg: iedereen wil advies of iemand die hem kan vertellen of het net gekregen advies wel het beste is.

De grote partijen op de markt, de banken, hebben zich de afgelopen 15 jaar steeds meer moeten aanpassen aan de Britse (en Amerikaanse) betalingsmoraal: goeie salarissen en nog veel betere bonussen, die de beloning moeten zijn van de bijdrage van de medewerker aan de behaalde winst. De banken vonden eerst de zogeheten 'markttoeslag' uit als aanvulling op het salarisniveau van medewerkers die conform de banken-CAO werden betaald. Maar dat extraatje voldeed na een paar jaar al niet meer. “Ze begonnen bonussen te betalen toen de mensen weggekocht werden”, zegt een handelaar die verschillende werkgevers heeft versleten. “Wat moet je hebben in deze biz? Goed gebekt, goed verstand en je talen spreken. De migratie is groter geworden, mensen zoeken het geld op en gaan zo maar naar Londen.”

Het bonussysteem stelt de bankmanagers voor nieuwe problemen: moeten de extra inkomsten alleen gebaseerd zijn op de individuele bijdrage aan de winst, of moeten zij ook de bijdrage van het hele team weerspiegelen.

De toezichthouders op de financiële bedrijfstak kijken op hun beurt met argusogen naar de bonuspraktijken, die zich vanuit de financiële centra New York en Londen als een olievlek hebben verspreid. Algemeen wordt aangenomen dat de managers van de Britse elitebank Barings de gehaaide handelaar Nick Leeson effectiever hadden gecontroleerd als zij niet hadden meegeprofiteerd (dankzij hun eigen bonussen) van de hoge, maar fictieve winsten die hij boekte. In 1995 ging Barings bankroet. Met de regelmaat van de klok waarschuwen centrale bankiers sindsdien tegen de gevaren van financieel avonturisme dat in de hand wordt gewerkt door hoge individuele bonussen.

Door de schaarste aan ervaren en getalenteerd personeel in de financiële wereld is het internationaal heel gebruikelijk dat de aandeelhouder op het tweede plan komt. Het financiële handelshuis AOT (153 mensen), dat op onder meer de Amsterdamse effecten- en optiebeurs actief is en zelf ook een beursnotering heeft, betaalde zijn aandeelhouders vorig jaar 7,5 miljoen gulden dividend. De winstdeling van de handelaren was ruim 14 miljoen gulden.

De scheve verdeling van de inkomsten is typerend voor zakenbanken en financiële handelshuizen. “Het is de paradox van het kapitalisme”, zegt een Nederlander met een toppositie in de City, Londens en Europa's financiële centrum. “Er is geen evenwicht tussen het belang van de individuele sterren en het rendement van de kapitaalverschaffers.”

Handelaren gedragen zich zoals zij zijn: een soort zelfstandig ondernemer. Een directeur van een grote financiële handelsfirma: “De handelaren kunnen elke dag vrijwel exact vaststellen wat zij hebben verdiend. Zij zijn bovendien allemaal financieel gedreven en dat vertaalt zich in een rechtstreekse band van hun resultaat met hun salaris.”

Werkgevers proberen op verschillende manier het evenwicht te bewaren tussen privé gewin van de handelaren, de totale organisatie en de belangen van anderen. Zakenbank Kempen & Co kijkt naar een andere organisatievorm, zoals een maatschap, om medewerkers met een eigen financiële participatie als vennoten (partners) nauwer te betrekken bij het bedrijf.

Het financiële handelshuis Van der Moolen gooide vorig jaar de salariëring van zijn handelaren over een ander boeg. In plaats van een bonus in geld, krijgen handelaren nu een deel van hun extraatje in de vorm van aandelen. “Wij hebben aanmerkelijk minder hoge bonussen moeten uitbetalen, maar wij betalen nu deels in opties, waarvan de uitoefening in aandelen gedurende een zekere periode geblokkeerd blijft”, zei directievoorzitter drs. P. van der Lugt bij de presentatie van het jaarverslag. “Voor de mensen is het fiscaal aantrekkelijker en het geeft commitment naar het bedrijf.” Over de waarde van de opties moet een bescheiden belasting worden betaald, maar de boekwinst die ontstaat als de met opties gekochte aandelen op de beurs worden verkocht is belastingvrij. Een bonus daarentegen wordt tegen het marginale inkomstenbelastingtarief (voor deze verdieners doorgaans 60 procent) afgerekend.

De tijden zijn voorbij dat het niet fatsoenlijk werd geacht om met het chequeboek in de hand personeel weg te lokken bij concurrenten, die in de financiële sector vaak nog consequent collega's heten. Bij de grote pensioenbeheerder PVF ontstak men eind vorig jaar in woede toen bleek dat de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley, waarmee de nodige zaken als financieel intermediar worden gedaan, de topbeheerder van de Nederlandse aandelenportefeuille had weggekocht. Morgan Stanley opende in Amsterdam een eigen kantoor voor vermogensbeheer en ging zodoende direct concurreren met PVF om de gunst van pensioenfondsen.

Shell Pensioenfonds, een van de grootste Nederlandse pensioenbeheerders die voor een specifieke onderneming werkt, reageerde gepikeerd toen de vermogenstak van ING enkele maanden geleden een fondsbeheerder wegkocht om het gat te vullen dat ontstaan was doordat de betreffende ING-beheerder was overgestapt naar het financiële handelshuis AOT.

Echt gevreesd in de branche zijn de pogingen om hele teams van handelaren en analisten in een specifieke sector weg te kopen. Zo'n massale exodus kan een bank in een van zijn specialiteiten in één klap lam leggen. In Nederland staat het record op zeven medewerkers van de afdeling vermogensbeheer die enkele jaren geleden van de Kas-Associatie naar F. van Lanschot Bankiers overstapten. “Van Lanschot betaalt gewoon super”, weet een headhunter uit het Brabantse circuit.

Bank en verzekeraar ING werd vorig jaar geplaagd door een uittocht van tientallen medewerkers in zijn afdeling opkomende markten, die werden weggekocht door Deutsche Morgan Grenfell, de zakenbankdochter van Duitslands grootste bank, Deutsche Bank. ING reageerde met een venijn dat in de angelsaksische geldwereld nogal wat opzienbaarde: een rechtszaak inclusief schadeclaim. Eind vorig jaar werd de strijdbijl begraven en beloofde de Duitse bank geen nieuw personeel meer bij ING weg te lokken.

De actie van ING onderstreept dat ook de transfermarkt voor financiële toppers zijn aloude informele regels heeft verloren. De beslotenheid van de beurs en de daar heersende sociale controle hielden de uitbundigheid van de geldcultuur vroeger buiten de deur. Daarna volgde de grote vrijheid en het grote geld. Nu beginnen ook advocaten zich in het spel te mengen. Een Amsterdamse obligatiehandelaar stapte vorig jaar naar de rechter om een beter betaalde baan te krijgen. Hij kon bij een Britse firma zijn salaris (plus bonus) van 180.000 gulden met een kwart verhogen. Alleen hield zijn huidige werkgever hem aan zijn concurrentiebeding: hij mocht binnen een jaar na beëidiging van zijn arbeidsovereenkomst niet voor een concurrent werken. Het argument van een aanmerkelijke inkomstenverbetering kon de Amsterdamse rechtbank niet overtuigen. Hij laat het belang van de werkgever prevaleren, ook al omdat de betrokken effectenfirma had aangeboden de sociale uitkering van de duimendraaiende ex-medewerker een jaar lang tot zijn oorspronkelijke salaris aan te vullen.