Vergane glorie op de pier

Elizabeth George: Deception on his Mind. Hodder & Stoughton, 568 blz. ƒ 43,-

Elizabeth George: In de ban van bedrog. Bruna, vert. Rien Neehus, 527 blz. ƒ 39,90

Balford-le-Nez is een gemiddelde Engelse badplaats in Sussex. Vergane glorie op de pier en onder de oppervlakte broeiende rassenconflicten. Die dreigen tot uitbarsting te komen als de Pakistaan Querashi, employé bij het succesvolle familiebedrijf van zijn landgenoot Malik, dood wordt aangetroffen aan de voet van de klif waar het plaatsje naar is vernoemd. Querashi zou trouwen met Maliks dochter Sahlah, maar de politie stuit op homoseksuele contacten. Mag een moslim dat? En als het niet mag, waarom is hij dan vermoord in plaats van verstoten? En hoe kuis is eigenlijk zijn toekomstige bruid? Of hebben al deze Pakistaanse (of: Engelse?) obsessies met zijn gewelddadige dood niets te maken en spelen er andere misdaden?

Racistische vooroordelen en politiek-correcte blinde vlekken lopen als een rode draad door de nieuwste vuistdikke roman van Elizabeth George, een van de grote sterren aan het hedendaagse crime-firmament. George is Amerikaanse maar haar boeken, stuk voor stuk bestsellers, volgen getrouw de traditie van de Engelse whodunnit. Wie George zegt, denkt aan hoofdinspecteur Thomas Lynley en zijn 'sergeant', Barbara Havers. Sinds haar debuut, het schitterende A Great Deliverance (1988) kleurde de collegiale relatie van dit Scotland-Yard-duo Georges romans. De onhandige, eenzame, weinig aantrekkelijke working class Havers is het tegenbeeld van de elegante, schatrijke, laconieke en ook anderszins schier volmaakte Lord Lynley, achtste graaf van Asherton. Ze haat hem dan ook op het eerste gezicht. Dat ze het in elk deel wat beter met elkaar kunnen vinden, totdat Barbara uiteindelijk zelfs wordt opgenomen in Lynley's sjieke Londense vriendenkring, is te danken aan hun gedeelde speurderspassie, gedrevenheid en intelligentie.

Maar in de laatste twee verhalen is het accent verlegd. Terwijl Lynley, die door George zelfs van een butler is voorzien, voortmoddert met een moeizame liefde, gaat Barbara steeds zelfstandiger op onderzoek uit. In In the Presence of the Enemy (1996) ging dat haar goed af. In Deception on his Mind lijkt Havers het echter zonder haar scherpzinnige meerdere, die dit keer echt afwezig is, niet te redden. Haar warme gevoelens voor Hadiyyah, een levenslustig achtjarig meisje met dansende vlechten dat door George met veel gevoel geschilderd wordt, verleiden de kinderloze sergeant tot gevaarlijk onprofessioneel gedrag. We moeten nog maar afwachten wat daarvan de gevolgen zijn voor haar carrière en voor de rest van Georges reeks. (Overigens speelde een klein meisje ook de hoofdrol in In the Presence of the Enemy.)

In plaats van met Lynley werkt Barbara nu samen met een nieuwe George-creatie, de jonge, doelbewuste detective-inspecteur Emily Barlow. 'Barlow the Beast', zoals Havers haar succesvolle collega in stille bewondering noemt, slaat seksistische aanvallen op haar hoge positie manmoedig af en toont zich bovendien ongevoelig voor de politieke druk vanuit de Pakistaanse minderheid, door haar laatdunkend 'Paki's' genoemd. De Havers-Barlowverhouding is de sub-plot van het verhaal. Ook hier contrasten, want waar Havers, zoals haar is aan te zien, verslaafd is aan fags en junk-food, knabbelt de fitness-freak Barlow een worteltje. En ook hier deception, want vriendschap sluit bedrog niet uit. Of toch?

Deception on his Mind blijft alle vijfhonderdzeventig pagina's lang spannend. Dat komt door de subtiel verwerkte culturele thematiek, door het decor van dreigende 'rassenonlusten' en door het rijke arsenaal aan mogelijke verdachten. De zwijgzame Sahlah, vastbesloten het leven-in-gevangenschap te leiden dat van een islamitische dochter wordt verwacht; haar vriendin Rachel, die Sahlah van dat lot denkt te bevrijden; de (Engels)man op wie Sahlah stiekem verliefd is, maar die als projectontwikkelaar en erfgenaam ook zo zijn belangen heeft; het National-Front-achtige diefje dat zich door Rachel laat gerieven maar verder, zoals ze heel goed beseft, met haar niets van doen wil hebben; het domme, valse moederbeest Yumn, Sahlahs schoonzuster, die meent dat ieder jaar een zoon baren zo'n prachtprestatie is dat het haar boven alle vrouwen verheft; haar man, Muhannad, die zeker weet dat het hier een racistische moord betreft en de politie intimideert met het dreigement rassenrellen te zullen veroorzaken. En niet te vergeten: de woordvoerder van de Aziatische gemeenschap, die aangezien hij Hadiyyah's vader is, door Havers blindelings wordt vertrouwd.

Zelfs Barbara (of: juist Barbara?) doorziet pas op het allerlaatst de valstrikken van de haast onoverbrugbare Engels-Pakistaanse cultuurkloof. Onder elk vooroordeel maar ook onder elke empathie schuilt als het ware een nieuwe laag cultuurinvloeden. Of is het zoeken van 'cultuur' als motief voor moord op zich al een vorm van xenofobie? Door dat soort inzichten en vragen briljant uit te werken ontkomt George aan platvloerse tweedelingen van cultuurrelativisme en racisme, emancipatie en onvrijheid, goed en kwaad. Waar het kwaad uiteindelijk gezocht en gevonden wordt, zal ik niet onthullen. Maar het is erg bevredigend.

Van Elizabeth George zijn zowel in het Nederlands als in het Engels ook gesproken boeken verkrijgbaar.

    • Jolande Withuis