Orde in de natuurvoedingsbranche

De natuurvoedingssector wordt snel professioneler. Groothandel Natudis betrok onlangs een nieuw bedrijfspand dat aan zakelijkheid weinig te wensen overlaat. En er is een organisatie opgericht die de sector een optimale commerciële levensvatbaarheid moet geven.

Natudis, groothandel in natuurvoeding, “verkoopt boodschappen, geen boodschap”. Daar is algemeen directeur Fred van Bruxvoort duidelijk over. “Ik ben er wel van beschuldigd dat ik geen idealen heb, maar idealen kun je alleen verwezenlijken als je iets voorstelt.”

En dat doet Natudis inmiddels. De distributeur is zojuist verhuisd naar een nieuw pand op een industrieterrein in Harderwijk, met een vloeroppervlak van ruim 10.000 vierkante meter, 110 medewerkers in huis en een jaarlijkse omzet van 110 miljoen gulden. Sinds de oprichting in 1981 breidt het bedrijf - eerst Natufood geheten - zich gestaag uit, onder meer door overnames (Akwarius, Fertilia, Heirler uit België) en samenwerkingsverbanden (VNR Reformhuis met 240 winkels, Hügli uit Zwitserland). Natudis distribueert nu naar eigen zeggen 80 procent van de 'dkw' (droge kruidenierswaren) van de totale natuurvoedingsbranche in Nederland, en exporteert naar de Benelux, Duitsland en Denemarken. Een dochteronderneming 'Natuproducts' brengt een eigen lijn van natuurvoedingsmiddelen op de markt.

Het assortiment bestaat uit 5000 verschillende voedingsmiddelen en non-food als schoonmaakmiddelen en verzorgingsproducten, die exclusief worden afgezet bij 1000 natuurvoedingswinkels en reformzaken voornamelijk in Nederland en België. Het betreft reformproducten - zonder chemische geur-, kleur-, smaak- en conserveringsmiddelen - en biologische/ecologische producten. Bij de teelt van de grondstoffen zijn geen chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest gebruikt. Ze zijn herkenbaar aan het EKO-keurmerk, dat onder controle staat van de keuringsdienst SKAL. Ten derde zijn er de biologisch-dynamische (BD) producten, voorzien van het Demeter-keurmerk. De BD-boer gaat een stap verder dan zijn biologische collega, en houdt rekening met bewegingen uit de kosmos, ervan uitgaand dat de stand van zon, maan en planeten invloed hebben op de groei van planten.

Het nieuwe Natudis-pand ademt de geest van het bedrijf: “geen antroposofische bouwstijl, want dat zou te veel een bepaald karakter uitstralen, al mag de stroming binnen dit bedrijf op redelijke steun rekenen”, verklaart Van Bruxvoort. Het dak van het kantoor overlapt het magazijn voor een deel: “naarmate we groeien worden de lijnen tussen die twee afdelingen langer, op deze manier willen we benadrukken dat ze aan elkaar verbonden zijn”. Binnen loopt een brede geplaveide straat, waar alle deuren op uitkomen: “Hier ontmoet iedereen elkaar en wordt heel wat afgekletst. Dat past bij de platte structuur en het informele karakter in dit bedrijf. En het maakt, zonder overdaad of poenerigheid, indruk op onze bezoekers.” De architect heeft zo veel mogelijk milieuvriendelijke materialen en methodes gebruikt. De muren van het magazijn zijn extra dik voor isolatie, regenwater wordt via het dak gewonnen om de toiletten door te spoelen, er is een warmte-terugkoppelingssyteem, een luchtcirculatie-systeem waardoor airconditioning onnodig is, en er is veel daglicht.

De kosten van de bouw en van het geavanceerde logistieke systeem in het magazijn bedroegen 15 miljoen gulden, een fors bedrag in deze branche. “Die is van origine erg ideologisch, soms op het dwangmatige af. Ze kwam op in de jaren '70 toen macrobiotiek, alternatieve geneeswijzen, antroposofie, reform en ecologie allemaal samen kwamen”. Van Bruxvoort, die in vroegere jaren tv's verkocht, kwam ermee in aanraking als marketing manager van Zonnatura, het reformmerk dat hij eind jaren 70 succesvol bij de supermarkten positioneerde.

Na zijn vertrek daar begon hij voor zichzelf. “Mijn droom: de natuurvoedingsbranche op orde brengen. Leveren wat je belooft, kwaliteit en op tijd. Productontwikkeling, oog voor presentatie en verpakkingen, pr-activiteiten. Dat deden de collega's wat minder. Die waren erg gefocused op biologisch, maar ze leverden soms volstrekt oneetbare dingen, maakten het de consument niet gemakkelijk. Daarin is veel veranderd, ook bij de producenten die aan ons leveren.” De overname in 1992 van Akwarius was een cruciaal moment, niet zozeer vanwege hun omzet (circa 15 miljoen gulden) maar wel vanwege de goede naam die dit biologisch-dynamische merk bij de klandizie had. Bovendien haalde Van Bruxvoort daarmee Akwarius-directeur Nico Broersen in huis. Als oprichter van de Videoland-keten had Broersen laten zien over zakelijk inzicht te beschikken; als boerenzoon en vader van jonge kinderen was hij sympathie gaan koesteren voor milieubewuste landbouw en voedselverwerking. “Dat geloofde niet iedereen en er werd nogal besmuikt over gedaan”, beaamt Van Bruxvoort, “maar dat is inmiddels wel over”.

Commercie is geen vies woord bij Natudis. “Ik ben in al mijn vezels een zakenman,” verklaart Van Bruxvoort. “In een levensmiddelenmarkt van 5 miljard is de natuurvoedingsbranche met 300 tot 400 miljoen omzet per jaar een kleintje. Als de distributie dan verspreid is over tig bedrijfjes met ieder een paar miljoen omzet delf je onherroepelijk het onderspit. Het mogen er twee zijn als dat functioneel is, maar voor meer is eigenlijk geen plaats.”

De voorlopig laatste, en verreikende stap in dit proces van concentratie is de oprichting van de NWO, ofwel de Natuurvoedings Winkels Organisatie, waar vooral Natudis en de Gimsel Winkelgroep zich hard voor hebben gemaakt. Het is een samenwerkingsverband van winkeliers en groothandels met als doel: verticale integratie, ondersteund door een sterke franchise-organisatie. “Winkel- en groothandelsniveau moeten dichter bij elkaar liggen, net als bij de gewone levensmiddelenbranche,” zegt Van Bruxvoort.

In het NWO, die per 1 januari 1998 operationeel moet worden, participeren twee verenigingen van aandeelhouders. De Winkeliers BV en de Grossiers BV. De derde partij, die bij eventuele conflicten kan bemiddelen, is de Triodos Bank, met een belang van 6 procent. Toezeggingen om deel te nemen in de winkeliersvereniging zijn er al van de Gimsel Winkelgroep (30 zaken in Nederland, 2 in België) en De Groene Winkel (een samenwerkingsverband van 20 winkels). Eric Does, directeur van De Natuurwinkel (met 40 zaken in Nederland en, sinds april van dit jaar 35 in België) houdt nog een slag om de arm. Van Bruxvoort en Broersen hopen en verwachten dat ook de ongebonden natuurvoedingswinkels zullen toetreden in het verbond. Aangezien deelname voor winkeliers allerlei voordelen met zich meebrengt, bijvoorbeeld kortingen op de inkoop bij de groothandel, zullen veel winkeliers zich min of meer gedwongen voelen mee te doen. “Dat is ook de bedoeling,” verklaart Broersen. Hoewel winkeliers ook kunnen deelnemen door een beperkt basispakket van diensten te nemen, (winkelbegeleiding, productpresentatie, automatisering, publiciteit) en te blijven werken onder eigen naam, rekenen Bruxvoort en Broersen erop dat de meesten een soft of full-franchise verband aan zullen gaan. Dat betekent dat ze op termijn ook onder één naam door zullen gaan, maar of dat Gimsel, De Natuurwinkel, Groene Winkel òf een nieuwe naam gaat worden staat nog niet vast. “Dat moeten de heren zelf maar uitmaken”, meent Van Bruxvoort.

Het NWO zal gevestigd worden in een vleugel van het Natudis-pand. Om tegemoet te komen aan bezwaren dat groothandel Natudis teveel in de melk te brokkelen krijgt, zijn een aantal maatregelen genomen. Natudis zal gaan functioneren als een Distributiecentrum (DC); de winkeliersvereniging bepaalt welke producten in het assortiment opgenomen worden. Het eigen merk van Natudis, Natuproducts is verzelfstandigd, en zal gewoon moeten concurreren met de andere producenten.Ook zal in een overeenkomst tussen NWO en het DC vastgelegd worden dat het DC genoegen neemt met een winst van 1 procent na belastingen over de omzet.

Succesvolle verticale integratie staat of valt met de deelname van de grote versleveranciers. Drie daarvan hebben toegezegd mee te doen, onder meer Bick (aardappelen, groente en frui) en Van den Boogaard (zuivel, ijs) uit Uden. Anderen zijn nog afwachtend, en willen meer duidelijkheid over de positie van de toeleveranciers tegenover de winkeliersorganisatie. Kees Kroon van Kroon agf: “het mag niet zo zijn dat zij de prijzen teveel onder druk kan zetten. Als ik meer kan afnemen bij telers, of 10 containers kan lossen bij een winkel in plaats van 2, kunnen de prijzen naar beneden. Maar biologische producten kunnen nooit zo goedkoop worden als reguliere, daar gaat de biologische landbouw aan kapot.” Niettemin staat hij positief tegenover de NWO. “Het is belangrijk dat er een duidelijker profiel komt voor de consument, dat hij weet waar hij terecht kan voor natuurvoeding, en producten die bijvoorbeeld niet genetisch zijn gemanipuleerd.”

In het afgelopen jaar groeiden de bestedingen in de gezamenlijke natuurvoedingswinkels met 10 tot 15 procent (circa 3 procent in de gewone levensmiddelenmarkt). De discussie over de genetische manipulatie, BSE en varkenspest zijn daar debet aan. De biologische slager zag zijn omzetten zelfs stijgen met 50 procent. “Dit is dus hèt moment voor verdergaande professionalisering van de branche,” zegt Van Bruxvoort. De mannen van Natudis houden er weliswaar rekening mee dat de markt weer wat inzakt als de varkenspest- en BSE-publiciteit wegebt, “maar de groeipotentie is enorm,” denkt Broersen. “Tien procent van het Nederlandse volk komt wel eens in een natuurvoedingswinkel, en koopt daar 1 procent van zijn boodschappen. Onze klanten zijn dus uiterst selectief. Die groep kunnen we meer verkopen en anderen moeten de drempel over.”

Die drempel wordt lager naarmate winkels een professioneler uitstraling hebben:De Natuurwinkel aan de Weteringschans in Amsterdam en de nieuwe Gimsel in de Groene Passage (waar ook een Groene Weg slager, een New Ageboekhandel en een biologische lunch-shop zijn gevestigd) aan de Mariniersweg in Rotterdam worden wat dat aangaat als paradepaardjes opgevoerd. Zo vertoont de nieuwe Gimsel met drie kassa's, betalen met pin, zelfbedieningsweegschalen en een breed assortiment alle gemakken van de gewone supermarkt. Wie zelden of nooit in een natuurvoedingswinkel komt zal zich verbazen over het aanbod groenten en soepen (niet in blik maar in glas), de biologische diepvries en kant-en-klaarmaaltijden, de vele eko-sauzen, snoepjes, koekjes, chips en zoutjes, vruchtensappen, eko-wijn, broodpasta's en spreads, brood, toetjes, zuivelproducten en koffie. De verse groenten en fruit zijn voorzien van duidelijk opschrift waar het vandaan komt. Meestal 'Holland' want ecologisch betekent ook zo min mogelijk energiegebruik, dus korte transportlijnen, en niet verbouwen in kassen, dus eten wat het seizoen schaft (geen aardbeien met kerstmis).

Door duurdere productiemethodes en kleinschaligheid zowel aan producentenkant als bij detaillist liggen de prijzen gemiddeld 40 tot 50 procent hoger vergeleken bij reguliere producten, met uitschieters naar beneden en naar boven. “Müsli en rijst bijvoorbeeld zijn bij ons niet duurder dan in de gewone supermarkt. Kijk maar 's wat een pakje Uncle Ben's kost. Er liggen daar ook heel wat merkproducten die fors duurder zijn dan de goedkopere merken”, aldus Broersen.

Ondertussen stijgt het aanbod biologische producten in de gewone supermarkt gestaag. Dat is goed voor de milieuvriendelijke landbouw en productiemethodes, erkent Van Bruxvoort onmiddellijk, maar hij vindt het soms een “hard lot” dat de reguliere branche er met de runners uit de natuurvoedingsbranche vandoor gaat. Zo verging het de müsli en de rijstwafels, de aardappels, de zuivel en de vegetarische hamburgers. “Het heeft ook een positief effect, want zo raakt de consument vertrouwd met deze producten”, vult Broersen aan. “Het geeft wel aan hoe belangrijk het is dat we onze krachten bundelen. Máár,” voegt hij er vol zelfvertrouwen aan toe; “er zal altijd ruimte blijven voor de speciaalzaak, de supermarkt zal nooit zo'n breed aanbod willen bieden als wij. Ze kunnen het ook niet, want zij kennen de kanalen niet. Wij wel.”