Kommerloos geluk

Weinig activiteiten zijn zo leerzaam als participerende observatie van de gemiddelde Nederlander, bijvoorbeeld op de boulevard van Nederlands populairste badplaats als het er goed druk is. De combinatie hittegolf / zaterdagavond zorgt in Scheveningen altijd voor een levendig straatbeeld - maar de vier kilometer lange en twee rijen brede file die onlangs omstreeks half negen de toegang tot de allerlaatste vrije parkeerplaatsen versperde, brak alle records.

Op de fiets was ik er snel langs, zelfs met een gezette inwoner van Heerlen op de bagagedrager wiens auto aan de hitte bezweken was. En zijn auto niet alleen. En niet alleen auto's. Achter de voorbijflitsende raampjes van de ruim duizend langzaam rijdende of stilstaande vierwielige motorvoertuigen zaten zo'n vijfduizend heftig zwetende gemiddelde Nederlanders, brullende kinderen, apegapende opa's en oma's, en hijgende honden geduldig of helemaal niet geduldig te lijden, gaande gehouden door fantasieën over het kommerloos geluk waarvan ze vermoedden dat het wachtte aan het eind van de Van Alkemadelaan en de Zwolse Straat, achter de nevelige horizon van torenflats en parkeergarages.

Het beeld dat de Boulevard zelf een paar minuten later bood, was uniek. Iets soortgelijks was me alleen bekend uit Noorwegen, waar de lemmingen zich eens in de zoveel jaar met z'n allen naar de kust haasten om zich van de rotsen in zee te storten. Gelukkig was er een verschil: door één strandbreedte voor de zee een bocht van negentig graden naar links of naar rechts te maken, hadden pakweg 50.000 mensen aangetoond meer aan het leven te hechten dan lemmingen (al waren er toch nog enkele tientallen in de branding waarneembaar). Daarmee hield de doorgrondelijkheid van het spektakel op. Vreemd was bijvoorbeeld de enorme geconcentreerdheid van de flanerende massa. Toen tegen negenen de zon onderging zoals alleen de zon dat kan, als een enorme, vuurrode bal met een paar nevelslierten, liet vrijwel niemand zich afleiden. Het was een feest om vast te stellen dat de zapgeneratie nog zoveel gerichtheid wist op te brengen - maar gerichtheid waarop? Wat bewoog hen? Of wilden ze zeggen: ik flaneer, dus ik ben? Maar ze zeiden niets. Bijna niemand deed een mond open - behalve om te eten, wat zo ruim na etenstijd ook al onbegrijpelijk was.

Het massamysterie won nog aan diepte toen een ongeziene dame haar stem boulevardbreed verhief via een reeks aan lantaarnpalen bevestigde megafoons. Met nog ruim vier maanden te gaan tot nieuwjaarsnacht begon ze in vier talen over een vuurwerkwedstrijd die later op de avond vanaf de Pier zou losbranden. Alsof het doodnormaal was, zouden Spanje, Malta en Nederland om beurten vuurwerk afsteken. Na het fiasco van de schitterende zonsondergang - en de al even weergaloze opkomst van de volle maan een paar minuten later, waar ook haast niemand naar gekeken had - was dit vragen om moeilijkheden. Wie was deze vrouw? Was zij wel goed snik? Deed ze dit thuis ook? Waarom greep niemand in? Bijvoorbeeld toen ze over de eindeloze massa uitschalde, alweer in vier talen, dat Malta werd gesponsord door de Dienst Parkeerbeheer Den Haag - Scheveningen, je komt er altijd. Wilde ze zeggen dat de file was opgelost? Scheveningen, on y vient toujours, hoorde ik haar nog roepen terwijl ik vol ongeloof de stad uitspurtte om te kijken of het waar was - quod allerminst.

Terug op de Boulevard nam ik stelling ter hoogte van het Scheveningen Sea Life Centre, een verzameling haaien en roggen in bassins waarin een paar jaar geleden nog gewoon mensen zwommen. Als overdekt golfslagbad was het toen de favoriete wijkplaats van badgasten die even genoeg hadden van het onoverdekte golfslagbad aan de andere kant van de promenade, wat met het vuurwerk uit Malta alles te maken heeft omdat de ratio even ver te zoeken is. De gemiddelde Nederlander begrijpt het misschien, de directeur van de VVV van Scheveningen in ieder geval, maar voor normale mensen blijft het giswerk. Maar tijdens de zeventiende Maltezer vuurpijl ging me ineens een licht branden: het broeikaseffect, natuurlijk! Door zoveel mogelijk mensen naar Scheveningen te lokken met valse parkeerbeloftes, loze vuurpijlen, fictieve wedstrijden, nutteloze golfslagbaden, en overdadige horeca, stijgt de uitstoot van CO2, waardoor het broeikaseffect toeneemt, waardoor het nog warmer wordt, zodat er nog meer mensen verkoeling zullen zoeken aan het strand van Scheveningen, terwijl ook de poolkappen nog sneller zullen smelten, zodat het zeewater nog hoger komt te staan, zodat het strand steeds smaller wordt, zodat er nog meer mensen op de Boulevard zullen vertoeven, zodat de omzet van de plaatselijke middenstand nog sneller stijgt. De gemiddelde Nederlander zou erover mee kunnen praten als hij niet net zijn mond vol had.