Fransen zoeken uitweg uit spiraal van arrogantie

Frankrijk moet zijn plek vinden in een wereld waar niets meer vaststaat. Het is geen “land tussen 185 andere” maar evenmin “een klassieke supermogenheid”, luidt de boodschap van de Franse minister van Buitenlandse Zaken.

PARIJS, 29 AUG. Frankrijks ongeveer 175 ambassadeurs rond de aardbol zullen niet meer weg te slaan zijn van de televisieschermen en opiniepagina's. Maar zij zullen ook buiten hun ministerie van Buitenlandse Zaken moeten werken. Het maakt allemaal deel uit van het nieuwe realisme waarmee de Franse regering wil optreden in een wereld waarin niets meer vanzelfsprekend is.

Gisteren en vandaag waren de filiaalchefs van een van 's werelds grootste diplomatieke ketens samengestroomd in Parijs om van president Chirac, premier Jospin en minister Védrine te horen waar Frankrijk staat. En wat de ambassadeurs in die visie kunnen betekenen. Alles, als zij durven. Dat bleek uit de niet mis te verstane richtlijnen die de hoogste bazen formuleerden.

Vooral de nieuwe minister van Buitenlandse Zaken, Hubert Védrine, jarenlang de hoogste ambtenaar op het Elysée van François Mitterrand, haalde flink de bezem door de 'Quay d'Orsay', zoals het ministerie liefkozend wordt genoemd. “Wij hebben behoefte aan een oprechte diagnose van de wereldsituatie, en van de positie van Frankrijk daarin, om weg te komen uit de arrogantie-depressie spiraal waarin zoveel verstandige geesten in dit land vervallen.”

De diagnose was voor traditionele Franse oren fel-realistisch. Védrine stelde vast dat Frankrijk weliswaar niet is teruggevallen tot de rol van 'een land tussen 185 andere', geen 'middelgrote natie' is geworden. Het is evenmin 'de hegemonistische mogendheid', laat staan 'de klassieke supermogenheid'. Wat is het dan wel? “Het is één van de zeven of acht mogendheden met wereldwijde invloed. Dat wil zeggen één van de grote landen in de wereld die over de middelen beschikken om een globale politiek te voeren.”

Védrine kende de Verenigde Staten “zonder bitterheid” de rol van 'enige grote mogendheid' toe, met een voorsprong die reikt van militaire macht, munt en media tot en met de droomfabrieken van Hollywood en de nieuwe technologieën van Bill Gates & co. De Franse minister signaleerde ook de “unilateralistische verleiding” en het “risico van hegemonie-denken” in Washington. Daarom zal Frankrijk “als vriend of bondgenoot optreden, maar in andere gevallen - ook zonder bitterheid - nee zeggen, om op te komen voor onze legitieme belangen, of die van Europa, of van onze opvattingen over internationale verhoudingen. En dat alles in een vriendschappelijke, eerlijke, waarachtige en directe dialoog.”

Kern van Védrines betoog-zonder-omwegen was: niets gaat meer vanzelf in een multipolaire wereld, niemand kan alleen beslissen, zelfs de allergrootsten niet. Voor Frankrijk, met zijn positie van interessante kopgroepspeler, reden “onze onderhandelingscapaciteiten aan te scherpen”. Frankrijk kan niet meer uitgaan van automatische bewondering, noch op grond van “een prestigieus verleden, noch op grond van de hoge opvatting die wij over ons eigen land koesteren”, aldus 'le chef de la diplomatie française'. “Troostende mythes en zelfverheerlijking zullen niet meer helpen. Realisme, pragmatisme, beweeglijkheid, initiatief en vasthoudendheid, daar zullen we het van moeten hebben.”

De minister erkende dat Frankrijk in Europa (waarin de euro “een positief schokeffect” kan brengen en een “kans om samen te binden” is) zelden spontane instemming oogst als het aankomt met plannen gebaseerd op Frankrijks ideeën over Europa-als-macht. “Iedere keer als wij de Europese zaak opvoeren om de andere lidstaten mee te krijgen voor een plan dat te exclusief Frans of te abstract is, dan lukt het niet, (...) dan worden ze wantrouwig.”

Er zit voor Frankrijk niets anders op, aldus Védrine, dan “overtuigen, samenbrengen, in alle gremia de noodzakelijke coalities van belangen en meerderheden tot stand brengen. Dat veronderstelt een geestesgesteldheid en een diplomatie gericht op openheid, luisteren en overtuigen, en een gevoel voor het dynamische compromis.”

Het zijn even zo vele handschoenen om aan te pakken. Gisteren deed kanselier Kohl dat dankbaar, toen Lionel Jospin hem opzocht en trachtte te overtuigen van zijn goede Europese bedoelingen.

'Eén van de zeven of acht mogendheden met wereldwijde invloed'