Potvis (2)

De Nederlandse benaming waar J.W. Kleinen Hammans naar zoekt is potvisolie. De enorm grote kop van de potvis (Physeter macrocephalus) levert een olie waaruit zich bij bekoeling een wasachtige stof afscheidt: walschot, cetaceum of spermaceti genoemd. De vaste stof bestaat voornamelijk uit cetylpalmitaat, de resterende olie (Oleum cetacei BPC) uit koolwaterstoffen. Plinius (24-79 na Chr.) maakt in zijn Naturalis Historia (IX, 3) reeds melding van het product.