Meteorologen; Bewolking is een uitdaging

Het voorspellen van het weer is een combinatie van wat computers berekenen en meteorologen beredeneren. “Mist is moeilijk.”

HET IS KWART VOOR NEGEN 's ochtends. Op de tweede verdieping van een kantoorcomplex in het Agro Business Park in Wageningen komen vier meteorologen bijeen. Het is tijd voor de dagelijkse weerbriefing bij Meteo Consult, een bedrijf dat aan weersvoorspellingen doet.

Heleen de Boer, de meteorologe die deze dag een aantal uiteenlopende media, van Sky Radio tot NRC Handelsblad, van weersverwachtingen moet voorzien, is haar werkdag twee uur eerder begonnen. Ze sprak in alle vroegte met de meteoroloog die nachtdienst heeft gehad en kent op grond daarvan de algemene verwachtingen voor de komende vijf dagen, ze beschikt over een weerkaart met gegevens en lijsten vol cijfers over temperaturen, luchtdruk, windsnelheden enzovoorts.

Op grond van deze informatie komt Heleen de Boer tot haar oordeel over de te verwachten ontwikkeling van het weer in de komende 24 uur en de dagen daarna. Om tien minuten over zeven houdt ze, via een speciale verbinding, haar eerste weerpraatje voor Sky Radio, waarvan er deze dag nog drie zullen volgen.

Bij de weerbriefing, waarin de weersverwachting die in de loop van de ochtend aan de media moet worden geleverd centraal staat, schuiven drie meteorologen aan die zich in het bijzonder met Nederland bezighouden en een collega die de Noordzee tot zijn speciale territorium mag rekenen. De discussie tussen de meteorologen heeft in hoge mate een technisch karakter. De consumenten van weerberichten worden nimmer lastiggevallen met termen als 'de negatieve vorticiteitsadvectie', de invloed van de 'jetstream' of de 'afgesnoerde put' in een lagedrukgebied. Maar in het korte dispuut tussen de weerkundigen zetten dergelijke begrippen niet zelden de toon. Samen met de weerkaarten, opgeplakt aan de wanden en volgetekend met isobaren, hoge- en lagedrukgebieden en frontale systemen, vormen ze de basis voor het weerbericht.

De bedoeling van de weerbriefing is dat de meteorologen op één lijn komen. Meteo Consult moet zijn verschillende afnemers weerberichten bieden die onderling in toon en woordkeuze mogen verschillen, maar waarvan de conclusies eensluidend moeten zijn. Tijdens de weerbriefing wordt gediscussieerd over de afwijkingen in het recente weerbeeld ten opzichte van eerdere waarnemingen en de consequenties daarvan.

Computers kunnen veel en ze spelen in het leven van de meteoroloog een centrale rol. Maar tot de perfecte voorspelling zijn ze niet in staat. Een weersverwachting blijft, zegt Phil van Haren, hoofd operationele dienst bij Meteo Consult, “een kwestie van in scenario's denken”. Mensenwerk dus. Soms laat een weersvoorspelling zich zo aflezen uit de recente waarnemingen, maar wolkenvelden, depressies of een opstekende wind kunnen twijfel zaaien. Op zulke momenten groeit het gezag van de meteoroloog met een lange staat van dienst. Want bij een obscuur weerbeeld telt ervaring dubbel. “Hoe meer je hebt meegemaakt, hoe meer je weet welke factoren wanneer allemaal een rol kunnen spelen”, zegt Van Haren.

Na een kwartiertje is de weerbriefing voorbij. De weersvoorspellingen voor de komende uren staan in principe vast en daarmee wat de middag- en avondkranten deze dag zullen melden, evenals de diverse radiozenders. De discussies zijn gegaan over wat significant is voor het weerbeeld. Heleen de Boer: “Meteorologen zijn net gewone mensen. Je hebt pessimisten en optimisten, je hebt er die voorzichtige voorspellingen doen en je hebt er die extreem zijn. Optimisten zijn ook eerder geneigd de positieve kant te belichten. Zij zeggen: het wordt prachtig weer met misschien later op de dag een onweersbui. De pessimisten formuleren het anders: er wordt vandaag onweer verwacht.”

Worden de meteorologen het onderling niet over alle details eens, dan mag de 'bewaakmeteoroloog' de knoop doorhakken. Deze dag zit Maurits Geuze aan de knoppen. Als bewaakmeteoroloog houdt hij permanent de ontwikkelingen bij, die aan alle kanten via beeldschermen in zijn werkruimte, de 'weerkamer', zichtbaar worden. Hij bewaakt het weer, zeggen zijn collega's. Feitelijk maakt hij de definitieve verwachting. Heleen de Boer: “Ik mag het wel op mijn eigen manier formuleren, maar ik mag niet beweren dat het maximaal 25 graden wordt, als de bewaakmeteoroloog 23 graden heeft gezegd.”

Weervoorspellers beschikken in principe allemaal over dezelfde meteorologische gegevens die hun via computerberekeningen zijn aangereikt. Waar het vervolgens op aankomt, is de interpretatie van deze gegevens. “Interpreteren is het werk van de meteoroloog”, zegt Phil van Haren. Dat verklaart ook waarom de weersvoorspellingen van het KNMI en van Meteo Consult van elkaar kunnen verschillen.

Als de meteorologen hun (voorlopige) conclusies hebben getrokken, gaan bij Meteo Consult de grafici aan de slag. Zij zetten de min of meer ruw geschetste weerkaarten om in verfijnde beelden op de computer. Zo ontstaan geografische kaarten vol met symbooltjes die staan voor zonneschijn, regen, onweer, een warmtefront, enzovoorts. De kaartjes, uitgebreid met weerrapporten, zon- en maanstanden en dergelijke, worden rechtstreeks doorgeseind naar de diverse afnemers, zoals dagbladen.

Intussen werkt de meteoroloog aan de formulering van zijn weerbericht. Dat is in feite een populaire en zeer bondige samenvatting van natuurkundige verschijnselen, een meteorologische interpretatie van de situatie waarin de atmosfeer zich bevindt en zal bevinden. Het weerbericht moet direct herkenbaar gaan over het weer dat de afnemer ervaart; in de eerste zin beginnen over een hoge- of lagedrukgebied is dus uit den boze.

De ene krant prefereert een zakelijke toon; de ander is niet afkerig van frivoliteiten. En in het Reformatorisch Dagblad mag 'de weergoden' geen enkele rol worden toebedeeld.

Hetzelfde weerbeeld in steeds weer andere woorden schetsen; daar komt het werk van de meteoroloog diverse malen op neer. Variatie bieden wel de regionale kranten; in Nederland kan het weer tussen west en oost en tussen noord en zuid relatief behoorlijk verschillen. Het land is in twintig weerregio's verdeeld.

Stabiliteit was het kenmerk van het weer op veel dagen in deze maand. Als het langdurig heel zonnig is, is het weer meteorologisch gezien een beetje saai. Bewolking is nodig om het werk van de meteoroloog wat ingewikkelder te maken, om wat leven in de brouwerij te brengen. “Mist is moeilijk”, zegt Phil van Haren. “Je weet dat het optrekt als het bijvoorbeeld zes graden wordt. En als het optrekt, kan het zo tien graden worden. Maar of dat gebeurt en wanneer? Daar is hogeschoolmeteorologie voor nodig. Dan moet je heel veel argumenten op tafel leggen om uiteindelijk de juiste beslissing te nemen.

“We proberen een verwachting altijd stellig te maken. Niets is zo erg als 'mogelijk', of 'kans op'. Maar soms ontkom je daar niet aan. Soms weet je zeker dat er buien zullen vallen, maar niet hoe laat en of dat in Utrecht of Wageningen zal zijn. En dan krijg je dus die formulering: hier en daar een bui.”

    • John Kroon