Bell intiem en lyrisch in Barbers vioolconcert

Concert: Dallas Symphony Orchestra o.l.v. Andrew Litton, m.m.v. Joshua Bell, viool. Programma: Harris: Derde symfonie. Barber: Vioolconcert. Tsjaikovski: Vijfde symfonie. Gehoord: 27/8 Concertgebouw Amsterdam.

Zonder de onmetelijke uitgestrektheid van het Amerikaanse landschap zou de muziek van Roy Harris (1898-1979), geboren in een blokhut in Oklahoma, ondenkbaar zijn geweest. Harris, die eerst zijn geluk beproefde als boer en vrachtwagenchauffeur voordat hij ging studeren bij onder anderen Nadia Boulanger, gaf zijn eendelige Derde symfonie (1937) een romantisch aandoende onderverdeling mee: 'Tragisch - lyrisch - pastoraal - fuga/ dramatisch - dramatisch/ tragisch'.

De brede retorische gebaren, het organische ritme, de weidsheid van de thematiek, en vooral de lichte en donkere kleuringen van de harmoniek, wekken echter veeleer associaties op met openbrekende wolkenluchten, wuivende graanvelden, op drift geraakte kuddes wild en andere natuurtaferelen, dan met de tragiek van het individu dat zich vergeefs teweer stelt tegen het noodlot.

Dat het Dallas Symphony Orchestra onder de gedreven leiding van Andrew Litton de Derde symfonie van Harris uitvoerde als een deinende oceaan van sonore, luid resonerende klankmassa's, leek een aannemelijke consequentie van Harris' muzikale stijl. Maar dat het orkest ook tijdens de enerverende vertolking van de Vijfde symfonie van Tsjaikovski, op een paar incidentele pianissimo's in het Andante na, uitsluitend mezzo-forte tot fortissimo musiceerde, was bevreemdend. Al doet de robuuste klank van het Dallas Symphony Orchestra, dat in het verleden met grootheden als Dorati en Solti heeft samengewerkt, rijk en weldadig aan, zo'n voortdurende overdaad aan geluid is niet bevorderlijk voor de spanningsopbouw van de muziek.

Tijdens zijn expressieve interpretatie van het Vioolconcert van Barber bleek violist Joshua Bell, een voormalig leerling van de legendarische Joseph Gingold, de mogelijkheden van de dynamiek juist wel op uitgelezen wijze te benutten.

Bell voorkwam daarbij dat het naar het sentimentele neigende cantabile van Barbers Vioolconcert in kitsch verkeerde. Joshua Bell's Barber klonk intiem en lyrisch, vervuld van een dromerige nostalgie, die in het perpetuum mobile van de finale transformeerde tot een geraffineerde en lichtvoetige virtuositeit.