Wijdenbosch en Bouterse schaken behoedzaam

Boven Paramaribo wiegelen overal papieren vliegers in de hitte van de middag, want de schoolvakanties zijn begonnen. Over een paar dagen krijgt ook het parlement vrij, maar dat zou je nog niet zeggen. Partijbesturen zijn in conclaaf, druk wordt in draagbare telefoons gesproken, en dienstauto's suizen heen en weer tussen hoofdkwartieren en kabinetten.

PARAMARIBO, 27 AUG. Suriname bezweert de jongste politieke crisis - of braadt er, afhankelijk van het standpunt, juist de boter uit. Onmiddellijk nadat president Jules Wijdenbosch gisteren zijn minister van Financiën, Atta Mungra, hardhandig uit de regering verwijderde, en diens partij, de BVD, samen met twee kleinere partijen haar steun in de coalitie opzegde, is in Paramaribo een rituele paringsdans begonnen. Die moet - morgen, over een week, of nog later in de equatoriale zomer - leiden tot een politieke herverkaveling.

Hoe het landschap er dan uitziet is echter nog onduidelijk. “Heb je Mungra gehoord?”, zegt Renata de Bies (50), docente Nederlands aan de universiteit van Paramibo en auteur van een aantal boeken over het Surinaams-Nederlands. “Hij vergeleek de zwarte Wijdenbosch met de zwarte keizer Bokassa. En Mungra, die tot de hindostaanse handelselite behoort, zei dat híj niet was 'opgevoed om continu geld te lenen om het ene geld met andere gat te dichten'. Eigenlijk zegt hij dat Wijdenbosch een stereotiepe neger is. Mungra is een racist!”

De Bies is óók zwart, maar geen partijgenoot van de president. Zij is een vooraanstaand lid van de NPS, de oppositiepartij van oud-president Ronald Venetiaan. Dat Mungra is ontslagen betekent voor zwarte Surinamers uit Venetiaans kamp als De Bies dus niet automatisch dat Mungra daarmee een medestander tegen Wijdenbosch' NDP is geworden. Bovendien: “'Atta' is geen haar beter dan 'Bosje': de zogenaamde economische wantoestanden die hij nu Wijdenbosch verwijt heeft hij als minister een jaar lang toegestaan”, zegt zij op de veranda van haar huis in een buitenwijk van Paramaribo.

Etnische overwegingen zijn maar één van de factoren die een rookgordijn over het speelveld leggen. Radiopanels, het diplomatieke circuit en de rij lunchgangers in de roti-shop wikken en wegen, maar niemand weet nog welke grote en kleine politieke partners elkaar waar, wanneer en op grond van welke politieke principes, gelegenheidsargumenten en persoonlijke belangen uiteindelijk zullen vinden.

De oude coalitie had 29 van de 51 parlementszetels. Na het vertrek van Mungra c.s. zijn daarvan nog 22 over, vier minder dan de minimale meerderheid van 26 en zelfs acht te weinig als ook de Javaanse KTPI van Willy Soemita zich uit de coalitie terugtrekt. Soemita is echter niet aanspreekbaar omdat hij juist gisteren een lichte hartaanval kreeg en in het ziekenhuis ligt - in weerwil van hardnekkige geruchten dat 'Willy Willy' ook een beetje schoolziek is om zijn marktwaarde te verhogen.

Uit dezelfde overwegingen zouden ongebonden parlementariërs nog steeds ontkennen met de NDP te willen samenwerken. In Venetiaans partij zouden twee à drie dissidenten in de startblokken staan om over te steken, en zelfs werd gisteren gesproken over een verzoening tussen Wijdenbosch en een deel van Mungra's uitgetreden partijgenoten.

Wijdenbosch en zeker 'schaduwpresident' Bouterse gelden als behoedzame schakers. Zij zouden dus nooit hun meerderheid op het spel hebben gezet zonder zich van tevoren voldoende te hebben ingedekt. President Wijdenbosch verzekerde vannacht dat “deze regering in het belang van het Surinaamse volk onder mij gewoon doorgaat”, maar dat hoeft - zeggen politieke analisten - strikt genomen niet te betekenen dat Wijdenbosch naar een parlementaire meerderheid zoekt. De door de NDP gecontroleerde staatstelevisie opperde gisteravond in elk geval de mogelijkheid van een minderheidsregering.

Technisch is dat geen probleem: de begroting is goedgekeurd tot 1998, zodat Wijdenbosch kan doorregeren. Dat kon toch al omdat de president voor vijf jaar wordt gekozen en niet zomaar kan worden afgezet; in dat opzicht is zijn positie stabieler dan die van een Nederlandse premier. Wijdenbosch vergelijkt zichzelf de laatste tijd bovendien graag met 'executieve' presidenten naar Amerikaans of Latijns-Amerikaans model, en die liggen niet wakker van een vijandig gezind Congres.

“De positie van de regering is onhoudbaar geworden, de president moet eigenlijk nieuwe verkiezingen uitschrijven”, zei gisteren Winston Jessurun, die een oppositionele tweemansfractie in het parlement leidt en vindt dat Suriname geen presidentieel maar een parlementair stelsel heeft. Andere parlementariërs waren voorzichtiger. Jaggernath Lachmon, voorzitter van de hindostaanse VHP, die vorig jaar werd gehalveerd doordat Mungra en enkele geestverwanten besloten de partij te verlaten om met Wijdenbosch' NDP te regeren, zei gisteren alleen te eisen dat de president in het parlement komt uitleggen wat hij van plan is. Lachmon zat in een vrijwel lege zaal, want voor de derde achtereenvolgende keer kon de geplande parlementsvergadering niet doorgaan omdat er te weinig leden aanwezig waren, met name van de regeringspartijen.

Heel zachtjes noemt Paramaribo nóg een mogelijkheid: een manoevre van Wijdenbosch en partijvoorzitter Bouterse om het parlement radicaal te passeren. Dat zou een 'coup' tegen henzelf betekenen, een autogolpe van het type waarmee de Peruaanse president Fujimori in 1994 de bestuurlijke verlamming in zijn land doorbrak. Daarvoor is echter de steun van het leger nodig en dat zou gedesillusioneerd zijn, onder meer over lage soldij. Bovendien zou het internationale repercussies inhouden. Die kan de Surinaamse economie zich niet veroorloven. Bouterse gaat volgende week intensief met zijn advocaat overleggen over de Nederlandse strafzaak tegen hem op verdenking van drugssmokkel. Ook dat zou zich moeilijk verhouden met een nieuwe Nederlands-Surinaamse politieke confrontatie, die een meerderheid van de Surinamers evenmin wenst. Maar “niets is onmogelijk”, zegt Hans Breeveld, politicoloog en een dissident lid van Venetiaans NPS aan de rand van het zwembad waar zijn kinderen een zomerse duik nemen. “In Suriname kunnen vreemde dingen gebeuren.”