Staatsgreep

Van het begin af aan kwam het me voor alsof iedereen gek was geworden behalve ik.

Het is een ongebruikelijke stap in de internationale politiek, een verzoek tot arrestatie van een van de politieke leiders van een bevriende mogendheid. Niet bij gebrek aan begane misdaden. De Fransen bliezen een schip van Greenpeace op. Het Nederlandse justitieapparaat bleek een drugssyndicaat. Geheime diensten overtreden de ene wet na de andere. Talloos zijn de misdaden van politieke leiders en vele worden begaan op vreemd grondgebied. Toch bekogelen die leiders elkaar niet met internationale arrestatiebevelen. De simpele reden is het feit dat de verhoudingen tussen staten nu eenmaal niet in hoofdzaak door het strafrecht bepaald worden. Hier geldt het primaat van de politiek.

Alleen Noriega werd door de Amerikanen voor een rechtbank gebracht. Als Noriega zich bij zijn drugs had gehouden en niet met Cuba had aangepapt, was Panama de Amerikaanse militaire invasie misschien bespaard gebleven. Ook in dit geval stond de rechtspraak in dienst van de politiek. Het is geen schande, de wereld is nu eenmaal geen rechtsstaat.

Het moest wel een zwaar politiek doel zijn, dat de Nederlandse regering wilde bereiken met het ongebruikelijke verzoek tot opsporing en aanhouding van Bouterse, die weliswaar officieel slechts een 'adviseur' is, maar door velen als de feitelijke politieke leider van Suriname wordt beschouwd. Maar welk doel? Wilde men de politieke positie van een sinistere moordenaar ondermijnen? Dat zou een mooi doel zijn. Of wilde men de onvermijdelijke bitse reactie van de Surinaamse regering aangrijpen als aanleiding om de betrekkingen met de voormalige kolonie op een nog lager pitje te zetten? Een minder mooi doel. En het feit dat twee zo tegenstrijdige doeleinden beide uit de Nederlandse actie konden worden afgeleid, deed twijfel rijzen aan de effectiviteit van die actie.

De Nederlandse regering gaf geen uitsluitsel en beweerde dat er helemaal geen politiek doel was geweest. Als het waar was, zou de regering zich ervoor moeten schamen.

Het is natuurlijk niet waar, maar je zou vol kunnen houden dat de regering de plicht had om het zo voor te stellen, tegen beter weten in. Toen eenmaal voor het ongebruikelijke middel van het strafrecht was gekozen, moest ze ook met een uitgestreken gezicht volhouden dat het recht nu eenmaal zijn loop moest hebben en dat de actie geen politieke bedoelingen had. Je zou het een heilige leugen kunnen noemen. Maar een regering moet wel heel sterk in de schoenen staan om een leugen vol te houden waar de schijnheiligheid zo van afdruipt.

In ieder geval is het niet de plicht van het parlement en van de pers om in deze heilige leugen te geloven. Toch lezen we: “In de in totaal vijf uur durende besprekingen heeft minister Van Mierlo uitgelegd dat het arrestatiebevel tegen Bouterse een zaak is van het openbaar ministerie en dat de Nederlandse regering niet bij machte is dat proces te beïnvloeden.“ 'Heeft uitgelegd' lijkt me hier een minder juiste uitdrukking dan 'heeft de schijn opgehouden'. De minister legde uit dat de maan van groene kaas is en twee maal twee gelijk aan vijf.

Vervolgens bleek dat Van Mierlo een verzoek tot arrestatie van Bouterse in Brazilië had tegengehouden. De politiek verantwoordelijke grijpt in, dacht ik. En op het eerste gezicht leek het inderdaad even alsof er in de Nederlandse regering ten minste één minister was die nog wel besefte dat buitenlandse politiek onder het ministerie van Buitenlandse Zaken valt en niet onder Justitie. Maar direct werd ook duidelijk dat hier een minister optrad die zijn erf al zozeer uit handen had gegeven, dat zijn optreden als een inbreuk op de Nederlandse rechtsorde kon worden voorgesteld. Niet dat hij een arrestatie zou hebben verhinderd was Van Mierlo's fatale fout. De fout zat hem in wat hij verzuimd had te verhinderen: dat Justitie zijn terrein inpikte en Doctors van Leeuwen kon opereren als een soort minister van Koloniale Zaken. Hoe zwak de positie van Van Mierlo was, bleek wel uit het feit dat hij zich gedwongen voelde om meteen het liedje mee te zingen dat het recht boven alles ging en Justitie boven Buitenlandse Zaken.

Het wonderlijke schouwspel laat verschillende interpretaties toe. Een hoofdartikel in deze krant noemde het Nederlandse beleid met goede grond een 'verliezersstrategie'. Maar wie weet, misschien heeft de regering toch een doordachte politieke strategie, die ons pas later duidelijk zal worden. Een Chinees zei: “De Nederlander ziet eruit als een varken, maar hij is een tijger.“ Misschien had die Chinees gelijk, al ziet het er nog niet erg naar uit.

Meer voor de hand ligt de veronderstelling dat binnen de Nederlandse regering een verbeten machtsstrijd heeft gewoed. Het ministerie van Justitie, door vele schandalen in discrediet gebracht, kiest voor de vlucht naar voren en breidt het eigen machtsbereik uit buiten alle proporties. Openlijk werd verklaard dat het openbaar ministerie in de zaak tegen de kroongetuige van het Hakkelaarproces het rechterlijk vonnis niet uit zou voeren. Een krasse aantasting van de traditionele scheiding van machten. Op grove wijze lieten ambtenaren van Justitie aan de pers weten dat ze verbijsterd en ontzet waren door het optreden van Van Mierlo. Zo voert de ambtelijke top van Justitie een succesvolle oorlog tegen de minister van Buitenlandse Zaken. In de gewoonlijk kalme Nederlandse verhoudingen kan dit bijna een staatsgreep genoemd worden.

Voor de volledigheid noem ik nog een derde mogelijkheid. Misschien was er echt geen politieke strategie en is er ook geen machtsstrijd tussen de ministeries geweest. Het klinkt fantastisch, maar we mogen niet helemaal uitsluiten dat Kok en Van Mierlo en Sorgdrager oprecht zijn en gewoon menen wat ze zeggen als ze in wereldvreemde onschuld beweren dat het recht in deze zaak zijn loop moet hebben en dat politieke overwegingen geen rol mogen spelen. Maar die mogelijkheid is te akelig om serieus te overwegen.