Onverstoorbare Dennis

et mooiste paar dat op het ogenblik op de Engelse voetbalvelden te bewonderen is, is niet de Brits-Nederlandse tandem van Ian Wright en Dennis Bergkamp, maar het Nederlands-Franse duo Bergkamp/Wenger. Bij het eerste paar gaat het om een spits en een aangever, bij het tweede om een speler en een trainer.

Dennis Bergkamp is een van de spitsen van Arsenal, die na een wat stroeve start al meer dan een jaar week in week uit vriend en vijand versteld doet staan door de subtiele effecten die hij de bal geeft, door zijn intelligente spelinzicht en door zijn gevarieerde schijnbewegingen, waartegen de Engelse verdedigers geen verweer hebben. Bergkamp heeft sinds de hervatting van de competitie in elke wedstrijd moeiteloos gescoord en naar het lijkt zelfs met toenemend gemak, alsof er geen tegenstanders voor hem bestaan. Dennis Bergkamp is een virtuoze voetballer zoals de Engelsen er nog niet eerder een in hun midden hebben gehad. De van huisuit nogal chauvinistische Engelse sportjournalisten schrijven zichzelf elke week in een extase om uiting te geven aan hun verrukking en ook het publiek raakt niet uitgepraat over de grote Hollandse tovenaar.

Arsèn Wenger is de trainer/manager van Arsenal, een aangenaam intelligente Fransman met een zwaarbepakte intellectuele bagage, een sportman die van belletrie houdt en zijn voetballers na de training ook aan het lezen probeert te krijgen. En niet de eenvoudigste schrijvers. James Joyce, Ionesco, Samuel Beckett en voor de afwisseling de structuralistische jonge Amerikaane dichteres Jorie Graham (47). Het verbaasde mij niet dat vrijwel alle spelers die na zijn komst bij Arsenal het veld moesten ruimen de wat minder good looking Engelse spelers waren. De international Paul Merson was zelfs de eerste die het slachtoffer werd van Wengers grote schoonmaak. De Fransman aarzelde geen moment om hem te verkopen. Merson kon naar Engelse maatstaven aardig voetballen, maar hij had nog maar één voortand over, en dat was niet genoeg om verzekerd te zijn van een plaats in de basis van de Franse estheet. Hij was een vaas met een barst, die uit de collectie moest verdwijnen.

Wengers uiterlijk is voor voetbaltrainers al even ongewoon: hij is rank gebouwd, smaakvol gekleed (Zegna), de vorm van zijn hoofd is mooi uitgevallen en na elke wedstrijd komen er zwierige zinnen uit zijn mond, die zowel doordacht als samenhangend zijn. Zijn Engels is zo zuiver als glas, naar het schijnt het enige verstaanbare Engels dat in de kleedkamers van de Britse voetbalstadions wordt gesproken.

Wenger en Bergkamp vormen samen het brein van het vernieuwde, cosmopolitische Arsenal, dat steunt op een Frans-Nederlands middenveld, waarop Petit en Vieira de lange lijnen bestrijken en de ex-Ajacieden Bergkamp en Overmars de taak hebben het wendbare kanon Wright in stelling te brengen. Bergkamp bewondert de elastische aanpak van de ideeënrijke trainer, die hem na zijn minder geslaagde Italiaanse avontuur zijn zelfvertrouwen heeft teruggegeven. En Wenger, die “nog nooit een speler van zo'n uitzonderlijke klasse” onder handen heeft gehad, koestert op zijn beurt zijn Nederlandse paradepaard, waarop hij van het begin af zijn hele tactiek heeft afgestemd.

Wenger is in staat zich anderhalf uur lang op twee verschillende niveau's met een wedstrijd bezig te houden. Op het ene kan hij zich geconcentreerd met de verrichtingen van het elftal bezighouden en tekortkomingen of zwakke plekken signaleren om vervolgens in te grijpen en versterkingen het veld in te sturen. Op het andere moment kan hij ontspannen genieten van “de wereldklasse” van Bergkamp. Op zijn persconferentie in Southampton besprak hij afgelopen zaterdag enkele sterke karaktereigenschappen van Bergkamp, waarvan hij tijdens de wedstrijd een psychogram had gemaakt. Hij maakte belangwekkende opmerkingen over de onverstoorbaarheid van de Nederlander, die mentaal zo geconcentreerd speelt dat hij zich volkomen kan afsluiten voor de provocaties om hem heen. Bergkamp is daardoor immuun voor irritatie. Hij zal zich ook niet gauw tot reacties laten verleiden.

Aan een gevaarlijke spits wordt doorlopend getrokken en gesjord, zoals hij ook voortdurend het mikpunt is van doortrapte acties, die bedoeld zijn om hem uit zijn evenwicht te brengen (duwen, knijpen, stoten, spuwen, tarten en wat dies meer zij). Bergkamp toont onder al die omstandigheden een ijzeren zelfbeheersing. Daardoor krijg je soms het vermoeden dat hij dezelfde poëtische preoccupaties heeft als zijn immer lezende trainer en alleen voor zijn ontspanning meespeelt. Wenger vergeleek Bergkamp zaterdag met de voormalige Zweedse tenniskampioen Björn Borg, die ook een granieten constitutie had en nooit van de kook raakte.

Bergkamp is geen lachebek en zijn gevoel voor humor is niet overdadig ontwikkeld, maar zaterdag tracteerde hij zijn ploeggenoten op een superieure geestigheid. Alle Britse kranten hadden de voorafgaande week vol gestaan over het ene doelpunt dat de Arsenal-spits Ian Wright nog verwijderd was van het club-record dat de oudgediende Cliff Bastin in de jaren dertig op zijn naam had gebracht (honderd en zoveel). Wright joeg al maanden op dat record en hoefde in Southampton maar twee keer te scoren om die lauwerkrans over te nemen. Maar Wright (33) speelde zaterdag als een oude man die opgelegde kansen miste.

Bergkamp dreef met die opgeblazen opwinding over dat record de spot door twee keer magistraal te scoren. Overmars had al eerder een doelpunt gemaakt, zodat de hele productie (1-3) van Nederlandse makelij was. Wenger reageerde na afloop diplomatiek: “Dennis heeft drie kostbare punten voor het team in de wacht gesleept”.