Harrie Jekkers

Harrie Jekkers: Mijn ikken. CNR Music 2003163.

In zijn theatervoorstellingen fungeren de liedjes van Harrie Jekkers vooral als rustpunten tussen de verhalen door. Hij zingt ze als een 20ste-eeuwse troubadour, met eigen gitaarbegeleiding en met een volks-Haagse tongval die goed past bij de sfeer van eenvoud en pretentieloosheid. Dat ze ook los van de context van zijn optreden overeind blijven, blijkt op de cd Mijn ikken, waarop liedjes uit diverse theatershows door producer Ton Scherpenzeel voor een grotere instrumentale bezetting werden gearrangeerd. Soms iets te overdadig naar mijn smaak, waardoor de tere tekst door synthetische strijkers overspoeld dreigt te raken, maar meestal scherp geprononceerd en passend bij de country-achtige klank van Jekkers.

In de meeste liedjes, geschreven in samenwerking met Koos Meinderts, is sprake van zuiver verwoorde jeugdherinneringen - op zijn best in het bijna tien minuten durende titelnummer, dat destijds in het theater in losse stukken werd gezongen. Het bevat hoogst herkenbare beelden van Jekkers als 9-jarig jongetje, als 20-jarige ('een rugzak vol met idealen / dat is mijn ik van twintig jaar / dat wordt later bakzeil halen / want die zak is véél te zwaar'), als 30-jarige en als veertiger. Ontroerend van eenvoud vind ik ook de liedjes over zijn vader en zijn moeder, en het nummer Zo mooi, over de allereerste verliefdheid: 'En toen ik vroeg: heb jij je huiswerk / voor morgen al gemaakt / zei ze: proef eens hoe mijn lippenstift / naar Coca-Cola smaakt...'