Happy few wil vermaakt worden

BIDDINGHUIZEN, 25 AUG. Een alles doordrenkende motregen valt gestaag uit de hemel boven Biddinghuizen. Stof verandert in modder, waarin hoge blokhakken en plateauzolen langzaam weg zakken. Het is vrijdagmiddag vier uur en het festival A Campingflight To Lowlands Paradise gaat beginnen.

Voor de spiegel bij de toiletten vegen meisjes natte slierten haar uit hun gezicht: nog drie dagen te gaan met een verruïneerd kapsel. Duizenden jongeren slenteren over het terrein, van band naar band, van tent naar tent.

Kent de huidige jongerencultuur gemeenschappelijke kenmerken? Nauwelijks. Of toch. 'Here we are, now entertain us', zong Kurt Cobain van de grunge-band Nirvana ooit en schoot zich niet lang daarna door het hoofd. De tekstregel kenschetst de generatie tussen de vijftien en vijfentwintig jaar: overvoerd door de vele mogelijkheden. Kan een artiest niet binnen tien seconden boeien, dan loopt het publiek verder. “Dit is niks”, oordelen twee jongens in halflange broeken en wijde t-shirts. De zangeres van de de Zweedse band The Cardigans heeft met haar frêle stem nog maar vijf noten gezongen. Maar de Meerkeuze-generatie wil worden vermaakt.

De organisatoren van 'Lowlands' hebben het begrepen. Ze hebben het festival opgezet volgens de normen van zap-televisie; de bezoeker zèlf is de afstandsbediening. Diverse popgroepen spelen - verdeeld over immense tenten - op hetzelfde ogenblik. Theateracts treden tegelijkertijd buiten op. Mannen en vrouwen op metershoge polsstokken bijvoorbeeld, die als metronomen heen en weer bewegen. “Kennen we lachen als die stokken breken”, grinnikt een jongen met blauw haar. “Jongens, we gáán”, brult zijn vriend.

Naar de markt. Met vriendschapsbandjes uit de jaren zestig, gebatikte t-shirts uit de jaren zeventig, niets uit de jaren tachtig en tatoeages en piercings uit de jaren negentig. Maar in een tijd waar veel mag en weinig moet is opvallen steeds moeilijker. Een blozende boerenmeid heeft al snel een tatoeage. Hier, wijst een meisje en laat haar broek een beetje zakken. Een kwartier later verschijnen de eerste zwarte strepen op haar huid. Een uur later is een grote krullerige V, taps toelopend naar de bilnaad, getatoeerd.

Hoe zet je je nog af tegen de maatschappij? Piercings zijn gemeengoed. Het haar is binnen vijf minuten met een uitwasbare spoeling gekleurd; vooral blauw en groen zijn in. Een grote mond valt niet langer op. “Hoeren!” schreeuwen vijf keurige meisjes ter begroeting naar elkaar. Vervolgens grinniken ze schaapachtig. Politiek is al lang uit. De zanger van de Nederlandse punkgroep Heideroosjes doet nog een halfslachtige poging. “Het volgende nummer is tegen die minister voor asielbeleid. Hoe heet-ie ook al weer?” En hij heft aan met “vuile tering-takkezooi”. De zaal springt vrolijk mee.

Wel moet worden aangetekend dat het festival vooral de happy few onder de alternatieve jeugd trekt. Een kaartje kost 145 gulden, een armzalige burrito 8,25 gulden en een potje pindakaas in de supermarkt vier gulden. De gemiddelde scholieren-bijbaan brengt dat niet op. “Mijn ouders hebben de toegang betaald. Ze zien het als afsluiting van mijn vakantie”, verklaart een meisje dan ook. Ze is een representant van de happy few: blank, schoolgaand, goed doorvoed en een glanzende gebruinde huid.

De zon schijnt. De opgedroogde modder verandert in stof. Het is zondagmiddag vier uur en veel mensen breken hun tent af. Ook al is het festival nog niet afgelopen. In de zogenoemde 24-uurs tent kunnen de bezoekers in ieder geval tot maandagochtend dansen, drinken en slikken. Maar voor de meeste bezoekers geldt: Lowlands is een weekend gek doen. Maandag moet je weer fris in de schoolbanken zitten.