Van Haandel zwemt in golven van Popov

De Nederlandse zwemequipe won gisteren bij de EK zijn vierde medaille. Op de 4x100 meter vrije slag werden de oranjemannen derde. Met name de prestatie van startzwemmer Bram van Haandel was opmerkelijk.

SEVILLA, 23 AUG. Het lot koppelde Bram van Haandel gisteren aan Alexander Popov, maar de aanblik van de Russische grootmeester op de sprintafstand bracht de CIOS-student uit Eindhoven niet van de wijs. “Op het startblok zag ik hem wel staan, maar denken deed ik op dat moment niet. In het water heb ik alleen zijn heupen gezien en later zijn voeten.”

Van Haandel werd gisteren tegen het einde van de ochtend door de technische staf aangewezen als startzwemmer van de Nederlandse estafetteploeg op de 4x100 meter vrije slag. Dat vertrouwen beschaamde de 23-jarige Brabander niet. Hoewel op eerbiedwaardige afstand van tweevoudig olympisch kampioen Popov, raasde hij in 50,93 heen en weer. “Het was geen perfecte race want ik wilde rond de 50,7 zwemmen. Maar toch een dik persoonlijk record, dus stiekem ben ik best tevreden”, zei Van Haandel na afloop.

De ingetogen vreugde leek alleszins gerechtvaardigd. Achter het ongenaakbare Rusland en het solide Duitsland legde het viertal Van Haandel, Zuijdweg, Veens en Van den Hoogenband op de vierde dag van de EK in Sevilla beslag op de derde plaats. Dat onverwachte succes, gelet op de jeugdige samenstelling van de ploeg, betekende de vierde medaille voor de Nederlandse zwemequipe nadat eerder Edith van Dijk (brons op de 25 kilometer), Marcel Wouda (goud op de 400 meter vrije slag) en de mannen-estafetteploeg (zilver op de 4x200 vrije slag) in de prijzen vielen. Van Haandel kreeg na afloop alle lof toegezwaaid van het begeleidingsteam. “Zwemmen in de golven van Popov is geen makkelijke opgave”, oordeelde bondscoach René Dekker. “Bram bleef overeind en dat vind ik knap.” Het optreden van Van Haandel was des te opmerkelijk omdat hij drie weken geleden wegens droeve familie-omstandigheden het trainingskamp in Granada moest verlaten. De zorgvuldig uitgestippelde voorbereiding op de EK viel in duigen en het was nog maar de vraag of het zinvol was voor Van Haandel om terug te keren naar Spanje. Maar mede op verzoek van de technische staf mocht hij zich na vijf dagen weer bij de nationale selectie voegen.

Met slechts tien dagen training in armen en benen ging Van Haandel 's ochtends als tweede van start in de series. Hij was naar eigen zeggen op van de zenuwen nadat hij de gehele nacht al niet had kunnen slapen. “Voor mij stond er meer op het spel dan alleen het bereiken van de finale. Ik ben iemand die zich drie keer per jaar moet bewijzen wil hij serieus genomen worden”, aldus Van Haandel. Waarmee de zwemmer van PSV nog maar eens onderstreepte dat de estafette een curieus fenomeen is. In de ochtenduren brengen coaches vier zwemmers in stelling waarvan er minimaal één af moet vallen. De snelste sprinter, in het Nederlandse geval Pieter van den Hoogenband, wordt gespaard voor de finale later op de dag. Gistermiddag moest Dennis Rijnbeek vanaf het droge toekijken nadat hij 's ochtends als startzwemmer veruit de slechtste tijd (52,38) realiseerde.

Dat maakte de weg vrij voor Van Haandel, die in de vroege ochtend exact twee seconden sneller was dan Rijnbeek. Het bezorgde hem een “fantastisch gevoel”, temeer daar hij in het verleden zelf vaak plaats moest nemen langs de zijlijn nadat hij in de series zijn bijdrage had geleverd. “'s Ochtends zwem je met z'n allen, maar toch ook weer niet. De eigen tijden zijn minstens zo belangrijk als de gezamenlijke tijd.” Maar het kan nog erger, wist Van Haandel. “Twee jaar geleden mocht ik als reserve mee naar de EK in Wenen. Nou, mooi dat ik daar geen water heb gezien.”

Voor slotzwemmer Pieter van den Hoogenband, net als Van Haandel lid van het Eindhovense PSV, herhaalde zich gisteren een scenario dat hem andermaal met gemengde gevoelens opzadelde. In de estafette bleek hij opnieuw sneller dan op het individuele nummer, 49,39 om 50,09. Woensdag deed zich hetzelfde voor, toen hij in estafetteverband op de 200 meter vrij zijn tijd van een dag daarvoor ruimschoots overtrof, 1.48,59 om 1.51,26.

Vandaar dat op het gezicht van de 19-jarige scholier gisteren zich opnieuw een mismoedige blik vol onbegrip aftekende. Moest hij nu verbitterd zijn over de gemiste kans of opgetogen over de bronzen medaille? Van den Hoogenband koos voor het laatste en sprak de hoop uit vandaag zijn enigszins geschonden imago op te poetsen wanneer de 50 meter vrije slag op het programma staat. “Ik heb dit toernooi nog één baantje om me te laten zien. Laat ik me daar maar op concentreren.”

Clubgenoot Mark Veens daarentegen kon gisteren weer voorzichtig glimlachen nadat hij een dag eerder jammerlijk faalde op de individuele 100 meter vrije slag. Met zijn zwemvliezen van maat 47 kwam de 19-jarige Limburger, gisteren goed voor 50,01, niet verder dan een magere 51,61. “Geen tijd om mee thuis te komen”, volgens Veens. Daarmee eindigde hij op de negentiende plaats, een klassering die zelfs geen recht gaf op deelname aan de B-finale.

Een verklaring voor zijn off-day zocht Veens in het gebrek aan sfeer en beleving op en rondom het zwemcomplex in Sevilla. “Veel geschreeuw op de tribunes bezorgt mij een kick, maar hier leek het in de eerste dagen in de verste verte niet op een EK.” Om een WK-plaats veilig te stellen wil Veens morgen het water in te duiken voor een trial, in de hoop om voor de tweede keer binnen de limiet van 50,30 te blijven. Vermoedelijk dat ook Van Haandel zich mengt in die strijd. “Want ik neem geen genoegen met een plaats op het tweede plan.”