Minister: niet alle feiten kloppen

SCHIPHOL, 22 AUG. Volgens minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) steunen de verwijten die hem worden gemaakt wegens zijn besluit van 18 juli om Brazilië niet om arrestatie te vragen van de Surinaamse adviseur van staat Bouterse op feiten die “helaas voor sommigen” niet kloppen.

Ten eerste is het niet juist dat Nederland, nadat Den Haag daaromtrent op 17 juni bij een aantal landen had gesondeerd, van Brazilië de verzekering had gekregen dat het met aanhouding en uitlevering zou reageren op een Nederlands signaleringsverzoek inzake Bouterse. “Er bestond over de Braziliaanse houding geen zekerheid, terwijl bekend is dat elk land dergelijke verzoeken op een eigen wijze behandelt en Brazilië daaromtrent een zeer formalistische houding aanneemt. In dit geval had de Braziliaanse regering ons daaraan zelfs met zoveel woorden herinnerd en duidelijk gemaakt dat het een besluit over een signaleringsverzoek geheel aan Nederland liet”. Van Mierlo wees erop dat Brazilië hier “als belangrijk buurland van Suriname in een moeilijke positie zit” en dat Bouterse die voorjaar nog is ontvangen door de Braziliaanse minister van Buitenlandse Zaken.

Juist omdat, zoals de minister zei, ook voor Buitenlandse Zaken “de voortgang van het recht” een eerste prioriteit is en er grote twijfels bestonden bij hem en minister Sorgdrager (Justitie) over hoe Brazilië zou reageren op een Nederlands signaleringsverzoek, had hij 18 juli besloten van zo'n verzoek via de Nederlandse ambassade af te zien gezien “die stand van onzekerheid”. Want als zo'n verzoek niet tot aanhouding zou hebben geleid zou een “averechts effect” zijn gevolgd. Dat zou als een succes voor Bouterse en een vergroting van zijn “relatieve bewegingsvrijheid” hebben kunnen worden uitgelegd, de verhoudingen met Brazilië hebben belast en de kans op een positieve houding van dat land bij een toekomstig signaleringsverzoek hebben verkleind, aldus Van Mierlo. “Het zou buitengewoon frustrerend zijn geweest als de eerste gelegenheid (tot aanhouding van Bouterse, red.) op een mislukking was uitgelopen, juist in het belangrijkste buurland van Suriname”, zei hij.

“Er is dan ook geen sprake van dat ik de rechtsgang zou hebben geblokkeerd of zou hebben willen blokkeren. De beschuldiging dat ik dat met een politieke interventie zou hebben gedaan werp ik dan ook ver van me weg. Ik denk dat mijn verhaal zoveel hout snijdt dat ik op begrip in de het kabinet en de Tweede Kamer mag rekenen.”