Lubbers: EU schiet tekort met vernieuwen

DEN HAAG, 22 AUG. In het Verdrag van Amsterdam ontbreken de institutionele vernieuwingen die de Europese Unie zichzelf had voorgenomen. Ondanks “heel hard werken” van premier Kok en minister Van Mierlo is het resultaat van het Nederlandse EU-voorzitterschap “bescheiden”. Dit zegt oud-premier Lubbers in een vraaggesprek met NRC Handelsblad.

Volgens Lubbers werd eind 1991 bij het sluiten van het Verdrag van Maastricht een vervolgverdrag niet nodig geacht of voorzien. Pas toen duidelijk werd dat er met Oost-Europese landen toetredingsonderhandelingen zouden komen, ontstond de behoefte de Unie vooraf institutioneel te verdiepen via een vervolgverdrag. “Opmerkelijk” vindt Lubbers het dat in Amsterdam zo'n “boterbriefje” voor de EU-uitbreiding niet gelukt is, maar de onderhandelingen met Oost-Europese landen volgend jaar toch beginnen zonder dat iemand daar iets over zegt.

Door de disciplinerende invloed op het financiële en budgettaire beleid van de EU-leden is de Muntunie al “een gigantisch succes” voordat zij een feit is, meent de oud-premier.

De financiële problemen waar Duistland nu mee worstelt, tekenen voor hem de tragiek van de situatie “dat het land par excellence, Duitsland, zelf in een situatie zou komen niet te voldoen aan de voorwaarden” voor de Muntunie.

Over de situatie in Duitsland zegt hij: “We praten over het land van de soziale Marktwirtschaft, en wat dat allemaal kan betekenen in termen van groei, werkgelegenheid, stabiliteit. Dat dát land nu deze mistroostigheid kent, dat is verdrietig.”

Hij bestrijdt dat hij in 1989/'90 koel of afwijzend stond tegenover de Duitse eenwording. Suggesties die daarover later uit Bonn kwamen toen, eind 1993, bondskanselier Helmut Kohl Lubbers' kandidatuur voor het voorzitterschap van de Europese Commissie afwees, noemt hij “klinkklare onzin”.

Anders dan Andreotti en Thatcher is Lubbers altijd voorstander geweest van de Duitse eenwording, zo citeert Lubbers een boek van twee adviseurs van president Bush.