Somber broertje van Forrest Gump

Sling Blade. Regie: Billy Bob Thornton. Met: Billy Bob Thornton, Lucas Black, Jim Jarmusch. In: 5 theaters.

Hopen dat iemand dood gaat, overkomt iedereen wel eens, al was het maar omdat de film waar je naar kijkt dan misschien snel is afgelopen; hopen dat iemand zelfmoord pleegt, is zeldzamer, maar het gebeurt op driekwart van Sling Blade, het regiedebuut van de Amerikaanse acteur Billy Bob Thornton. Zijn film begint met praten over moord en eindigt met moord, zo onvermijdelijk dat je met zweet in de handen en tranen in de ogen in opstand komt en een alternatief verzint.

Thornton kreeg een Oscar voor het schrijven van Sling Blade en werd genomineerd voor het spelen van de aandoenlijke en achterlijke hoofdpersoon Karl. Als hout kon bewegen, bewoog het zoals Karl en als zand kon spreken, praatte het als Karl. Thornton speelt hem, met zijn kin naar voren gestoken en zijn bovenlip naar binnen gevouwen, gemaniëreerd maar goed want Karl vind je aardig, ook al heeft hij met sling blade (een zeis?) twee mensen vermoord: zijn moeder en de man met wie zij aan het vrijen was toen kind Karl hen betrapte.

De film begint op de dag dat Karl na 25 jaar genezen is verklaard en tegen zijn wil vrijgelaten wordt uit een gevangenis voor geesteszieken. Herhaling lijkt onwaarschijnlijk, maar de monoloog die Karl voor een leerling-journaliste houdt, laat ruimte voor een beetje twijfel. Hij vermoordde de man omdat hij verkrachtte en de vrouw omdat het geen verkrachting bleek te zijn - van zulke zondige seks mag niemand genieten, had Karl dat niet zelf van zijn ouders, twee godsdienstfanatici die hun achterlijke zoon als een straf van god zagen, geleerd?

Sling Blade is een film over een man die het recht opnieuw in eigen hand zal nemen. De film speelt in het arme zuiden van Amerika, waar Thornton zelf opgroeide, en Karl is een somber broertje van Forrest Gump, met een langzaam brein dat veel moeite doet om zich een paar simpele waarheden eigen te maken. Thornton zet hoog in, hij wil dat de kijker niet alleen medelijden heeft met zijn held maar soms ook jaloers op zijn 'puurheid' is. Maar het verhaal waar Thornton hem in laat verzeilen, dwingt die jaloezie niet af, hoe grijs en blauw het ook is gefilmd.

Karl krijgt met behulp van de gevangenisdirecteur een baantje als mecanicien in zijn geboortedorp en alle mensen die hij tegenkomt zijn aardig tegen hem. De meeste zijn buitenbeentjes, net als hij, en Thornton heeft deze gekke maar goede hillbilly's met humor en warmte willen filmen. Het resultaat is soms net zo mechanisch als de bewegingen van Karl. Vooral de vriendschap met het vaderloze jongetje Frank, de kroon op Karls nieuwe leven, komt niet van de grond. Frank is wel erg vroegwijs, want hij zegt dat het bij rugby niet om het winnen gaat maar om het fijne spel en hij neemt Karl mee naar zijn 'geheime plek waar hij zo graag alleen is'. Een andere misfit is de homoseksuele baas van Franks moeder Linda, de manager van de supermarkt die het houdt met de begrafenisondernemer en Karl als ware hij in San Francisco uitnodigt voor een lunch.

De vriend van Linda is het enige karakter dat geen outcast is en in Thorntons omkering der dingen is hij dan ook de slechterik. Doyle, gespeeld door de countryzanger Dwight Yoakam, is een driftige, drinkende macho, vilein en flemerig en verbaal op een moderne manier gevaarlijk: hij beledigt, biedt zijn excuses aan om dan weer te beledigen. Karl vreest voor het geluk en misschien het leven van Frank en Linda, en dan mag het noodlot zich voltrekken. Aan het eind van de film zit Karl weer in het tehuis uit het begin. Het enige verschil is dat hij nu tegen zijn medegevangene durft te zeggen dat die moet ophouden met het vertellen over zijn lustmoorden. Misschien moeten we daaruit concluderen dat Karl met zijn uitstapje toch iets is opgeschoten.