Muziekles over de Beatles

The Beatles, vanaf morgenavond in De Avonden, Radio 5, 22.02-23.55u.

Het is een eigenwijze koers die de VPRO-gids deze week vaart: terwijl alle media in de hele wereld Elvis Presley herdachten, zette het weekblad de Beatles op het omslag. Het stijlvaste ontwerp van Piet Schreuders vestigt de aandacht op een driedelige serie die hij samen met Harry Klaassen maakte voor drie achtereenvolgende donderdagavond-afleveringen van het VPRO-programma De Avonden op Radio 5. Veel stelt de aanleiding niet voor (op 4 september is het 35 jaar geleden dat Love me do, de eerste Beatle-plaat werd opgenomen), maar dat hindert niet: ik heb op de radio nog nooit zo'n gedetailleerde analyse van het 186 originele nummers omvattende oeuvre van de Beatles gehoord als in de drie keer vijftig minuten die Klaassen en Schreuders als een muzikaal college hebben opgezet.

Dat het muzikale aspect van die nummers nooit eerder aan de orde is gebracht, zoals de samenstellers suggereren, is natuurlijk overdreven. Wel is het juist dat in de loop der tijden voornamelijk over de teksten is gepraat en geschreven - en zelden of nooit over het feit dat John Lennon erin slaagde ongebruikelijke akkoordenprogressies toch tonaal te laten klinken, dat Paul McCartney een akkoord-vreemde noot speelde in Hey Jude, dat het aantal akkoorden in You never give me your money oploopt tot 21, dat in Happiness is a warm gun maar liefst zes verschillende maatsoorten voorkomen en dat in de eerste acht maten van If I fell elf van de twaalf noten uit het octaaf worden gebruikt, zoals in de derde aflevering wordt aangetoond.

Men moet er vanzelfsprekend een ware liefhebber voor zijn, om in de eerste uitzending vier keer achter elkaar She loves you in verschillende uitvoeringen te kunnen aanhoren, gevolgd door een fragment uit een amateuropname van hetzelfde nummer, in 1964 opgenomen in de veilinghal van Blokker, waarop de Beatles slechts in de verte staan te zingen, grotendeels overstemd door het meezingende publiek. Maar wel kan daarna worden ingestemd met de door presentator Jan Schippers uitgesproken conclusie dat de groep in de begintijd live beter was dan in de platenstudio - een situatie die overigens al snel veranderde.

Niet alleen wemelt het in deze Beatle-cursus voor doorgewinterde gevorderden van de wetenswaardigheden, maar ook maken de samenstellers fraai gebruik van het geluidsmateriaal dat hen ten dienste stond. Zo laten ze eerst horen dat George Harrison zijn gitaarsolo in Polythene Pam één maat te laat begon, en daarna hoe het zou klinken als die fout was hersteld. In de tweede uitzending trekken ze naar believen gitaarloopjes, achtergrondkoortjes en roffels van Ringo Starr naar voren om de commentaartekst te illustreren. Daarbij wordt niet alleen gebruik gemaakt van de authentieke platen en opnamen uit de recente Anthology-reeks, maar ook van materiaal dat ik nog niet kende - zoals een donzig achtergrondkoortje voor Strawberry fields, dat in het definitieve nummer werd vervangen door celli. En zelfs door diverse fade-outs van de platen op hun oorspronkelijke volume af te draaien, is af en toe nog iets verrassends te horen. Hoewel de serie ietwat stroef op gang komt, met een reeks opnamedata, ontstaat weldra het aanstekelijke soort schatzoekerij waarin Schreuders zo bedreven is. Afgezien van een enkele al te pompeuze opmerking (“met een beetje goede wil kun je volhouden dat George Harrison vooral goed was aan het begin en aan het eind van de Beatles”) valt er veel opmerkelijks in te beluisteren, óók, en misschien wel juist, in al die nummers waarvan je na honderden keren meende ze van haver tot gort te kennen. Aandachtig luisteren naar pop-klassiekers is een genre dat de radio nu eenmaal niet vaak beoefent.