Kunst in de computer

Een groot deel van de website van de kunstmanifestatie Documenta in het Duitse Kassel is aan online kunstprojecten gewijd (www.documenta.de). Onder vier abstracte icoontjes gaan ongeveer dertig kunstsites schuil, van digitale universa tot filmscripts en van sculpturen tot acties voor meer bandbreedte. Overheersend is de stadsmetafoor die sinds het ontstaan van Internet gebruikt wordt als interface voor complexe netwerken.

Data reizigers kunnen in verschillende soorten virtuele werelden en steden ronddwalen en zelfs het binnenste van computernetwerken verkennen.

Cities & Networks bestaat uit een aantal digitale weerspiegelingen van steden of onderdelen daarvan. Onder de naam MetroNet verknoopt de Duitse kunstenaar Martin Kippenberger metro-ingangen met elkaar die hij op verschillende fysieke locaties in de wereld plaatste. De eerste ingang, een cementen trap, werd vier jaar geleden op het Griekse eiland Syros geopend.

In het Canadese Dawson bevindt zich de enige andere 'echte' metro-ingang van het MetroNet. Voor de rest bestaat Kippenbergers installatie uit een reeks luchtroosters in verschillende steden die duiden op het bestaan van metrostations. Op de site vormen de metrostations een imaginair netwerk, waar metropolen als Tokio, Wenen en New York met elkaar verbonden zijn. Het virtuele metrostation New York toont de opwaaiende rok van Marilyn Monroe die op een ventilatierooster staat.

De modelstad van Matt Mullican, Up to 625, deelt zichzelf steeds in vijf of veelvouden van vijf afbeeldingen op een scherm. Terwijl de objecten steeds vastere contouren krijgen, is hun locatie steeds minder duidelijk te bepalen. Waar in de stad ben ik nu? vraagt de bezoeker zich af naarmate hij zich dieper in de structuur begeeft en meer ziet; een gevoel dat veel netsurfers zullen herkennen.

De serie kunstwerken die onder de naam Surfaces & Territories te vinden zijn, houden zich op een andere manier met plaats bezig. Het kunstenaarsduo Jodi verbeeldt een op hol geslagen computernetwerk. Wie in het werk van Jodi verzeild raakt, krijgt al snel de indruk dat zijn eigen computer besmet is met een virus. Waar je ook klikt, het beeldscherm trilt, flikkert en uit het binnenste van de machine stijgen angstaanjagende geluiden op.

Dit effect is het resultaat van zelfgeschreven software die door de browser van de bezoeker wordt geactiveerd en verwarring sticht over de plaats van de storingen.

Op de tentoonstelling in Kassel zelf wordt in het Kino, de centrale hal, netkunst offline gepresenteerd.

De New-Yorkse netkunstenaar Jordan Crandall heeft een licht- en videoinstallatie ontworpen, 'suspension vehicle RF-7600' genaamd, die met vier beamers licht projecteert dat door kleine spiegels aan de wand weerkaatst wordt. Als er mensen door de zaal lopen, verschijnen veelkleurige schaduwen op de muur.

Crandall wil met deze installatie de technologische structuren die ons leven beheersen zichtbaar maken. Op de site van de Documenta bevindt zich een virtuele ruimte die op een van de muren van de zaal geprojecteerd wordt (www.documenta.de/crandall). Met een draadloze muis kunnen bezoekers in deze ruimte navigeren. Zo wordt de fysieke ruimte met de virtuele verbonden.

Op uitnodiging van Catherine David, de directeur van Documenta X, is er in de Orangerie een medialaboratorium ingericht waar tot eind september elf kunstenaarsgroepen telkens ongeveer tien dagen lang te gast zijn om te werken en te discussiëren. Wat er in deze Hybrid Workspace gebeurt, is via de Documenta-site te volgen (www.documenta.de/workspace).

De interactie met de rest van de tentoonstelling bestaat o.a. uit het uitzenden van de dagelijkse lezingen en een serie interviews met bezoekers die live uitgezonden worden en daarna in RealAudio opvraagbaar zijn.