Dow hield informatie stil

ROTTERDAM, 19 AUG. De jury van de rechtbank van de Amerikaanse staat Louisiana in New Orleans heeft gisteren acht vrouwen in het gelijk gesteld die beweren dat het Amerikaanse chemische bedrijf Dow Chemical informatie heeft achtergehouden over de negatieve effecten van siliconen borstimplantaten.

De vrouwen vertegenwoordigen zo'n 10.000 klaagsters. De uitspraak vormt een belangrijk onderdeel in het eerste deel van een tweeledig proces, dat inmiddels vijf maanden aan de gang is. De jury had nog geen twee dagen nodig om tot een beslissing te komen. Eind september begint het proces dat uiteindelijk duidelijkheid moet geven over de hoogte van de schadevergoeding waartoe Dow Chemical zal worden veroordeeld.

In eerste instantie is steeds het bedrijf Dow Corning, voor de helft in handen van Dow Chemical Co. en voor de andere helft eigendom van Corning Inc., door individuele patiënten gedaagd. Dow Corning heeft naar aanleiding van een lawine van schadeclaims in mei 1992 al faillissement aangevraagd. Het bedrijf had toen 4,2 miljard dollar uitgetrokken om te komen tot een 'mondiale minnelijke schikking' waarbij het bedrag zou worden uitgekeerd aan alle vrouwen die een eis hadden ingediend. Maar dat fonds bleek snel ontoereikend toen nog eens honderdduizenden vrouwen eigen procedures begonnen tegen het bedrijf. Na de faillissementsaanvraag hebben de advocaten, die al recht hadden op 1 miljard dollar uit het schikkingsfonds, zich gestort op de moederbedrijven, die overigens nooit siliconenimplantaten hebben geproduceerd of op de markt gebracht. De vrouwen in het onderhavige proces beweren echter wel dat Dow Chemical een rol heeft gespeeld bij het testen van de siliconen.