Minister doet kabinet Nieuw-Zeeland wankelen

WELLINGTON, 18 AUG. De Nieuw-Zeelandse minister van Financiën en leider van de centrumpartij New Zealand First, Winston Peters, weigert de conclusies van een gerechtelijk onderzoek over door hem geuite beschuldigingen over belastingfraude door enkele grote bedrijven en corruptie van de belastingdienst te accepteren. Zijn baas, premier Jim Bolger, leider van de conservatieve Nationale Partij, legt zich wel bij de conclusies van het onderzoek neer. Daardoor komt de centrum-rechtse coalitie in problemen.

Bolger heeft Peters aangeraden de zaak te laten rusten en zijn excuses aan betrokkenen aan te bieden. De Labouroppositie eist dat Peters aftreedt omdat zijn geloofwaardigheid door het rapport is vernietigd.

Volgens de gezaghebbende National Business Review heeft het onderzoek dat de staat vijftien miljoen gulden kostte, geen enkele van Peters' beschuldigingen kunnen bewijzen.

“Peters werd door het onderzoek fel aangevallen voor zijn ongefundeerde beschuldigingen, die topambtenaren hebben beschadigd en de naam van Nieuw-Zeelandse bedrijven in discrediet brachten. Peters heeft het vertrouwen van Nieuw-Zeeland verloren en verdient niet langer deel van de regering uit te maken.”

Peters wil dat een andere rechter de procedures van de gerechtelijke onderzoeker, Sir Ronald Davison, herziet. De voormalig Hooggerechtshof-voorzitter Davison concludeerde dat het bedrijf European Pacific, waarbij enkele van de grootste Nieuw-Zeelandse bedrijven waren betrokken, zich in Nieuw-Zeeland niet aan belastingfraude schuldig heeft gemaakt en dat de Nieuw-Zeelandse belastingdienst correct heeft gehandeld in het onderzoek naar mogelijke fraude. Davison noemde de beschuldigingen van Peters “vals en volledig ongerechtvaardigd”.

In 1993 beschuldigde Peters, toen oppositielid, European Pacific van grootschalige fraude bij transacties aan het eind van de jaren tachtig in de Cook Eilanden waarbij gebruik werd gemaakt van bewijzen van belastingbetalingen in de Cook Eilanden, een voormalig Nieuw-Zeelands gebiedsdeel. Het bankiersbedrijf Fay Richwhite, Brierley Investments en de Bank of New Zealand hadden belangen in European Pacific.

Volgens Peters waren de belastingdienst en het onderzoeksbureau naar ernstige fraude corrupt en incompetent. Door de betalingsbewijzen van de Cook Eilanden werd de Nieuw-Zeelandse fiscus benadeeld, zei hij. De in de Cook Eilanden betaalde belasting werd echter voor het grootste deel terugbetaald, zonder dat dit aan de Nieuw-Zeelandse autoriteiten werd gemeld. Op die manier werd bijna een kwart miljard gulden minder Nieuw-Zeelandse belasting betaald.

Peters presenteerde in het parlement een wijndoos vol verdachtmakende documenten, waarop de regering een onderzoek onder de naam Winebox Inquiry liet uitvoeren. Hij sloeg ook politieke munt uit de verdachtmakingen door in de verkiezingscampagne vorig jaar gebruik te maken van sentimenten dat grote bedrijven met hun ingewikkelde financiële constructies zich hadden onttrokken aan de fiscus, terwijl de gewone man moest bloeden. Zijn New Zealand First behaalde vijftien parlementszetels en kreeg daardoor beslissende invloed, omdat ze met zowel met Labour als met de Nationale Partij kon gaan regeren.

Volgens rechter Davison waren de financiële constructies echter niet onwettig. “Men kan zich afvragen of die transacties moreel correct waren, maar de werkelijkheid was dat belasting door bedrijven als een kostenpost werd beschouwd, die zover de wet dat toeliet, moest worden beperkt”, aldus Davison.

Peters zegt nu dat het onderzoeksmandaat van de commissie te beperkt was. “Sir Ronald zegt dat er een wet is voor gewone Nieuw-Zeelanders en geen voor andere landgenoten. Dat betekent dat de gemiddelde Nieuw-Zeelander belasting moet betalen, maar sommige grote bedrijven niet. Als dat waar is, is onze hele belastingsysteem in gevaar”, aldus Peters.